Belgisch-Nederlandse tournee t/m 29-3; info: 020-6264545.
In het nu door de Vlaamse theatergroep Antigone gespeelde 'De kersentuin' (1904) tekent Anton Tsjechov haarscherp de overgang van de oude naar een nieuwe tijd. Het failliet van de Russische landadel, die zijn ogen sluit voor de werkelijkheid, wordt ingehaald door de ondernemingsgeest van de realist. Aan de verkwistende Ljoebov, die totaal berooid uit Parijs is teruggekeerd op haar landgoed, adviseert Lopachin om de kersentuin te verkavelen tot recreatieterrein met zomerhuisjes. Naar zo'n vulgair plan weigert zij haar oren te buigen. Omdat een meer bij haar stand passende oplossing niet uit de lucht komt vallen, stuurt zij het met die weigering aan op een veiling. En wie koopt daar het landgoed?
“Ik”, zegt Lopachin. Trots en beschaamd. Vissend naar de complimentjes, die hij al weet niet te zullen krijgen. Hij heeft Ljoebov van haar financiĆ«le nood bevrijd en haar tegelijk van haar plek verdreven. Acteur Michael Pas laat voortdurend het wrikken tussen Lopachins nouveau-riche-gedrag en diens goede bedoelingen zien. Met zijn Lopachin heb ik te doen. Hij is roerend oprecht. Een tragische clown, die een graag gewilde goede verstandhouding om zeep helpt met een fout grapje op een verkeerde moment. Niemand, behalve een over het paard getilde huisknecht, lacht als hij het missen van de trein na de veiling probeert te verklaren met een drinkgebaar.
Waardig De Lopachin van Michael Pas is een waardig tegenspeler van de Ljoebov van Chris Lomme. Bij hem wordt de zachtaardigheid bekleed met net te luidruchtig gedrag, met kleren in net niet de goede kleur. Een spirituele lichtzinnigheid en smaakvolle kleding verhullen bij haar een diepe indolentie. Ljoebov jubelt haar vreugde om weer thuis te zijn uit, maar doet ziekte- en doodnieuwtjes van bekenden af met een ongeïnteresseerd 'o'.
'De kersentuin' is in wezen een tragedie. Tsjechov noemde het stuk een komedie. Hij had gelijk. Gespeeld als blijspel is het effect schrijnender. Regisseur Ignace Cornelissen heeft de spelers voorgehouden hun rol zo luchtig mogelijk in te vullen. Het resultaat is een speelse voorstelling, die je zo nu en dan even zou willen stoppen om met name de hoofdrolspelers te smeken toch asjeblieft niet zo met open ogen het noodlot tegemoet te gaan.
In deze 'Kersentuin' geen Russische weemoed. De voorstelling heeft eerder een lijfelijke uitstraling. Een romantische opmerking 'de maan komt op' wordt door de eeuwige student Trofimov geneutraliseerd met zijn kale kop. Hij wordt met zijn boven-de-liefde-verheven-zijn op zijn beurt afgestraft door een greep in zijn kruis door Ljoebov. De arrogante huisknecht Jasja ontfutselt een lijfje en slipje aan het verliefde kamermeisje Doenjasja, wat zij zich naar mijn smaak wat al te onnozel laat gebeuren.
Een vleugje melancholie is er pas op het laatst als het laatste changement - de ontruiming van het huis - letterlijk voor de ogen van de verstomde Ljoebov wordt uitgevoerd. Na de eerdere technische changementen tussen de verschillende bedrijven wordt dit een betekenisvolle tussenscène. De sobere, met in een strakke lijn gevatte dromerige wolkenluchten op de achtergrond toch warmte uitstralende vormgeving (Bart Clement) verandert dan beheerst en onomkeerbaar in de grauwe kaalslag van de nieuwe tijd.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.