*

 
dossier

Archief

De officieren zijn met hun kroongetuige in zwaar weer verzeild geraakt

HANS MARIJNISSEN − 20/01/97, 00:00

AMSTERDAM - De rechtbank in Amsterdam begint vandaag aan een cruciale zitting in het mega-proces tegen de Hakkelaar en zijn twee companen. Predident F. Lauwaars moet zich buigen over de vraag of het openbaar ministerie nog wel het recht heeft Neêrlands grootste drugbazen te vervolgen, nu zij informatie over de deal met kroongetuige Ad Karman heeft achtergehouden.

De officieren F. Teeven en M. Witteveen zitten sinds vrijdag in zwaar weer. Oorzaak is de briefwisseling tussen het openbaar ministerie en de advocaat van Ad Karman. Deze heeft uit naam van zijn cliënt justitie gevraagd of Karman naast de toezegging dat hij niet achter tralies hoeft, ook niet bang hoeft te zijn voor een boete of kaalpluk-procedure.

De officieren schreven terug dat zij dit 'volstrekt' niet van plan zijn, maar dat zij geen harde toezegging kunnen doen. Volgens hen is Karman platzak en zou een boete die hij dus niet kan betalen, leiden tot vervangende hechtenis. Maar celstraf is strijd met het streven hem in een getuige-beschermingsprogramma een veilig, anoniem bestaan te garanderen.

Hoewel de correspondentie dateert uit november, heeft justitie de brieven niet aan de rechtbank overlegd. Donderdagavond, in het staartje van het proces, lekte de extra toezegging aan Karman via Nova alsnog uit en zijn voor Teeven en Witteveen de poppen aan het dansen. Volgens de advocaten misleidden de officieren met het achterhouden van informatie de rechtbank en moet deze doodzonde leiden tot het niet-ontvankelijk verklaren van het openbaar ministerie en vrijlating van hun cliënten.

Het openbaar ministerie stelt zich op het standpunt dat de correspondentie niet behoort tot de deal die met Karman is gesloten en dat een brief waarin door justitie een harde toezegging aan Karman wordt geweigerd, niet in het dossier hoeft. Het is het vraagstuk van de half volle en de half lege fles. Het openbaar ministerie heeft die harde toezegging dan wel niet gedaan, maar in de brief staat wel de intentie van justitie Karman ook financieel met rust te laten. En dat is informatie die aan de rechter had moeten worden verstrekt; deze moet zich immers een oordeel vormen over de vraag of in Nederland verdachten mogen worden vervolgd en veroordeeld met behulp van een nog niet in de wet verankerde kroongetuigeregeling.

President Lauwaars liet vrijdag al duidelijk merken zeer ontstemd te zijn over het achterhouden van de informatie. Persofficier van justitie N. Schaar gooide 's avonds nog wat olie op het vuur door mee te delen dat 'de rechtbank haar huiswerk niet goed heeft gedaan'. In het proces heeft zij ettelijke mogelijkheden laten passeren om de briefwisseling op tafel te krijgen, aldus Schaar. De officier zet met deze uitspraak de zaak wel op z'n kop. Op de eerste plaats hééft de rechtbank meermalen gesteld - met name in de pro forma-zittingen voorafgaande aan het proces - dat alle op de deals met de kroongetuige betrekking hebbende stukken moeten worden overlegd, opdat de afspraken kunnen worden getoetst. Daarbij komt dat het de taak van het openbaar ministerie is alle informatie te presenteren. Een deal met een kroongetuige, heeft ook justitie onderkend, kan alleen worden goedgekeurd als deze aan bepaalde criteria voldoet. 'Openheid' en 'controleerbaarheid' zijn daar twee van.

De cruciale vraag van vandaag is wat het achterhouden van de correspondentie voor consequenties heeft voor de rechtszaak. In het voor justitie zwartste screnario oordeelt de rechtbank dat zij zich misleid voelt en dat het openbaar ministerie het recht op vervolging verliest. Indien de rechtbank de 'niet-ontvankelijkheid' uitspreekt, zouden de Hakkelaar en zijn twee mede-directeuren van de 'Firma' direct op vrije voeten kunnen komen. De kans bestaat echter dat hij direct weer wordt aangehouden, omdat de VS inmiddels om zijn uitlevering heeft gevraagd. Onduidelijk is of dat verzoek al - vertaald - het bureau van het openbaar ministerie in Amsterdam heeft bereikt.

Mocht die niet-ontvankelijkheid er komen, dan is er ook geen 'zaak' meer: de rechtbank zal dus ook niet toekomen aan de inhoudelijke vraag of een kroongetuige in Nederland toelaatbaar is en onder welke voorwaarde. De verwachting is dat de rechtbank het openbaar ministerie niet direct niet-ontvankelijk zal verklaren, maar deze beslissing vermoedelijk 'meeneemt' naar het eindvonnis op 31 januari.

- Vervolg op pagina 3

Wat blijft over zonder Karman VERVOLG VAN PAGINA 1

Indien de rechtbank slechts geïrriteerd is door het achterhouden van de brieven, maar vindt dat dit niet zo ernstig is dat dit moet leiden tot niet-ontvankelijkheid, dan zal de rechtbank zich de komende weken moeten buigen over de ínhoud van de toezegging die het OM aan Karman heeft gedaan.

Naast de belofte dat de kroongetuige ondanks een eventueel vonnis van een rechtbank, niet in Nederland achter tralies hoeft, heeft de rechtbank, blijkt uit de brieven, ook de mogelijkheid niet meer een boete op te leggen. Geen straf, geen boete, geen ontnemingsvordering: opgeteld grenzen deze toezeggingen aan immuniteit van de kroongetuige - en daar wil zelfs minister Sorgdrager van justitie niet aan.

Mocht de rechtbank de deal met Karman afkeuren, dan leidt dit waarschijnlijk tot het uitsluiten van het bewijs dat via hem is vergaard. Op het eerste gezicht blijft er dan genoeg over tegen de Hakkelaar. Justitie heeft nog kroongetuige Fouad Abbas en getuige Van der Plas en technisch steunbewijs. De vraag is echter in hoeverre Karman het overige bewijsmateriaal heeft 'besmet'. Hij was de eerste kroongetuige en op basis van zijn mededelingen is justitie en politie gaan doorrechercheren. Hij was de bron die het onderzoek voedde. Zijn verklaring heeft een vervolg gekregen, maar als deze wordt uitgesloten, wat voor een vervolg blijft er dan over?

mailIcon print |