Van onze correspondent WASHINGTON - Kan president Bill Clinton in staat van beschuldiging worden gesteld als hij inderdaad heeft aangezet tot meineed en de rechtsgang heeft belemmerd? Is het Congres in dat geval bereid een afzettingsprocedure tegen de president te beginnen?
Of tegen een zittende president een vervolgingsprocedure kan worden begonnen is een vraag. Staats- en strafrechtsgeleerden komen niet verder dan speculaties, omdat de situatie zich nog nooit heeft voorgedaan en er geen uitspraak ligt van het Hooggerechtshof. Het hof heeft er in 1974 over gepraat in verband met het Watergateschandaal, maar de leden bleken de grondwet toen verschillend uit te leggen. Toen president Nixon uiteindelijk aftrad en zijn opvolger Ford hem vrijwaarde van strafververvolging vond opperrechter Warren Burger de kwestie niet opportuun meer. De algemene mening is nu dat de enige actie bij presidentiƫle misdragingen impeachment is, een afzettingsprocedure. De Amerikaanse grondwet noemt als gronden: landverraad, corruptie of andere zware misdaden en misdrijven. Die laatste categorieƫn zijn dus ter beoordeling van het Congres, dat de afzettingsprocedure moet beginnen, eerst in het Huis van Afgevaardigden en daarna in de Senaat.
In het geval van Clinton, daarover was een handvol deskundigen donderdagavond op de Amerikaanse tv eensgezind, is zo'n procedure zeer onwaarschijnlijk. Iedere vergelijking met 1974 toen president Richard Nixon een afzetting boven het hoofd hing tot hij eigener beweging aftrad gaat volgens hen mank. Nixon had maandenlang de Amerikaanse constitutie en de scheiding der machten stelselmatig ondermijnd. Clinton heeft, als de beschuldigingen juist zijn, een poging gedaan een seksschandaal in de doofpot te stoppen. Historici wijzen erop dat in de vorige eeuw presidenten als Thomas Jefferson en Grover Cleveland ervan zijn beschuldigd buiten hun huwelijk kinderen te hebben verwekt. Deze eeuw worden de namen van John F. Kennedy en Franklin Delano Roosevelt genoemd in verband met buitenechtelijke relaties, maar pas na hun dood.
Slechts eenmaal is een afzettingsprocedure begonnen, maar de actie tegen president Andrew Johnson strandde in 1868 in de Senaat.
Vervolging wegens meineed of het aanzetten daartoe is hoe dan ook een ingewikkelde zaak, niet alleen omdat er spijkerharde bewijzen nodig zijn en het woord van de ene getuige moet worden afgewogen tegen datvan de andere. Meineed wordt in de VS zelden vervolgd, meestal alleen als de tegenpartij zich benadeeld voelt. Om een meineed vast te stellen moet doorgaans de verdachte worden gevraagd een eerdere verklaring te bevestigen. Wie vreest daarna als meinedig te worden aangemerkt doet dan, zoals gisteren Monica Lewinsky, een beroep op het vijfde amendement dat zegt dat niemand verplicht kan worden zichzelf te beschuldigen.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.