*

 
dossier

Archief

jazz

KEES POLLING − 11/02/97, 00:00

Nog in Nijmegen (Vereeniging, 12), Den Haag (Anton Philipszaal 13), Utrecht (Vredenburg, 14), Roermond (Centrum v/d Kunsten, 15) en Amsterdam (Tropeninstituut, 16).

Al dat slagwerk was er niet voor niets. Want Nueva Manteca richt zich op het gebied van de salsa, het grensgebied tussen Latijns-Amerikaanse dansmuziek en Noordamerikaanse jazz. Dat doet het ensemble al jaren onder de immer gedreven leiding van pianist Jan Laurens Hartong. De groep laat zich daarbij graag inspireren door musici die de salsa met de paplepel kregen ingegoten. Mensen uit Cuba, Puerto Rico of elders uit het Caribisch gebied. Meestal zijn het percussionisten; niet vreemd, want de basis van de salsa is immers het ritme.

De uit Brazilië afkomstige maar voornamelijk in New York als sessie-musicus werkzame Claudio Roditi is wat dat betreft een uitzondering. Hij speelt geen slagwerk, maar trompet, waardoor er ineens drie trompettisten op het podium stonden. En dat was wel weer raar, want Nueva Manteca heeft met Jarmo Hoogendijk al een van de allerbeste trompettisten in de gelederen.

Veranderde er veel met Roditi's aanwezigheid? Nou nee, niet echt. Hij leverde een aardig stuk, 'Tabo Tabo', waarin hij zelf uitvoerig schitterde. Roditi liet zich overigens het hele concert kennen als een puike solist, maar tegen Hoogendijk kon hij toch niet op. Misschien speelde hij ritmisch wat verfijnder, maar dat kan ook suggestie geweest zijn. Qua vindingrijkheid en toonvorming prefereer ik Hoogendijk.

Voller Wat er wel veranderde was de klank van de kopersectie: drie trompetten klinken immers voller dan twee. Maar met drie trompetten en een saxofoon (bespeeld door Hoogendijks vaste maatje Ben van den Dungen) heb je wel een wat erg eenvormig gekleurde blazerssectie. Waarom niet gekozen voor een trombone of voor een extra saxofonist? Salsamuziek kan dat heel goed velen.

Ondertussen liet Nueva Manteca wel horen zo onderhand tot de internationale salsa-top te zijn doorgedrongen. En dat zonder concessies te doen. Echte dansmuziek speelt de groep niet. Het repertoire bevat voornamelijk jazzcomposities met een latin flavour, of stukken waaraan die 'smaak' zonder afbreuk te doen kan worden toegevoegd. Daaronder nummers als McCoy Tyners 'Fly with the wind', Woody shaws 'On the new ark' en Miles Davis' 'All blues'. Stuk voor stuk kregen deze een wervelende vertolking, hetgeen het publiek onvermijdelijk wel degelijk tot dansen uitnodigde.

Gedanst werd er niet in Nick Vollebregts Jazzcafé - daarvoor is er onvoldoende ruimte -, maar bewogen werd er wel: hoofden, voeten, handen. Staand en zittend. Een mooi gezicht was dat. Op het podium gaven de musici zichzelf, in de zaal deden toeschouwers hetzelfde. Een perfecte wisselwerking. Vanachter zijn piano bekeek Jan Laurens Hartong het geheel met glimmende oogjes. Wat meer kan een bandleider wensen?

mailIcon print |