Van onze buitenlandredactie AMSTERDAM - Vluchtelingen uit Oost-Zaïre proberen het Tanganyika-meer over te steken naar Tanzania. Ook in Oeganda komen vluchtelingen binnen. Het gaat om tienduizenden, een fractie van de ettelijke honderdduizenden vluchtelingen die op drift zijn. De vluchtelingen vertellen dat zij hun van dorst stervende kinderen hebben moeten achterlaten.
Volgens de VN-vluchtelingenorganisatie UNHCR zijn de afgelopen dagen zo'n 13 000 vluchtelingen het Tanganyika-meer overgestoken naar de Tanzaniaanse plaats Kigoma. Volgens lokale autoriteiten zouden op andere plekken langs het meer nog eens vijf- à tienduizend vluchtelingen zijn aangekomen. Tanzania herbergt al zo'n 600 000 Rwandese Hutu-vluchtelingen.
De vluchtelingen zijn niet alleen Burundese en Rwandese Hutu's, waarvan er naar schatting 1,2 miljoen in Oost-Zaïrese kampen verbleven, en die hun kampen zijn ontvlucht voor de gevechten tussen de Banyamulenge en het Zaïrese leger. Velen zijn Zaïrezen, die tussen hamer en aambeeld zijn terechtgekomen.
Een Tanzaniaanse arts vertelde aan een lokale krant dat drie vluchtelingen na aankomst waren gestorven; twee kinderen, en één vrouw die moest bevallen. “Veel vrouwelijke vluchtelingen vertellen dat ze hun kinderen (in Zaïre) hebben achtergelaten omdat ze dood waren of omdat ze niet meer konden lopen”, aldus een woordvoerster van de VN-kinderorganisatie Unicef.
In Oeganda zijn sinds het uitbarsten van de gevechten, eind vorige maand, ruim 13 000 vluchtelingen binnengekomen. Het VN-Wereldvoedselproject (WFP) heeft een team naar het grensgebied met Zaïre gestuurd om de situatie op te nemen.
Hoewel nog altijd geen duidelijkheid bestaat waar de ettelijke honderdduizenden vluchtelingen uit de kampen in Oost-Zaïre precies zijn gebleven, heeft het er alle schijn van dat de meesten van hen de binnenlanden van Zaïre zijn ingevlucht - naar onherbergzaam, vulkanisch terrein waar water en voedsel schaars zijn.
Bescherming
De mensenrechtenorganisatie Amnesty International heeft gisteren gewaarschuwd dat het instellen van gegarandeerde humanitaire corridors naar Rwanda en Burundi alleen zin heeft als wordt ingestaan voor de veiligheid van terugkerende vluchtelingen. Momenteel wordt in internationaal verband gesproken over bewaakte doorgangen naar Burundi (bij de plaats Uvira) en naar Rwanda (bij Bukavu en Goma). Hoewel enig tastbaar resultaat van die gesprekken niet op handen lijkt, noemt de organisatie de nadruk die nu wordt gelegd op de terugkeer van de vluchtelingen, 'kortzichtig'.
Enkele honderden vluchtelingen uit Zaïre zouden in Burundi zijn vermoord, na passeren van de grens. In het gebied zijn geen vertegenwoordigers van buitenlandse hulporganisaties. Ook de mensenrechtensituatie in Rwanda maakt het noodzakelijk dat vluchtelingen onder internationaal toezien blijven, meent Amnesty.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.