*

 
dossier

Archief

Dagtochten voor een habbekrats

DOOR HARO HIELKEMA − 12/09/98, 00:00

Voor een dagrecreant in Nederland is geld uitgeven een fluitje van een cent. Je hoeft maar als Familie Doorsnee voor de poort van de Efteling of een andere attractie te gaan staan en de bankbiljetten vliegen als warm gebraad je portemonnee uit. Honderdzestig gulden voor twee kinderen en twee volwassenen ben je zo kwijt; en daar zit het drank- en eetgelag vaak nog niet eens bij.

Eén keer zo'n prijzig pretpark is voor een hoop mensen blijkbaar nog te betalen, bij een tweede dagje-uit worden de financiële bedenkingen al een stuk groter. Aan de berekeningen van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) lees je dat overigens niet meteen af: de Nederlanders maken jaarlijks met elkaar 230 miljoen dagtochtjes, ze zorgden in 1996 voor een omzet van 15 miljard gulden, gemiddeld geeft de dagjesklant per persoon 36 gulden uit (het trein- en buskaartje en de benzine niet meegerekend).

Toch is er een schreeuwende belangstelling voor dagtochten voor de smallere beurs, voor een attractie waarbij je niet meteen gaat lopen dralen en dubben als je de entréeprijs onder ogen krijgt. Dergelijke gelegenheden, met toegang of deelname voor minder dan tien gulden, zijn er legio. Ze zijn alleen vaak zo onbekend. Zelfs een geheide inwoner uit de Zak van Zuid-Beveland hoort verbaasd op over een wijnmakerij in zijn buurt (Nieuwdorp), waar je voor nop wijn van zwarte bessen kunt proeven. Het gros van de Dordtenaars kijkt je glazig aan als je informeert naar het Rondje Dordt dat je tegenwoordig voor _ 8,50 per boot kunt maken. En hoeveel Amsterdammers weten van het bestaan van de Hollandse Manege achter een eenvoudig deurtje in de buurt van het Vondelpark, en hoeveel hebben er ook daadwerkelijk gratis een kijkje genomen?

De Stichting Toerisme & Recreatie AVN (een samenwerkingsvervand van ANWB, de gezamenlijke VVV's en het Nederlands Bureau voor Toerisme) overweegt volgend jaar een boekje met tips en ideeën voor 'Nederland onder een tientje' samen te stellen, maar nu weten ze bij AVN dat zo'n initiatief een succes wordt. En niet alleen omdat Nederlanders graag hun naam als krentenwegers hoog houden. Er zit in de bulk van goedkope attracties zoveel variatie, dat er voor iedereen altijd wel wat wils is. Het zijn vaak van die onbekende initiatieven. En doorgaans hebben ze geen rijen wachtenden voor de deur, maar kun je er in alle rust in je uppie rondscharrelen.

Neem nou het Fruitteeltmuseum in Kapelle, dorp onder de rook van Goes: in een oude school wordt een 'ontdekkingsreis' door de geschiedenis van het fruit gemaakt. Herakles kom je er tegen met de gouden appels van de Hesperiden, Eva met de verboden vrucht en Jip en Janneke die spreeuwen wegjagen. Er wordt door de zure appel heen gebeten, de oude en moderne teeltwijzen worden uitgebeeld, er staat een pot met peertjes uit 1928 en in een mooie tuin achter het museum loop je tussen fruitbomen met oude rassen als kleiperen of de Schone van Boskoop uit 1800.

Geen interesse in dit museum, dat met z'n jeugdatelier en spelletjes (appels en peren kruisen) vooral geënt is op kinderen? Voor de prijs hoef je het niet te laten (volwassenen twee gulden, kinderen half geld). Dan is de Rozentuin in Kats misschien een alternatief. Verstopt in Noord-Beveland is het volgens eigenaar en voormalig biologieleraar Lenze Plass de grootste en mooiste rozenverzameling van Europa: met 1200 soorten de 'Bijenkorf voor rozen'. Al laat je al die geuren alleen maar je neus inlopen, adviseert Plass, zelfs dat is al genieten. De verwijsbordjes naar de tuin, die hij in het Zeeuwse polderland neerzet, worden steevast door de politie weggehaald en toch krijgt hij jaarlijks bijna 25 000 bezoekers. “Als deze tuin in Engeland zou liggen, had je bij Dover al bordjes gehad die de richting aangeven.”

Een luisterrijke tuin en die Plass is een aanstekelijke verteller, maar u zoekt iets meer avontuur? Enkele tientallen kilometers naar het westen ligt het voormalige werkeiland Neeltje Jans, hart van de Deltawerken. Naast allerlei attracties op dit WaterLand die een tientje overstijgen, kun je je ook meten met die ene pijler die ooit gebouwd is als reservepilaar voor de Oosterscheldedam en die nu doelloos in het water lijkt te staan. Lijkt, want de pijler doet sinds kort dienst als klimwand. Voor tien piek kun je er naar toe varen, klimmen, hangbruggen en klauternetten (en naar men zegt ook hoogtevrees) overwinnen, en onder begeleiding abseilen.

Ietsje minder spannend is dat Rondje Dordt van 8,50 gulden. Fluisterzacht vaart de boot sinds half mei door het waterverleden van Dordrecht onder druppende bruggen van gietijzer door, langs donkere steegjes en joekels van pakhuizen. Na de beschutting van de oude koopmanshuizen kiest de schipper voor het spektakel van Oude Maas, Noord en Merwede _ rivieren die zelfs bij windstilte nog schuimkoppen, vanwege het drukke scheepvaartverkeer.

Varen doen ze in Boskoop trouwens ook al jaren. Vanuit het Boomkwekerijmuseum trekken voormalige kwekers met publiek de polders in, tuffen langs akkers waar de azalea groeit en de buxus bloeit en verhalen van hun oude ambacht, van moederplanten en afleggers, van nommerlatten en kloeten. Acht piek kost het tochtje, elke zaterdagmiddag om twee uur vertrekt de boot en door de week op afspraak. Aan de enorme collectie oud tuingereedschap in het museum zelf (f 4,50 entrée) zie je dat Boskopers bijna nooit iets weggooien.

Word je in Boskoop stijf van het zitten, in Noordwijk komt dat van het steppen. Voor drie rijksdaalders krijg je bij de NJHC-herberg De Duinark een reuzenstep mee om een 'stepsafari' van een uur door de duinen te maken. Lach niet: het is een prachtig stukje natuur bij Langevelderslag (je kunt dus ook op het eerste het beste bankje zitten uitrusten en genieten) en na afloop voel je spieren waarvan je het bestaan nooit vermoedde. Zelfs steppen bij nacht is mogelijk, als het moet met veertig man.

Deze opsomming beslaat nog maar een fractie van de gids die AVN in gedachten heeft. Legio kleine musea zullen er een plaats in krijgen, met de meest uiteenlopende thema's: kaarsen en kazen in Gouda, marsepein en chocolade in Nieuw-Vennep, sport in Lelystad, wijn in Cadier en Keer, wekkers in Meijel. Wandel- en fietstochten komen er in, maar ook tuinen en kasteeltorens, een natuurpark en een sterrenwacht, een doolhof en een steenkolenmijn. Zolang de attractie maar onder een tientje blijft, mag het. Daar zal de consument blij mee zijn.

Informatie over attracties zijn te verkrijgen bij VVV- en ANWN-kantoren.

mailIcon print |