*

 
dossier

Archief

COLUMN

KEMPER − 06/01/98, 00:00

Vorig jaar kwam ik onverhoeds in aanraking met het legpuzzelwezen. Een jubilerende drukker stuurde een puzzel op die voor een tijdje in een kast terechtkwam en plotseling, zonder duidelijke aanleiding, op tafel.

Ik had wel eens bij andere mensen (gèèn vrienden maar zonderlinge wereldverbeteraars, veel vetplanten, halve vitrages) zo'n stuk hardboard zien liggen. Een puzzelrand en troosteloze hoopjes op kleur gesorteerde stukjes, die moesten uitmonden in een slechte kopie van de Nachtwacht, daar moet toch een dokter bij? Enfin, per ongeluk lagen opeens vijfhonderd stukjes op tafel, die tezamen een bonte vlinder tegen een van licht- naar donkergroen schemerende achtergrond moesten vormen. Na een half uur was duidelijk dat de zaak niet voor het avondeten geklaard zou zijn. Waar laat je je halfaffe puzzel of, eerlijk gezegd, die twintig randstukjes die een zekere samenhang lijken te hebben. In de kelder stond een oud tafelblad, en daarmee is de legpuzzel in aanbouw een vast bestanddeel van de huiskamer geworden.

Een puzzel op vijf verder beschouw ik mij nog niet direct als deskundige, maar onderweg steek je toch heel wat op. Hoek- en randstukjes eerst, zeker. Maar elke puzzel of liever gezegd elke fabrikant stelt zij eigen eisen. Soms zijn er liggende en staande regels te ontdekken, andere puzzels doen wat dat betreft maar wat. Soms is kleur van belang, soms gaat het juist om de vorm. Fotografische voorstellingen stellen andere eisen aan kleurovergangen en dus aan het zoeken dan geschilderde, en altijd geldt dat een eenmaal gemaakt foutje je onevenredig opbreekt in een latere fase, als de halve puzzel moet worden afgebroken omdat een stukje gras toch eigenlijk klimop lijkt te zijn. En een belangrijke les: als de ogen de kleursortering en -selectie niet meer aankunnen moet je op vormselectie overschakelen en vice-versa. Het heeft dan geen zin om naar die lichte okerschakerig te blijven zoeken.

Meer algemeen geldt trouwens dat aan het concentratievernogen de grootst mogelijke betekenis moet worden toegekend. Het voeren van een gesprek leidt tot niets, maar ook muziek die tot luisteren noodt maakt de zaak niet beter. Vermoeidheid gaat op zeker moment zelfs haar tol heffen.

Het wachten is op een ordentelijke competitie. Vijf deelnemers bijvoorbeeld, met vijf puzzels met verschillende voorstellingen en afkomstig van verschillende fabrikanten, en dan rouleren, met een klok erbij omdat er op gezette tijden geslapen of gegeten moet worden. Het zou wel iets voor de televisie kunnen worden, want het is spannend, het oog krijgt ook wat, er zijn verkapte sponsormogelijkheden en de kijker kan als het ware meedoen met het uitzoeken van stukjes. Kom daar maar eens bij tennis om, dat het meest wordt uitgezonden en waar het minst naar blijkt te worden gekeken.

mailIcon print |