DEN HAAG - Met een aantal tegendraadse politieke keuzen, zoals verbetering van de koopkracht van mensen met een minimuminkomen met tien procent, miljardenbezuinigingen op defensie en belastingverhoging voor de midden- en hogere inkomensgroepen, plaatst GroenLinks zich bij voorbaat buiten de regeermacht.
Uit deze keuzen, die vandaag en morgen op het verkiezingscongres van de partij in Zwolle worden besproken, blijkt althans een forse programmatische afstand tot zowel de paarse partijen PvdA, VVD en D66 als het opponerende CDA.
Historisch gezien is dat misschien niet zo verrassend. GroenLinks voert sinds haar oprichting in 1989 oppositie en van de vier partijen waaruit zij is voortgekomen, droeg alleen de PPR in het befaamde kabinet-Den Uyl in de jaren zeventig regeringsverantwoordelijkheid. Maar in het heersende politieke klimaat van vervagende tegenstellingen is het wel degelijk opvallend dat de partij willens en wetens positie buiten de hoofdstroom kiest.
Dat geldt nog meer na de wijze waarop de Tweede-Kamerfractie onder aanvoering van Rosenmöller tegen het paarse kabinet-Kok oppositie voerde. Die was stevig, af en toe zelfs bijterig, maar constructief. Met die stijl borduurde GroenLinks in de nationale politiek voort op de lijn van de PPR, verpersoonlijkt door Beckers en Lankhorst, veel meer dan die van de ideologisch scherper getekende pacifistisch-socialistische PSP en communistische CPN.
Oude scheidslijnen
De wetgevende initiatieven van Rosenmöller in de vorige en lopende regeerperiode, om de positie van allochtonen op de arbeidsmarkt te verbeteren en deeltijdarbeid te stimuleren, hebben dat beeld alleen maar versterkt. In beide gevallen zocht het GroenLinks-Kamerlid dwars door oude scheidslijnen heen naar verrassende bondgenoten, zoals de VVD in het eerste en het CDA, zij het vergeefs, in het tweede geval.
Door zijn manier van opereren heeft Rosenmöller de partij verder uit de hoek van politiek sektarisme gehaald en leek hij steeds meer af te steven op regeermacht. Niet voor niets werd hij de afgelopen jaren vanuit andere partijen dikwijls geprezen en zelfs een prima ministerskandidaat genoemd. Ook namen de laatste tijd speculaties toe op regeringsdeelname van GroenLinks, bijvoorbeeld in een kabinet met PvdA en CDA. Zo'n combinatie zou getalsmatig in deze periode mogelijk zijn geweest.
Toenadering
Die speculaties waren niet zo wild als aanvankelijk leek. Zij kwamen voort uit een opmerkelijke inhoudelijke toenadering tussen GroenLinks en CDA. Beide partijen leggen een zwaar accent op de gemeenschap en de sociale verbanden, zij zetten zich af tegen de dominantie van het marktdenken en het individualisme in paars. Toch geven beide partijen, nu de verkiezingen naderen, aan zich in elkaars gezelschap ongemakkelijk te voelen.
Het CDA maakte dat duidelijk door, ondanks grote druk vanuit de eigen gelederen, de deeltijdwet van Rosenmöller te torpederen. GroenLinks laat dat uit haar prioriteiten blijken. Op een aantal essentiële punten is de afstand tot het CDA zeer groot.
Zo trapt GroenLinks tegen christen-democratische schenen door drie miljard gulden te bezuinigen op defensie, het financieringstekort op het huidige niveau te handhaven of zelfs iets te verhogen, twee miljard gulden te schrappen op de aanleg van nieuwe wegen, en een half miljard gulden per jaar uit te trekken voor een ruimhartiger asielbeleid.
GroenLinks ziet weliswaar, net zoals het CDA, af van een lastenverlichting voor iedereen, maar het heeft daartegen een aantal verhogingen van belastingen en premies in petto waar de christen-democraten van zullen gruwen. Op dit punt is het verschil met de paarse partijen nog veel pregnanter.
Met dit programma lijkt GroenLinks meer op de CPN en de PSP, vooral met het voorstel om de koopkrachtverbetering voor de minima van zes miljard gulden voor de helft te financieren door een forse greep in het defensiebudget. Het is de vraag of Rosenmöller hiermee erg gelukkig is. GroenLinks kiest met dit program voor oppositie en gaat alleen de strijd aan met de SP.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.