Van onze verslaggeefster ROERMOND - “Ik was niet zenuwachtig. Wat hebben we nou gedaan? Het toneel is toch niet moeilijk”, zegt Leonardo. De 9-jarige jongen uit Bosnië heeft enthousiast een pinguïn gespeeld in de eindpresentatie van de driedaagse workshop van de Stichting Beestenbende.
Deze stichting geeft sinds mei 1995 workshops toneel en mime voor kinderen in asielzoekerscentra. Gisteren vond de eindpresentatie van de veertigste workshop in het asielzoekerscentrum van Roermond plaats.
Het was een succes, de kinderen speelden vrolijk het stuk en waren niet gespannen. Dat is ook de bedoeling van de Beestenbende. “Voor de kinderen moet het in eerste instantie leuk zijn. We proberen voor hen binnen het centrum even een prettige eigen wereld te scheppen. De voorstelling is even belangrijk als de rest, er moet geen extra spanning zijn”, vertelt theaterdocent Mark van Bruggen (33).
Vanwege de verschillende nationaliteiten is gekozen voor universele thema's. In drie scènes spelen de kinderen een jungle, een woestijn en de Noordpool na. De nadruk ligt daarbij vooral op beweging. Zo worden de waggelende bewegingen van pinguïns, in de laatste scène, overdreven geïmiteerd. In de kostuums die door de Beestenbende worden geleverd, zwiepen kinderen uit alle delen van de wereld over het podium. “Kinderen die niet goed in hun lichaam zitten, laten we de zwaar en langzaam lopende kameel spelen. Dan aarden ze weer”, aldus Mark.
Het publiek bestaat vooral uit jongere kinderen uit het asielzoekerscentrum, zij mogen volgende week aan een workshop meedoen. En ze hebben er zin in. Er wordt enthousiast meegeschreeuwd. De zesjarige Fatima vertelt zich te verheugen op volgende week. “Optreden is niet eng. Ik ben nooit bang.” Opvallende afwezigen in het publiek zijn de ouders. Er zitten er maar een stuk of zes. “Dat is altijd zo”, vertelt Mark. “Het zal wel iets met onze manier van werken - we zijn er echt voor de kinderen - en de andere cultuur hebben te maken.”
“Je vind de kinderen nu enthousiast, maar had je ze maandag moeten zien. Zo gespannen en ingehouden.” Er komt, volgens Mark, heel wat los in de drie dagen. Leonardo die na afloop stoer vertelde dat hij misschien wel toneelspeler wil worden, blijkt anders een hele rustige en stille jongen te zijn. Mark: “Wat met sommige kinderen gebeurt, lijkt wel bovennatuurlijk. In het asielzoekerscentrum van Veendam was een jongen die moeilijk liep en nauwelijks kon praten. Hij sleepte zijn lichaam als een zware last met zich mee. We lieten hem de dartelende vlinder in de jungle spelen. Eerst dacht hij dat niet te kunnen, uiteindelijk deed hij het wel, op een manier alsof hij geen handicap had. Zijn zelfvertrouwen groeide. In de scène dat een paar kinderen een wind spelen en anderen moeten wegblazen, stak de jongen gewoon zijn middelvinger op. Hij liet zich niet wegblazen.”
Kinderen in asielzoekercentra worden vaak niet als individu behandeld. Zo zijn er bijvoorbeeld geen speciale lesprogramma's voor zwakbegaafden. De Beestenbende besteedt daarom veel aandacht aan ieder kind apart. “We geven ze een naam. Ze moeten het gevoel krijgen dat ze ook iemand zijn.” De afsluiting van de workshop is tekend voor deze benadering. Eén voor één worden ze naar een andere kamer weggeroepen. De andere kinderen weten niet wat daar gebeurd. Degenen die uit de kamer terugkeren, lachen geheimzinnig en hebben iets onder hun trui. Later blijkt dat ze allemaal een knuffel mochten uitzoeken en een gesprekje met iemand van Beestenbende hebben gehad.
“Dat gesprekje gaat gepaard met een afscheidsritueeltje, om aan te geven dat het echt is afgelopen. En dat ze drie dagen lang echt in een andere wereld zijn geweest. Deze kinderen hebben al zo vaak ineens afscheid moeten nemen, bijvoorbeeld van hun doodgeschoten vader of hun land, dus dit moet echt duidelijk zijn”, verklaart Mark. Hij heeft zelf ook moeite met het afscheid. “Je bouwt toch iets op in die dagen. Wanneer ik daarna thuiskom en mijn eigen blanke kindje in de tuin zie lopen, dan weet ik weer dat ik deze oorlogskinderen iets moois moet proberen te bieden”, verzucht de theaterdocent. “Het is niet altijd makkelijk te werken met kinderen met trauma's. Soms gedragen ze zich echt raar. Maar als er eentje een potlood in iemands rug steekt, dan moet hij weg. Ze moeten ook leren dat er grenzen zijn.”
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.