*

 
dossier

Archief

MOORDEN

ROB SCHOUTEN − 18/01/97, 00:00

Onlangs kocht ik op een veiling de Encyclopedia of Assassinations. Ik wist niet dat er zo'n naslagwerk over de menselijke hebbelijkheid elkaar naar het leven te staan bestond, en sinds het boek in huis is, zit ik er voortdurend in te bladeren.

Om in deze encyclopedie terecht te komen moet men een beroemd slachtoffer zijn; de vrouwen die Jack de Ripper slachtte staan er dus niet in, daarentegen wemelt het van de presidenten, vorsten, beruchte gangsters en pausen. 'Moord is een extreme vorm van kritiek', heeft Shaw eens gezegd, en dat geldt ook hier. Mijn eigen voorvader Jan Dirk de Bresser die in 1519 tijdens een ruzie in een herberg vermoord werd krijgt daarom in dit boek geen laatste rustplaats, want deze lokale moordpartij ging over geld en had dus niets met een 'extreme form of censorship' van doen.

Het meest geïntrigeerd raakt men niet door de teksten, die een taaie opeenvolging van schietpartijen leveren (politieke moorden worden vrijwel altijd met vuurwapens uitgevoerd, want het moet snel gebeuren - de ijshouweel waarmee Trotski werd afgemaakt vormt een uitzondering), maar door de afbeeldingen. De beroemdste dode in dit opzicht is uiteraard Marat, keurig in bad, ganzenveer en executiebevelen nog in de hand. Ook de moord op de Franse koning Hendrik III mag er wezen: je ziet een dansende monnik die hem beleefd een mes in het onderlijf stoot, terwijl de vorst verbaasd toekijkt. Het lukt de kunst maar niet om een moord natuurgetrouw in beeld te brengen, waarschijnlijk zit de gedachte dat er iets heroïsch moet plaatsvinden de schilders dwars.

Pas met de komst van de fotografie verandert de traditie van geposeerde moordaanslagen - foto's liegen immers niet - maar nu is de realiteit de fotograaf weer te snel af. Zelfs de beelden van de moord op John F. Kennedy hebben iets geïmproviseerds dat wel de authenticiteit, maar niet de duidelijheid ten goede komt. Een uitzondering vormt de beroemde foto van de moordaanslag op burgemeester Gaynor van New York in 1910, genomen nog voóó zijn eerste krimp. “Kijk, wat prachtig! Overal bloed op 'm en nog exclusief ook”, moet de hoofdredacteur van de Evening World uitgeroepen hebben bij het zien van die foto. Het gekke is dat het lijkt of Gaynor waardig poseert, net als Marat en Hendrik III, een perfect slachtoffer dat niet bij het misdrijf hoort, waardoor we het tenminste kunnen verdragen.

mailIcon print |