Professor Hartog, wat moeten we nu precies verstaan onder de Hartog-constante?
O, da's heel eenvoudig. Sinds mensenheugenis verlaat een derde van de leerlingen het onderwijs zonder diploma.
Hebben ze dan geen enkel diploma?
Nee, zo moet u het niet zien. Ze hebben geen diploma van de laatste school die ze bezochten. Wie het HBO verlaat zonder diploma, heeft natuurlijk nog altijd het Havo-diploma. De Hartog-constante gaat over leerlingen en studenten die zakken voor het eindexamen, of halverwege van school gaan. Het laatste deel van hun schoolcarrière is dus niet met succes bekroond.
En waarom heet die verhouding de Hartog-constante? Wat hebt u daarmee te maken?
Maar ik heb het ontdekt! Achteloos eigenlijk, zoals je wel meer patronen in cijfers vindt als je onderzoek doet.
En toen hebt u dat getal naar uzelf genoemd?
Nee, zo ging dat niet. Een aantal jaren geleden was ik lid van de Commissie-Leerwegen. Dat was een commissie die Minister Ritzen moest adviseren over bevordering van goede leerroutes in het onderwijs. Leerlingen en studenten moesten worden aangemoedigd om een verstandige leerweg te kiezen, zo goed mogelijk passend bij hun capaciteiten en met zo min mogelijk verspilling. Voor die commissie werden we gevraagd om materiaal aan te dragen dat van belang was. En ik heb toen verwezen naar een boekje dat ik in 1980 heb gepubliceerd.
Met een hoofdstukje over de Hartog-constante?
Nee, gewoon, ergens tussen mijn analyses stond de waarneming van die opvallend constante verhouding. En de secretaris van die Commissie vond dat zo interessant dat hij het opnam in het eindrapport Leerwegen gewogen, in een mooie grafiek op pagina 53.
En die constante geldt sinds mensenheugenis, beweert u?
Ja. Maar mensenheugenis is bij ons niet langer dan de cijferreeksen van het CBS. In mijn boekje vond ik een constante van 1961 tot 1977. Voor de Commissie Leerwegen is die reeks toen doorgetrokken tot 1990. En de Hartog-constante was nog steeds constant.
Heeft het begrip Hartog-constante snel inburgering gevonden?
Nee, helaas niet. U begrijpt dat dit voor mij een bittere teleurstelling was. Economen willen ook wel eens een constante of een wet op hun naam hebben.
Maar u kunt uw ontdekking toch van de daken schreeuwen?
Ja, misschien heb ik wel te weinig aan de weg getimmerd. Maar mijn persoonlijke tragiek is onderdeel van een algemeen patroon. Dat besef geeft me overigens veel troost. Kijk, wij onderzoekers roepen natuurlijk na elk onderzoek dat meer onderzoek nodig is, omdat nog vele vragen onbeantwoord zijn. Dat is natuurlijk ook zo. Maar er is ook veel wel bekend. En de kunst is om op het juiste moment de juiste kennis bij de hand te hebben. Er wordt nu veel gesproken over de kennismaatschappij en nieuwe leerpatronen, waarbij mensen veel meer hun eigen kennismakelaar moeten worden, en geen opslagtank van parate kennis. Maar het is allang zo dat kennisoverdracht een heel traag en inefficiënt proces is. We besteden twintig jaar van ons leven aan leren, dat is de helft van ons actieve leven! En zelfs in die tijd kunnen we niet aan iedereen alle kennis van voorgaande generaties overdragen. Zo iets geldt ook voor wetenschappelijke kennis. Je moet je voorstellen dat er een mamoettanker vol kennis voor anker ligt en dat wij iedere keer met kleine rijnaakjes daar stukjes uit halen voor de actualiteit. Zo was ik dus verrast toen ik een tijdje terug alarmerende berichten las over het hoge percentage voortijdige schoolverlaters. Een paar weken terug refereerde nog iemand met ongeloof en ophef aan 37 procent voortijdige schoolverlaters in Amsterdam. Ho, ho, denk ik dan. In die mammoettanker van kennis ligt toch de Hartog-constante. Niks bijzonders toch?
Houdt u het verloop van de Hartog-constante voortdurend in de gaten?
Nee, het is niet zo dat ik de CBS statistieken raadpleeg voor ik aan de nieuwjaarsborrel ga. Maar omdat ik wist dat u zou komen heb ik even de laatste editie van het Statistisch Jaarboek nagekeken.
En?
Het percentage voortijdige schooluitval is dramatisch gestegen. Sinds 1993 ligt het al drie jaar rond de 43 procent.
Wat vindt u daarvan?
Ik weet niet wat ik het ergste vind. Nu mijn mooie constante niet meer constant is, kan ik natuurlijk wel fluiten naar eeuwige roem. Maar denk eens aan de verspilling, de persoonlijke drama's en geknakte ambities van al die jongeren en al die duwende, sleurende en trekkende ouders! En aan al die docenten die hun enthousiasme gesmoord zien in een moeras van apathie.
U bent ontgoocheld?
Ach nee. Niet persoonlijk. Er zit een heel mooi onderzoekprogramma in.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.