*

 
dossier

Archief

TWEEDE FASE VOORTGEZET ONDERWIJS

MAAIKE VAN HOUTEN − 24/01/96, 00:00

Brechtje Eshuis (17), klas vijf van het Vossiusgymnasium in Amsterdam, had gedacht dat ze deze huiswerkvrije weken lekker veel leuke dingen zou kunnen doen. Daar komt dus niks van. Het experiment op haar school met het 'studiehuis' maakt haar moe. Meer dan eten en een beetje voor de tv hangen zit er 's avonds niet meer in.

H et klinkt misschien vreemd, maar dat effect is precies wat oud-staatssecretaris van onderwijs Ginjaar-Maas op het oog had toen ze haar plannen voor het studiehuis lanceerde. Zij vindt dat de leerling in het huidige klassikale systeem veel te passief is. Actief aan de slag gaan, uitgedaagd worden, zelfstandig werken, dat zijn dingen die haar veel meer aanspreken. Daarom zou ze graag zien dat mèt de invoering van vier 'vakkenprofielen' - in plaats van de vrije vakkenpakketkeuze - de tweede fase van havo en VWO wordt omgebouwd tot een studiehuis. Verplicht is dat niet; wie denkt met de oude methoden de nieuwe situatie te lijf te kunnen gaan, kan rustig zijn gang gaan.

De plannen worden op zijn vroegst in 1998 ingevoerd, maar diverse scholen in het land vinden het verstandig nu alvast met dat studiehuis te experimenteren. Volgens secretaris Bob Huijssoon van de stuurgroep tweede fase doen 150 scholen dat min of meer onder auspiciën van de stuurgroep. Zij krijgen er ook geld voor. Daarnaast is een groot aantal scholen buiten het gezichtsveld van de stuurgroep bezig met een of ander experiment(je). In die categorie zit het Vossiusgymnasium in Amsterdam.

De negentig vijfdeklassers hebben de maand januari elke dag drie uur gewoon les. Daarna doen ze in twee blok-uren van negentig minuten aan 'zelfverantwoordelijk leren'. Dat komt er in het kort gezegd op neer dat ze geen les krijgen in hun eigen klas en dat ook het klassikaal lesgeven vaarwel is gezegd. De leerlingen werken, vaak in groepjes, aan opdrachten. Als ze vastzitten, kunnen ze de hulp inroepen van een vakdocent. Ter afsluiting van het project eind krijgen ze een toets. Bij Engels is dat een gesprek, bij geschiedenis maken ze een werkboekje en bij biologie heeft het iets van doen met praktika.

“Dit is een intense verandering voor de leerlingen,” merkt waarnemend conrector en geschiedenisdocent Jan Blokker. “De helft van onze leerlingen komt van een Montessorischool, maar binnen een maand hebben we ze afgeleerd om zelfstandig te werken. Dat moeten ze dus opnieuw leren en dat vergt veel van hun planningsvermogen, van hun inzicht en verantwoordelijkheid.”

Door de gangen lopend ziet hij dat leerlingen het druk hebben, dat ze grote problemen hebben met plannen, dat ze niet gewend zijn aan groepsoverleg, dat zijn collega's misschien teveel hebben opgegeven. Misschien? Zéker, zegt Brechtjes klasgenoot Marian Kok. “Voor biologie en scheikunde moeten we heel veel doen, maar die vakken zijn nog te redden. Grieks en Latijn gaan niet lukken. Dat is gewoon veel te veel.”

Marian heeft wel de indruk dat ze deze weken meer leert dan normaal. “Je hoeft niet de hele dag naar het geouwehoer van de leraar te luisteren. Ik denk dat je in minder tijd meer leert.” Anderzijds gaat er ook veel tijd verloren, zegt ze. Bij geschiedenis hebben ze eerst drie uur zitten kletsen hoe ze de opdracht te schrijven over 'vrouwen in de islam' zouden aanpakken. Gisteren waren de meisjes uit de groep op aanraden van hun lerares in een Turks badhuis. Daar is ze nu nog helemaal vol van - maar voor het project zelf had zij er eigenlijk niets aan.

Docent Jan Blokker is enthousiast, maar ziet ook voetangels en klemmen. Zonder intensieve begeleiding wordt zelfverantwoordelijk leren een flop, zegt hij, “en ik denk dat er te licht wordt gedacht over de begeleidende capaciteiten van teams.” Als tweede minpunt noemt hij de behuizing. Zijn oude gebouw is niet op dit niet-klassikale lesgeven gemaakt. Voorlopig is het verbouwde pand van het Montessori College in Nijmegen, met zijn studeerhokken en collegezaal, een eenzame voorloper van de ruimtelijke inrichting van het studiehuis.

En het zelfstandig leren maakt het klassieke leren niet overbodig, vinden leraren èn leerlingen van het Vossius. Woordjes leren, dat moèt gewoon thuis, op je eigen kamer vinden Marian en Brechtje. “Wat ik leuk vind aan geschiedenis is een goed verhaal”, zegt Blokker. “Dat moet niet verdwijnen.”

mailIcon print |