*

 
dossier

Archief

Felle concurrentie in Gaza-stad tussen poster-plakkers van Arafat en Hamas-leider

INEZ POLAK − 08/10/97, 00:00

AMSTERDAM - Soeha hand in hand met Halima ter verwelkoming van sjeik Ahmed Jassin. Dat was het beeld waar de camera's op vielen, de vrouw van de PLO-leider Jasser Arafat samen met de vrouw van de vrijgelaten Hamas-leider.

In het drama rond de mislukte Israëlische Mossad-aanslag in Jordanië en de vrijlating van Jassin is niet alles wat het lijkt te zijn. Misschien was dat niet gefilmde beeld van de heldenverwelkoming in Gaza juist sprekender: want terwijl de Hamas-aanhangers eropuit trokken om de stad te tooien met de portretten van hun leider, werden inderhaast jonge Palestijnse agenten gerekruteerd om de muren van Gaza-stad te sieren met de portretten van Jasser Arafat. De strijd om de macht, om de dominantie is niet nieuw. Tegenover elkaar staan twee visies: het streven van de Hamas naar een islamitische natie, waarin in het beste geval hooguit plaats is voor individuele joden, maar zeker niet voor een Joodse staat - en waarin eigenlijk ook geen plaats is voor afvallige moslims als Arafat en de zijnen. Daartegenover staat een nationale Palestijnse vrijheidsbeweging die naar eigen zeggen bereid is tot een historisch compromis met Israël. Symbool van de eerste is de sjeik, terwijl Arafat de personificatie van de tweede stroming is.

Met de vrijlating van Jassin, die na acht jaar Israëlische gevangenis is uitgegroeid tot een levende legende, dringt die tegenstelling zich nu naar voren. De haastige gang van Arafat donderdag naar het ziekenuis in Jordanië om daar Jassin te omhelzen, kan dat nauwelijks verdoezelen. Juist de opvallende afwezigheid van dezelfde Arafat eergisteren in Gaza, terwijl zijn vrouw (een vrouw!) de honneurs waarneemt, tekent de verstandhouding. Arafat had het te druk, hij had een afspraak met de Amerikaanse bemiddelaar Dennis Ross, heette het officieel. Hij kon zich niet vrijmaken voor een tripje naar Gaza. In de driehoek Arafat-Hoessein-Jassin, is de Jordaanse koning met de eer gaan strijken voor de vrijlating van de Hamas-leider. Hoeveel liever had Arafat het krediet voor Jassins vrijlating willen opstrijken, zodat hij zich als vader des vaderlands had kunnen profileren en de Hamas-leider bij hem in het krijt had gestaan. De vraag is of Arafat hoe dan ook niet beter af was geweest als Jassin in de Israëlische cel, dan wel in Jordanië was gebleven. Aziz Haidar, een Palestijnse socioloog, beantwoordde gisteren in de Jerusalem Post die vraag bevestigend. “Enerzijds, zegt Haidar, maakte Jassins verblijf in de gevangenis hem uiterst populair, anderzijds zal Arafat nu macht met hem moeten delen. Er is onder de Palestijnen zelfs een school die Israël ervan verdenkt dat het bewust de status van Hamas wil versterken, hetzij als tegenwicht tegen Arafat, hetzij om te bewijzen dat vrede met de Palestijnen die zo een extreme beweging aanhangen niet mogelijk is.

Haidar verwacht dat Arafat op de korte termijn de indruk zal willen wekken dat er geen wezenlijk verschil bestaat tussen hem en Jassin. Maar met zijn hartelijke ontvangst en omarming dreigt Arafat de Hamas-leider en zijn beweging ook te versterken. Bovendien zal het voor Arafat nu moeilijker zijn Hamas-activisten op te pakken, zoals Israël eist.

In hetzelfde artikel noemt de Israëlische politicoloog Menachem Klein het debacle van de Mossad-aanslag een duidelijke overwinning voor de Hamas. Klein verwacht geen verdeeldheid in de Palestijnse gelederen. “Wat ik nu zie is een verenigde Palestijnse maatschappij, die haar grote overwinning over Israël viert.” De Israëliër denkt ook niet dat Jassin een bedreiging voor Arafat vormt. “Vergeet niet dat Jassin terugkomt naar een Palestijns gezag waar Arafat de touwtjes stevig in handen heeft. Met de Oslo-akkoorden in de vrieskast, kunnen zij een verenigd front tegen Netanjahoe vormen. Maar dan, meent Klein, verwacht Arafat toch al niks meer van de Israëlische premier. Hij is uit op een goede verstandhouding met de VS, die hij ziet als zijn partner in de dialoog.

De Hamas-leider zelf heeft de afgelopen dagen duidelijk gemaakt geen centimeter van zijn 'heilige' overtuiging af te zullen wijken, maar daarbinnen naar praktische formules te zoeken. Gisteren verklaarde hij bereid te zijn tot een 'bestand', als Israël zich geheel zal terugtrekken uit de westelijke Jordaanoever en de Gazastrook en alle nederzettingen ontmantelt. Tegelijkertijd benadrukte hij dat er geen sprake kan zijn van een permanente regeling. “De islam staat een bestand toe, maar niet permanente verzoening.”

Abdel Aziz al-Rantissi, een Hamas-leider uit Gaza, legde vervolgens uit dat zo een bestand slechts een halte is op weg naar de bevrijding van héél Palestina. In het Arabisch sprak de sjeik over de hoedna, een term die refereert aan een staakt-het-vuren dat de profeet Mohammed sloot met een joodse stam. Het is een soort bestand dat eenzijdig door de moslims gebroken kan worden als de islam in het geding is.

Toch is het niet uitgesloten dat Arafat en Jassin op basis van deze uitspraken elkaar - tijdelijk - kunnen vinden in een gezamenlijk standpunt. Tenslotte heeft ook Arafat zijn verzoening met Israël meer dan eens tegenover zijn opponenten verdedigd met het argument dat het om een bestand ging.

Net als voor Arafat, is het ook voor Netanjahoe de vraag of hij beter af is met Jassin in de cel of daarbuiten. Vast staat dat de hele affaire hem meer dan alleen maar gezichtsverlies heeft opgeleverd. Zeker bij zijn vredespartners is zijn imago van gevaarlijke prutser versterkt. Ook president Clinton schijnt tijdens de crisis uitgeroepen te hebben dat hij 'het ook niet meer weet met die man' (Netanjahoe). De verwachting is dat Netanjahoe zich op de korte termijn iets toegeeflijker zal opstellen in het vredesproces - om mogelijk later weer op een deel van zijn beloftes terug te komen, zoals hij tot nu toe vaker heeft gedaan.

Toen Netanjahoe deze zomer één jaar premier was, schreef een Israëlische journalist dat als Netanjahoe van fouten leert, Israël gouden tijden tegemoet gaat, “want hij heeft het afgelopen jaar alle denkbare fouten gemaakt”. Dat was nog voor het debacle in Amman, waardoor Netanjahoe nu voor de tweede maal in anderhalf jaar heeft moeten instemmen met een onderzoekscommissie. Toch valt absoluut niet te voorspellen of en hoe de Israëlische premier zich er deze keer uit zal redden. Het gros van de Israëliërs vindt dan wel dat hij geblunderd heeft, de meesten van hen betreuren het toch vooral dat de actie mislukt en daardoor ontdekt is. Tot nu heeft anderhalf jaar Netanjahoe de Israëliërs alleen nog maar verder verdeeld en vooral een ieder gesterkt in zijn mening: voor de ene helft is Bibi een ramp voor het land; voor de andere helft is er nu eenmaal geen andere weg in een vijandige wereld.

Netanjahoe zelf gelooft nog altijd dat hij het gelijk aan zijn kant heeft. Ook in het verleden zijn wel eens acties van de Mossad mislukt, verdedigde hij zich. De Israëlische premier is er ook nog altijd van overtuigd dat hij zijn land naar vrede leidt. In een interview verleden week beargumenteerde hij dat op simpele wijze: “Ik streef naar vrede en zal die ook bereiken, want, zoals je weet, krijg ik altijd gedaan wat ik wil.”

mailIcon print |