Van onze onderwijsredactie UTRECHT - “Terwijl langzamerhand iedereen zijn kinderen thuis leert dat problemen er zijn om uitgepraat te worden, leert men in het onderwijs de leerlingen onbewust hun frustraties te uiten door etterig gedrag.”
De Utrechtse hoogleraar prof. dr. M. de Winter zei dat vrijdag in de Trouw-lezing, de traditionele pedagogische rede ter gelegenheid van de Nationale Onderwijs Tentoonstelling. Op zoek naar de opvoeding die een school een kind meegeeft, de normen en waarden die het onderwijs op scholieren overbrengt, volgde De Winter anderhalve week lang twee klassen op twee scholen: een klas 2 VBO en een klas 3 Atheneum.
De Winter trof daar een klimaat aan waarin de signalen die een leerling afgeeft - bijvoorbeeld over de saaiheid van de lessen - niet worden gehoord en opgevat als adviezen om boeiender onderwijs te geven. Het 'alziend oog van de leerling' wordt nauwelijks gebruikt, stelt hij.
Ook trof hem de saaie opeenstapeling van lessen. “Ik maakte geen enkele docent op zijn of haar praatstoel mee. Op scholen heerst een dwangmatige methodiekcultuur. Dat zal te maken hebben met de kwaliteit van het onderwijs, met toetsbaarheid, met commercie misschien. Het is een cultuur waarin de vakmatige didactiek zegeviert over een breder, maatschappelijk vormingsdoel.”
- Letter & Geest 21: 'Het alziend oog van de leerling'
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.