Een laagje pindakaas bedekte die avond de drukke Moskouse ringweg. Het recept voor dergelijk wegbeleg is lichte vorst, verse sneeuw en veel verkeer. Beducht voor blikschade, verplaatst de gemiddelde Russische automobilist zich behoedzaam over het hoofdstedelijke asfalt bij dergelijke condities.
Een Volkswagen Golf laat zich minder snel op de kop zitten door de smurrie. Om vaart te maken, begaf ik mij daarom op de uiterste linker rijstrook van de ringweg rond het centrum. Tevergeefs. Eenmaal gevangen in de trage stroom blik werd mijn aandacht afgeleid richting cassetterecorder.
Erger nog, even vergat ik dat er naast langzaam voortglibberende Lada's nog weggebruikers zijn in Moskou van een geheel ander kaliber: de bezitters van de zogeheten inomarki, de buitenlandse merken.
Het Russische spraakgebruik heeft niet voor niets een algemene aanduiding ingang gevonden voor autos van buitenlands fabrikaat. BMW's en Mercedessen vormden lange tijd een min of meer exotische diersoort op de Russische wegen. Maar er is nog een verklaring. De inomarki worden zonder uitzondering bestuurd door de klasse van nieuwe Russen. Voor hen lijken andere verkeersregels te gelden. Ze zijn behept met maar één ding: met het gaspedaal minachting uitdrukken voor het gros van de weggebruikers in hun Sovjet-modellen. Een Russische kennis heeft me ooit aangeraden nooit een lift aan te nemen van een BMW of Mercedes. Die nieuwe Russen verdienen hun geld met afpersen. Je weet dus maar nooit, als je bij ze in de auto stapt, aldus de angst van deze oudere Moskoviet.
Nadat ik mijn geluidsbandje had omgedraaid, ontdekte ik in mijn spiegel een paar nerveus seinende halogeenlampen. Lada's zijn niet voorzien van dergelijke fel priemende lichten. Direct was duidelijk dat het achteropkomende voertuig behoorde tot die andere categorie. Toen ik me niet snel genoeg gedroeg naar mijn cylinderinhoud, besloot de achterligger tot een halsbrekende toer over de linker weghelft. Om mij vervolgens stevig te snijden, waarbij hij mijn auto schampte. Toen was de beer pas echt los. De manoeuvre had hem waarschijnlijk schade opgeleverd. En daaraan was ik kennelijk schuldig, want de BMW deed een poging mij klem te rijden.
Dit tafereel herhaalde zich nog enkele keren. Op zich is hieraan niets abnormaals. Een Russische automobilist, in staat van opwinding, uit zijn ongenoegen nu eenmaal wat nadrukkelijker dan een boze Nederlandse bestuurder. Dat had ik wel vaker meegemaakt. Maar nu begon de situatie toch af te wijken van voorgaande. Na voor de zoveelste keer de doorgang te hebben geblokkeerd, verliet mijn belager zelfs zijn voertuig, wat niet ongevaarlijk is midden op de ring. Scheldend en tierend beukte hij op mijn voorklep, toen ik hem toch passeerde. Daarna liet ik hem achter mij. Een rood stoplicht scheidde ons.
Wachtend voor een volgend verkeerslicht voelde ik opeens een ruk aan mijn portier. Ik keek recht in het gelaat van een getergd wild beest. Maar het harde glas maakte hem machteloos. Eerder al had ik uit voorzorg het knopje van mijn portier naar beneden gedaan. Opnieuw redde een stoplicht mij. Ik verliet de ringweg en de auto verdween uit het zicht.
Ik was vlak bij mijn bestemming en het leed leek geleden. De stille zijstraten waren bedekt met een witte wollen deken van verse vlokken, waardoor ik stapvoets moest rijden. En toen was ik de pineut. Daar was hij weer. Op het smalle dichtgesneeuwde weggetje was ik geen partij meer voor de BMW met dikke winterbanden. Ik besloot uit te stappen om te voorkomen dat mijn achtervolger zich met geweld toegang tot mijn cabine zou verschaffen.
Wat er daarna gebeurde, weet ik niet precies meer. Koffie heb ik enkele dagen gegoten langs het stukje lip, dat ongeschonden door het pak slaag was gekomen. Eén avond heb ik me afgevraagd wat ik in Moskou te zoeken heb.
Het incident was ik net te boven, toen ik begon aan een boek over de Russische invasie in 1994 in Tsjetsjenië. Het blinde en zinloze geweld tegen de Tsjetsjenen riep bij mij wederom de vraag op of ik wel enkele jaren wilde doorbrengen onder de Russen. Voor mij was het verdrukte bergvolk even de Meindert Tjoelker van de Kaukasus. Totdat ik las dat het voor de oorlog in Tsjetsjenië, vanwege de welig tierende smokkelhandel, wemelde van de BMW's en Mercedessen.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.