*

 
dossier

Archief

Wanbegrip

MASOEME ABBRIN − 19/01/98, 00:00

Met zware tassen stond ik in Istanbul bij een bushalte. De buschauffeur kwam mij elegant helpen. Hij had zijn voet nog niet buiten of hij vroeg al: “Waar moet je heen?” Ik sprak Turks, maar hij merkte meteen dat ik allochtoon was. Toen ik zat, vroeg hij: “Ben jij Iraanse?” Toen ik dat bevestigde, slaakte hij een diepe zucht. Op mijn bestemming gekomen, moest ik mijn tassen zelf sjouwen.

Een buur in ons appartementencomplex was een sympathieke oude vrouw met wie ik goed contact had. Soms paste zij op mijn kinderen, soms deed ik wat voor haar. Op een dag was die vrouw ziek en ik maakte een gezonde Iraanse kippensoep. We zaten ervan te eten, toen een sleutel in het slot werd omgedraaid. Ik keek naar de bezoeker die daar kennelijk thuis hoorde, had dat gezicht eerder gezien, maar waar? Die moeder begroette haar zoon en vertelde dat wij goede buren waren. Ik zei hem dat hij mij bekend voorkwam en vroeg waar ik hem gezien kon hebben. “Zeker in Iran”, zei hij, “toen ik op het plein afgeranseld werd.” Zijn moeder zei: “Mijn zoon heeft slechte herinneringen aan jouw land. Hij had vroeger een vrachtauto, waarmee hij een paar keer per jaar daarheen reed.” Zij spoorde haar zoon aan verder te vertellen.

Met gespannen gezicht zei hij: “Ik was een keer een eind voor de Iraanse grens; het was koud en het regende. Ik zag een man met koffers langs de weg staan. Auto's voor mij waren al doorgereden en ik dacht: 'Laat ik aardig zijn en die man meenemen'. Het leek een keurig uitziende heer. Hij zei: 'Zal ik mijn koffers achterop zetten?' Ik vroeg hem niets over die koffers. Bij de grens hield de pasdaran ons aan en bekeek onze bagage. 'Van wie zijn die koffers?' vroeg een van die grenswachten. 'Die zijn van de chauffeur,' zei mijn passagier. Ik protesteerde. 'Wat zit er in?' 'Dat weet ik niet,' zei die Iraniër, 'dat moet u aan die meneer vragen.' Toen ze de koffers openden, bleken ze vol flessen whisky te zitten. Daarop voerde die lifter een toneelstukje op hoe 'n goede moslim hij wel was. Hij liet zijn gebedskrans zien, wees op zijn baard: wat dachten zij wel? Zou hij niet weten hoe verboden het was om alcohol bij je te hebben? Zeker tijdens ramadan?”

Ze werden meegenomen naar de gevangenis. Die Iraniër kon zich in zijn eigen taal goed verdedigen, die Turk zakte voor dat examen. En omdat het tijdens de ramadan nóg erger is dat Gods wetten werden overtreden, werd hij extra gestraft. Na een week vreselijke gevangenis werd hij naar het dorpsplein gebracht. Per megafoon riepen ze de mensen op om te komen zien wat er gebeurt, als je tegen de wetten handelt. Met ontbloot bovenlijf werd hij over een geselpaal getrokken en daar werden hem 75 harde zweepslagen toegediend. Hij kon schreeuwen dat hij het niet gedaan had: niemand geloofde hem. Sommigen riepen: 'harder' - velen telden luid de slagen mee. “Ik was zo kapot”, vertelde hij, “toen ik mijn ogen weer opende, lag ik in het ziekenhuis. Ik was een hele tijd buiten bewustzijn geweest. Ik kon niet zitten en moest per vliegtuig terugkomen.”

Door deze gebeurtenissen bleef hij zijn hele leven kwaad op mijn landgenoten. Terecht, vond ik; ik kon er geen goed woord over zeggen, werd bijna net zo kwaad als hij. We hebben elkaar sindsdien nog een paar maal gezien; ik kwam er achter dat hij die buschauffeur was en begreep nu waarom hij mij toen zo bejegende. Op onze laatste dag, we stonden al op het vliegveld van Istanbul om naar Nederland te gaan, kwam hij aanzetten met een bos bloemen. Wij waren al lang geen vijanden meer.

Dit voorval bracht mij in aanraking met die heel andere opvatting van de betekenis van ramadan dan ik van huis uit had meegekregen. Het ging volgens mijn vaders uitleg van de islam niet om vasten en onthouding op zichzelf, maar om het je vrijmaken van beslommeringen om vervolgens écht met het geschapene en met je naasten bezig te zijn. Ramadan zou een maand zijn van bezinning - wel het tegendeel van 'dubbel fanatiek' zijn zoals in dit voorval.

Niets begrijp ik dan ook van de berichten uit Algerije dat juist tijdens ramadan nog meer mensen worden vermoord door fanatieke islamisten. Hoe kunnen die walgelijke moordpartijen op weerloze burgers iets met ramadan of zelfs islam te maken hebben? Ramadan is de 'maand van de overwinningen' en dat zou dan het motief zijn. Maar wat wordt er dan gewonnen? Een verkeerd begrip van ramadan - niet een van innerlijke overwinning. Hoe brengt zo'n wanbegrip van islam ooit een einde aan deze wantoestanden?

mailIcon print |