Van onze correspondent GRONINGEN - Biotechnologie zal big business worden in Groningen. Dat verwacht de Noordelijke ontwikkelingsmaatschappij (Nom) van de overname van het bedrijf Bio Intermediair door het Delftse concern Gist-Brocades. Begon Bio Intermediair tien jaar geleden als een wat studentikoze onderneming, thans wordt het de kern van de biofarmaceutische divisie van Gist. De Nom is nu in de wolken en meent dat de zilvervloot eindelijk is binnengevaren.
Bio Intermediair is gevestigd in Hoogkerk, een dorp onder de rook van Groningen. Het bedrijf kweekt in opdracht van andere bedrijven dierlijke cellen en micro-organismen om daaruit geneesmiddelen te maken.
Onder de 65 medewerkers heerst een euforische stemming nu de overname deze week officieel is bezegeld. Reus Gist-Brocades, met een jaarlijkse omzet van 1,84 miljard gulden, zal Klein Duimpje Bio Intermediair optimaal van dienst kunnen zijn voor een wereldwijde doorbraak.
De verwachtingen in Groningen zijn hooggespannen. Zo verwacht directeur F. Migchelbrink van de Nom dat er voor Groningen dankzij Bio Intermediair honderden, en over twintig jaar zelfs duizend hoogwaardige arbeidsplaatsen in het verschiet liggen.
Woordvoerder J. Schoenmakers van Gist-Brocades haast zich echter om deze euforie enigszins te temperen. “We spreken ons niet uit over een aantal arbeidsplaatsen. Maar uiteraard gaan we wel degelijk voor groei in Groningen.”
Geen kostbare patenten
Schoenmakers wil weinig kwijt over de som die zijn bedrijf voor Bio Intermediair heeft betaald. “We hebben 51 gulden per aandeel betaald, maar hoeveel aandelen er zijn, zeg ik niet.” De overnamesom van Bio Intermediar is echter niet zo spectaculair als die van het Gentse bedrijfje PGS, dat onlangs voor bijna een miljard gulden aan Hoechst en Schering is verkocht. Het Groningse bedrijf bezit namelijk in tegenstelling tot PCG geen waardevolle patenten.
Twee jonge wetenschappers, Jos van Weperen en Kees van der Graaf, startten Bio Intermediair in 1986 vanuit een middeleeuws pand in de Groningse binnenstad. De onderneming ontwikkelde zich als een jongensdroom. Het bedrijf verhuisde in 1992 naar de rand van Groningen. Vorig jaar besloot het zijn vleugels uit te slaan in Canada. In Montreal is momenteel een nieuwe vestiging in aanbouw, die over een jaar klaar moet zijn. De helft van de aandelen is in handen van een Canadese ontwikkelingsmaatschappij.
Break-even
Bio Intermediair haalt inmiddels een jaarlijkse omzet van 12 miljoen gulden, maar winst is er nog nauwelijks bij. “We zitten op het break-even point”, verklaart director of Business Development van Bio Intermediar Peter van Hoorn. “En er wordt nog driftig geïnvesteerd. Het is van groot belang om technologisch helemaal bij te blijven en we krijgen vaak nieuwe klanten voor wie we weer andere apparatuur nodig hebben.”
Volgens Van Hoorn is het evenwel zonneklaar dat zijn onderneming er steeds meer werk bij zal krijgen. Hij wijst op ontwikkelingen in Amerika, waar de biotechnologie een hoge vlucht heeft genomen. “Er zitten daar honderden bedrijven die nieuwe vindingen op de markt brengen. Ze verwerven zich dus wel patenten, maar produceren de geneesmiddelen niet zelf. Daarvoor schakelen ze bedrijven zoals het onze in.”
Stollingsmiddel
De toepassing van biofarmaceutische producten neemt ook hand over hand toe, weet Van Hoorn. Dankzij de biotechnologie kunnen geneesmiddelen volgens hem goedkoper en veiliger bereid worden. “Neem bijvoorbeeld het middel Factor VIII”, stelt Van Hoorn. “Dat krijgen hemofiliepatiĆ«nten als stollingsmiddel voor hun bloed. Dat moest je vroeger uit donorbloed winnen, hetgeen altijd een klein risico van HIV-besmetting met zich meebracht. Nu kunnen we dat langs biotechnologische weg met behulp van micro-organismen vervaardigen.”
Overigens zijn er behalve Bio Intermediair nog zo'n honderd andere bedrijven en bedrijfjes in Noord-Nederland die zich bezig houden met de biotechnologie. De aanwezigheid van de Groningse universiteit en het Academisch Ziekenhuis is er mede debet aan dat deze bedrijfstak zich hier razendsnel heeft ontwikkeld.
“Je kunt zeggen dat er in het Noorden sprake is van een steeds hechter netwerk van bedrijven die elkaar aanvullen”, besluit Van Hoorn. “Wij produceren nieuwe medicijnen, andere bedrijven testen die uit of brengen ze op de markt.”
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.