*

 
dossier

Archief

De school als vrijhaven

Willem Breedveld − 10/12/99, 00:00

Hoe groot de verleiding ook is om de schietpartij in Veghel te gebruiken als opstapje voor een algemene discussie over veiligheid op school, we zullen het incident in de eerste plaats op zijn eigen, afschuwelijke merites moeten beoordelen. Dan hebben we het over on-Nederlandse zaken, zoals geschonden familie-eer en de kennelijk daaruit voortvloeiende noodzaak om geweld te gebruiken, desnoods ten koste van buitenstaanders, die er niets mee te maken hebben.

Hoe daarmee om te gaan? Wat moet je er als school mee? Dat zijn geen eenvoudige vragen. Ik kan daarom de schooldirecties geen ongelijk geven die in een eerste reactie zeiden dat je je als school tegen zulke acties onmogelijk teweer kunt stellen. Tegen iemand die met een pistool in de hand de school binnenstormt, helpen geen detectiepoortjes of beveiligingssystemen. Tenzij je bereid bent de school te herscheppen in een bunker en dat is zo ongeveer wel het laatste wat we willen.

Wat dan wel? Wat deskundigen hierover op te merken hebben stemt niet hoopvol. Zo betoogde de Turkse criminoloog Yesilgöz, verbonden aan het Willem Pompe-instituut in Utrecht, gisteren in de Volkskrant, dat zodra er een paard, een vrouw, of een wapen in het geding is (in die volgorde) het gebruik maken van geweld 'sociaal' is. Zo iemand is geen misdadiger, maar een beschermer van de eer. Wie in Turkije vanwege eerbescherming veroordeeld wordt (dat nog wel) krijgt slechts één achtste van de eigenlijke straf, aldus deze criminoloog. Hij betwijfelde of deze notie onder komende generaties slijt: ,,Het is een kernidentiteit die blijft leven. Ook moderne Turken denken als het om zaken als eer gaat nog als hun voorouders', aldus Yesilgöz.

Ik heb geen idee of deze analyse hout snijdt. Maar zelf als zij maar voor een fractie op waarheid berust, dan lijkt het betrekkelijk onbegonnen werk om zelfs maar een poging te willen ondernemen om de culturele verschillen op dit punt te overbruggen. Daarmee worden we eens temeer op de vraag gedrukt: in wat voor soort samenleving leven we anno 1999? Is die inderdaad gewelddadiger geworden, mede als gevolg van de import van vele culturele identiteiten? En zo ja, wat doen we daar dan mee in combinatie met allerlei andere vormen van geweld, die kennelijk ook al toegenomen lijken te zijn?

Ideaal zou zijn als de school temidden van deze turbulentie als een soort vrijhaven zou kunnen blijven bestaan. Als een plaats waarin de volle nadruk kan worden gelegd op ontplooiing, kennisverrijking en overdracht van normen en waarden. Een plaats waar een scholier tot in lengte van jaren met plezier aan terug kan denken. Een vrijhaven kortom, waarin zelfs de gedachte aan geweld niet opkomt. Ik heb echter het donkerbruine vermoeden dat veel scholen inmiddels wel een vrijhaven zijn geworden, maar meer in de betekenis van een vrijgevochten plaats. De politiek heeft de afgelopen jaren megascholen de grond uit gestampt met vele duizenden leerlingen. Die scholen zijn vaak een samenraapsel van opleidingen, van leeftijden en van culturen; een fraaie smeltkroes, maar ook één waarin de minder aangename kanten van de samenleving ruim baan hebben gekregen.

Die school zal ook iets aan de veiligheid moeten doen. Ik begrijp de weerzin tegen detectiepoortjes, de weerzin ook de touwtjes aan te halen. Immers, het zijn evenzovele signalen dat de school een onveilige en zelfs bedreigende plaats is geworden. Het zou zelfs averechts kunnen werken.

Maar toch, als we kijken naar het wapenbezit, het gemak waarmee daarvan gebruik gemaakt wordt, dan dient het signaal toch vooral te zijn: op deze school is ieder wapenbezit absoluut taboe. Als het moet (liever niet) door het er desnoods in te rammen met een detectiepoortje.

mailIcon print |