Met de recente overname van Transamerica slaat de balans van het concern Aegon definitief door naar de VS. In 1998 zorgde de Amerikaanse verzekeringsdochter Providian al voor 40 procent van de winst. Die steeg met een kwart tot 2,2 miljard gulden.
,,Het merendeel van onze omzet, onze winst en ons personeel zit in het buitenland'', zei Aegon-topman K. Storm gisteren bij de presentatie van de jaarcijfers. Hij doelde met name op de VS. Daar kwam vorig jaar - het eerste jaar waarin de verzekeringsdochter Providian volop meedraaide - de helft van de winst vandaan.
Is de 19 miljard gulden kostende overname van Transamerica een feit, dan zal naar verwachting maar liefst tweederde van de winst uit de VS komen.
In 1998 bedroeg de winst 2,75 miljard. Het dividend stijgt met 20 procent naar 2,23 gulden. Het concern rekent op een jaarlijkse winststijging van tussen de 18 en 20 procent, maar is als altijd weinig mededeelzaam over de achtergrond van die aanname.
In Spanje liep het concern vorig jaar zware averij op in autoverzekeringen. De tarievenoorlog kwam Aegon op een verlies te staan van 12 miljoen gulden bij een omzet van 866 miljoen. Het zag de winst met 22 procent stijgen, tot 101 miljoen gulden. De cijfers werden gedrukt door stormen in juni, twee busongelukken in Frankrijk en het afdekken van het millenniumrisico.
Bij de Nederlandse activiteiten bleef 1,3 miljard gulden aan de strijkstok hangen, een groei van 8 procent ten opzichte van 1997. Worden de resultaten van de verkochte FGH Bank en Labouchere niet meegeteld, dan is de winststijging 12 procent. Met het afstoten van de bankbedrijven - Labouchere fuseert deze zomer met hoekmansbedrijf AOT - geeft Aegon nog meer gewicht aan zijn strategie om zich op verzekeren te concentreren.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.