*

 
dossier

Archief

Informatie Beheer Groep vordert studieschuld Surinamers terug

BART KAMPHUIS − 31/01/97, 00:00

PARAMARIBO, GRONINGEN - In Suriname is geschrokken gereageerd op de nieuwe, harde aanpak waarmee de Informatie Beheer Groep studieschulden terugvordert. Ruim 300 oud-studenten ontvingen vorige week een brief van een Surinaams advocatenkantoor, waarin de geadresseerde wordt gemaand binnen drie weken langs te komen om een regeling te treffen voor het terugbetalen van de studieschuld op korte termijn. Zo niet, dan zullen 'andere stappen worden genomen'.

Veel oud-studenten vrezen vorderingen van huizen en salarissen. Vooral voor Surinamers en Nederlanders die in Surinaamse overheidsdienst werken, geldt dat het salaris zo laag is, dat terugbetalen onmogelijk is.

Het advocatenkantoor dat de inmiddels in Paramaribo beruchte brief verstuurde, handelt in opdracht van Interim Justitia International, een grensoverschrijdend incassobureau. Dit bureau is in de arm genomen door de Informatie Beheer Groep, die namens de overheid de studiefinanciering verzorgt.

Het terugbetalen van studieschulden door Nederlanders en Surinamers die na hun opleiding in Suriname zijn gaan werken, verloopt sinds de jaren tachtig moeizaam. Door de sociaal-economische crisis is de koopkracht sterk gedaald. Ambtenaren hebben het jarenlang moeten doen met omgerekend enkele tientjes per maand. Een leerkracht verdient nu zo'n vijf à zeshonderd gulden per maand. Terugbetaling werd bovendien bemoeilijkt door een stelsel van meerdere, verschillende wisselkoersen. De Surinaamse gulden is niet inwisselbaar in het buitenland.

De aangeschrevenen laten hun belangen collectief behartigen door de stichting Overleg Hoger Kader (OHK). Het OHK stelt zich op het standpunt, dat de schulden in principe worden erkend. Maar door bijzondere omstandigheden zou in veel gevallen tot kwijtschelding moeten worden overgegaan.

“Wij functioneren eigenlijk als ontwikkelingswerkers. Onder moeilijke omstandigheden blijven wij hier, terwijl anderen naar Nederland vluchten om daar steun te trekken”, vertelt docent en wetenschappelijk onderzoeker Henk Muntslag op een informatie-avond van het OHK. Hij heeft een studieschuld van naar schatting 70 000 gulden (“ik weet het zelf niet eens meer”), die voor een groot deel bestaat uit rentedragende leningen. Muntslag verdient omgerekend minder dan zeshonderd gulden per maand. “Daar kun je niet van rondkomen. Net als de meeste leraren hier, ben ik genoodzaakt er allerlei baantjes bij te doen. Per dag werk ik zo twaalf tot zestien uur.”

Het OHK vindt het terugbetalen van de Surinaamse studieschulden uit ontwikkelingsgelden 'een redelijke optie'. Hierbij wijst zij ook op de Nederlandse bezorgdheid over het tekort aan kaderpersoneel in Suriname. Het ministerie van buitenlandse zaken subsidieert afgestudeerden die in Suriname gaan werken. Ook wordt geprobeerd 'Melkert-banen' in Suriname te creƫren.

Maar het agressief terugvorderen van studieschulden zou juist het vertrek van kader uit Suriname bevorderen. Minister Pronk van ontwikkelingssamenwerking heeft na zijn bezoek aan Paramaribo in december vorig jaar de problematiek voorgelegd aan zijn collega Ritzen van onderwijs, met het verzoek bij behandeling rekening te houden met de bijzondere relatie tussen Nederland en Suriname.

Het OHK wil in ieder geval dat de renteheffing op de schulden wordt stopgezet en dat oud-studenten die achter zijn met betalen, niet op een zwarte lijst komen van de Nederlandse justitie. Het OHK vermoedt, bij monde van voorzitter Rabin Parmessar, dat de huidige terugvorderingsactie een politieke achtergrond heeft. “Wat moet je er anders van denken? Studieschulden bestaan al sinds de jaren zeventig. En nu pas wordt er plotseling bovenop gesprongen, terwijl de nieuwe Surinaamse regering net vijf maanden aanzit. Dat kan geen toeval zijn”, aldus Parmessar.

De Informatie Beheer Groep (IBG) in Groningen bevestigt dat zij nu voor de eerste keer een incassobureau hebben ingeschakeld. “Wij zijn een tijd gestopt met innen vanwege de Surinaamse deviezenstop. Wij hebben het incassobureau laten onderzoeken of er genoeg draagkracht is. Daarbij werd gekeken naar salaris en bezittingen van de oud-studenten”, zegt IBG-voorlichter Jan van Pelt. De 343 aangeschreven oud-studenten worden, volgens hem, individueel benaderd. “Ter plekke kijken wij hoe hoog iemands schuld is en hoeveel iemand kan betalen.”

mailIcon print |