Dag, lieve lees- en luisterkindertjes. Is mijn stem wellicht doorstraalbaar via het weerbarstige oppervlak van dit papier? Hoort u mij zingen in uw hoofd? Beter niet, want ik zing zo beroerd.
Maar ik heb een leuk weekend gehad. Rent heel Nederland voor de verandering eens naar Friesland (dat gedonder met die kruisjes, weet u wel?), ga ik gelijk naar Limburg. Om wat te doen? Om een beetje flauw te doen, vooral. Want in Limburg woont een heuse, seer vriendelijcke makker van mij. En u zult met me eens zijn dat makkers, en dan in het bijzonder de heuse seer vriendelijcke ekzeemplaren, van tijd tot tijd bezocht dienen te worden.
En dan moet je met de trein.
Sinds vorige week weet ik wat het is, mijn beste. Dronken Alpinisten, dat is het. Vanaf Eindhoven vertrokken treinen vol met dronken Alpinisten. Omdat die treinen 150 minuten vertraging hadden, zat alles vol met Alpinisten. Waar je keek, Alpinisten. In alle telefooncellen, Alpinisten. Voor de kassa bij de Bruna winkel, Alpinisten. En ze lalden en ze zeiden zing een liedje maar dat deed ik niet, want ik zing dus zo beroerd. Een uur lang niets dan Alpinisten met rode neuzen totdat ze in bolle slierten in je hoofd wonen en je overal altijd nog alleen maar Alpinisten ziet, zelfs op je behang.
Eindelijk kwam mijn trein.
Ik stapte in, waande mij gered. Liet me vallen op een bank. Haalde adem. Hoorde in de bank achter mij een zatte man: “Allemaal naar de Alpen.” Zag twee skies en felle weekendtas in het bagagerek.
Ben toen heel hard gaan gillen in mijn hoofd.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.