*

 
dossier

Archief

We doen wel veel moeite de meisjes goed op te voeden

ESTHER HAGEMAN − 07/02/96, 00:00

Naam: Rene Pel Bedrijf: Blokker Haarlem Beslist over: winkelpersoneel Benodigd diploma: 'VBO'-niveau

“Eigenlijk selecteert het zichzelf hè,”, zegt René Pel. “De hulpkrachten zijn meestal scholier. De parttimers zijn meestal al wat ouder. Die willen iets wat inpasbaar is in de rest van hun leven: een gezin met kinderen, meestal. Of ze zijn juist uit de kinderen, en willen weg van het aanrecht. Jonge mensen zijn uit op een fulltime baan. Ik zeg nou wel 'mensen', maar in de praktijk komt het neer op: vrouwen. Je hebt maar een enkele keer een man. In die kast daar heb ik een doos met open sollicitatiebrieven staan. Want voor Blokker is de belangstelling groot. Ze lopen binnen, ze bellen op, ze schrijven een brief. Aan adverteren kom je zelden toe.”

Blokker betaalt z'n personeel het eerste jaar het minimum jeugdloon, ongeacht iemands feitelijke leeftijd. Voor daarna zijn er wat hogere schalen. Een parttimer die hoog in de 'groeischaal' zit verdient 16,05 gulden bruto per uur. Daarnaast wordt een personeelslid tweemaal per jaar beoordeeld. Soms levert dat een prestatietoeslag op het salaris op - gemiddeld eentje van 50 gulden.

Het diploma, de opleiding van een sollicitant, dat speelt bij de sollicitatie hooguit een figurantenrol. “We vragen officieel VBO-niveau. Maar aan dat 'niveau' kun je al zien dat we aan het papiertje toch niet zo hechten. Er domweg zin in hebben, dat vinden we veel belangrijker”.

Maar hoe komt hij er achter of de zin van de sollicitant echt is of gespeeld? Want 'iets vragen aan een juffrouw bij Blokker' hééft in de praktijk weleens wat van een gevecht met ongeïnteresseerdheid.

Pel ontkent het niet. “Blokker richt zich, zeker, op het goedkope deel van de markt. Maar we doen wel veel moeite om de meisjes goed op te voeden. Aandacht, Uiterlijk, Beleefdheid, heet dat - AUB. Het concern schaaft met cursussen aan de warenkennis. Als bedrijfsleider word je geacht die AUB bij te brengen. Er is ook een startpakket, waar je in kunt vinden wat je wel kunt maken, en wat niet. Kauwgom kan niet, de goederen in de winkel uitpakken kan ook niet, gymschoenen en spijkerbroeken kunnen ook niet. Niet dat iedereen dat als een robot uitvoert, maar het bedrijf is er heel duidelijk over.”

“Je merkt in de proeftijd vaak dat het diploma eigenlijk niets zegt. Of je een mavo- of havo-diploma hebt zegt bij voorbeeld niets over de vaardigheid om een kassa goed te draaien. Geld bijvragen - 'heeft u er misschien een stuiver bij?' - is de manier om te zorgen dat je de kassala vol houdt. Doe je dat niet, dan moet je een hotline met de bank hebben voor telkens nieuw wisselgeld. Het is dus heel belangrijk. De een voelt dat gelijk aan. De ander niet.”

De proeftijd zegt hem vaak meer dan het sollicitatiegesprek. “Een enkele keer weet je het al bij binnenkomst: dàt zou best iets kunnen zijn, díe moeten we hebben. Maar dat is niet vaak. Of iemand initiatief heeft, of iemand ziet wat er moet gebeuren, daar kun je je pratend soms erg in vergissen. Daarom gebeurt het vaak dat je iemand in vaste dienst neemt die al hulpkracht was. Omdat je dan hebt kunnen zien wat ze kan.”

Vooral tijdens het najaar, bij Blokker een tijd van topdrukte, kan hij gadeslaan wat de mensen kunnen en aanvoelen. “Een hulpkracht die tegen me zegt: 'Waar de Kerstspullen nu staan, daar staan ze in een verdomhoekje. Als we ze dicht bij de deur zetten dan verkopen ze veel beter', die denkt er over na. Die is niet plichtmatig aan het werk, maar echt.”

Goed met de klanten overweg kunnen is ook heel belangrijk. Maar ook weer niet voor iedere functie. Wie bij de Klantenservice wordt ingezet moet vooral goed kunnen schrijven en rekenen, om een artikel terug te kunnen sturen.

En, ook heel belangrijk: stressbestendigheid. “In de journalistiek had je méér stress, want daar wist je nooit wanneer de werkdag eindigde. Hier weet je dat beter. Het werk is beter te plannen. Maar ook hier zijn deadlines, al merk je daar als klant misschien weinig van. Een juwelier heeft weinig, kleine, lichte spullen. Wij niet. Blokker is een volumewinkel: er gaan grote hoeveelheden artikelen doorheen, die je eerst moet uitpakken en dat is een heel werk. Op dinsdagmorgen om 9 uur wordt de nieuwe folder verspreid, en dan is het wel de bedoeling dat de koppen en schotels om 10 uur in de winkel klaar staan. Of, het hoofdkantoor heeft een campagne dat de ruimtes achter de winkel vóór een bepaalde datum opgeruimd moeten zijn. Zulke deadlines, daar moet je toch ook gewoon tegen kunnen. Want ondertussen moet je de klant wel vriendelijk blijven benaderen. Je kunt niet zeggen: mevrouw, ik ben bezig, ik heb het te druk voor u.”

Nee, op het moment heeft Pel geen enkele allochtone werkneemster. “Maar dat is toeval hoor.” In zijn vorige winkel had hij een Turkse fulltime-kracht. “Die sprak vloeiend Nederlands. En laatst was er via een project van een school nog een Turkse jongen. Dat ging ook heel aardig. Als hij voor een vaste functie had gesolliciteerd had-ie kunnen blijven. Hij had goed door hoe je met een kassa werkt, en hoe je met een klant omgaat.”

Werken met parttimers is even een handigheidje, maar niet problematisch. “Ik vind niet dat je kunt zeggen: parttimers hebben de onbedwingbare neiging zich ziek te melden wanneer hun kind ziek is. Sterker: juist omdat ze er uit geweest zijn willen ze die baan graag, en zijn ze sterk gemotiveerd. Je werkt met een team op een klein eiland, je bent op elkaar aangewezen, en parttimers onttrekken zich daar niet aan. Het is mooi wanneer je met elkaar zo'n teamgevoel krijgt, maar het gebeurt niet vanzelf. In m'n vorige filiaal, daar klikte het echt. Daar was een teamgevoel, een cadans. Daar kon je meemaken dat iemand zei: die en die is ziek, zal ik invallen?”

“De kwaliteit van het team wordt bepaald door de bedrijfsleider, geloof ik. Die is verantwoordelijk voor de sfeer onder de mensen. Dus probeer ik zelf een sfeer te scheppen waarin we ons goed voelen, waarin je zo min mogelijk autoritair bent. Dat heeft ook tot gevolg dat de mensen langer blijven. Soms ontstaat er zelfs iets wat je het Blokker-gevoel zou kunnen noemen. Dat je met z'n allen een weekeinde in een bungalow gaat zitten. Het personeelsblad staat daar vol mee.”

mailIcon print |