EINDHOVEN - Na haar laatste optreden op een groot internationaal toernooi, de Top Twaalf in Eindhoven, had Bettine Vriesekoop het gevoel alsof ze op haar eigen begrafenis was. “Ik sluit een leven af, ik heb altijd mijn hart en ziel in het tafeltennis gelegd.” Maar somber was ze niet. “Het is wel een vrolijke begrafenis.”
Vriesekoop heeft als tafeltennisster een heel leven achter zich, als mens heeft ze nog een heel leven voor zich. Ze heeft wel wat plannen, Chinees leren, stukjes schrijven, tv-commentaar geven, maar hoe het leven er na het tafeltennis precies gaat uitzien, kan de 35-jarige Vriesekoop niet zeggen. “Alles wat ik zeg is te veel of misschien wel te weinig”, zei ze gisteren in haar speech, nadat ze door staatssecretaris Erica Terpstra, NOC-NSF-voorzitter Wouter Huijbregtsen en bondsvoorzitter Jacques Tempelaars was toegesproken. De eerste gaf haar een horloge en een diepe buiging ('een tweede lintje kan ik je niet geven'), de tweede beloofde haar een plaats in de toekomstige Hall of Fame en de derde spelde haar de hoogste onderscheiding binnen de tafeltennisbond op, die van bondsridder. Vriesekoop onderging de huldigingen gelaten, zo leek het. In haar dankwoord werden de emoties haar toch te veel. Ze had gehoopt niet te huilen, maar de tranen mochten op het afscheid van Vriesekoop niet ontbreken.
Op het sportieve vlak zat er dit weekeinde geen hoge onderscheiding in voor de beste Nederlandse tafeltennisster ooit. Maar dat scheelde niet veel. De 154e en laatste Top Twaalf-partij van Vriesekoop was natuurlijk niet zomaar een partij. Zoals een partij van haar, waar en bij welke gelegenheid dan ook, nooit zomaar een partij was. In het laatste poule-duel moest ze zaterdag winnen van de Duitse Jie Schöpp. Vriesekoop kwam met 2-0 in games voor tegen de ex-Chinese en de halve finales lag voor het grijpen. Bij die stand zag Schöpp vanuit haar ooghoeken dat Ottilia Badescu verloor van Vivien Ellö, waardoor zij zeker was van een plaats bij de laatste vier. Vanaf dat moment kon Schöpp vrijuit spelen en werd haar verdediging weer zo vast als een huis. Het onvermijdelijke gebeurde: Vriesekoop verloor na ruim anderhalf uur met 3-2 en het einde van haar loopbaan was een feit. Met een zoen van Jan Vlieg kwam er tevens een einde aan een jarenlange samenwerking tussen Vriesekoop en de Groningse coach. “Er zijn mensen die kritiek op Jan hebben, maar ik heb veel aan hem te danken”, zei Vriesekoop.
Wellicht in opdracht van haar coach Dirk Schimmelpfennig, met wie Vriesekoop in de loop der jaren een aantal malen botste, gunde Schöpp, toch al zeker van de halve finales, de zege niet aan haar opponente. Dat is enigszins tekenend voor de situatie in het circuit, waarin Vriesekoop meer prijzen won dan vrienden maakte. “Schöpp wilde winnen omdat zij nog nooit van mij had gewonnen op een Top Twaalf”, dacht Vriesekoop, die door vermoeidheid en een zere rug niet meer de normale explosie op de bal kon krijgen. “Het leek wel of er stroop aan mijn batje zat. Zij ging steeds comfortabeler spelen en bij mij liep de spanning op.”
Eerder op de zaterdag had Vriesekoop onder toeziend oog van haar ex-coach Gerard Bakker gewonnen van Ellö en Irina Palina, twee speelsters van Statisztika Boedapest. Met die zeges nam zij indirect revanche op de Europa Cup-nederlaag die zij vorige maand met De Treffers'70 tegen de Hongaarse club leed. Na dat verlies verdween de zwarte piet in handen van Ni Xialian, die in Eindhoven haar lach weer terugvond. De Luxemburgse met Chinees bloed won evenals in 1996 de Top Twaalf. Als uiting van respect voor Vriesekoop, haar ploeggenote bij De Treffers'70, rekende Ni Xialian in de finale af met Schöpp: 3-1. In haar hart was Ni Xialian blij dat ze tegen Schöpp moest en niet tegen Vriesekoop. “Het is moeilijk winnen van een vriendin.”
Tijdens hun gezamenlijke verblijf in Klazienaveen, de basis van De Treffers'70, gaf de goedlachse Ni Xialian Vriesekoop meermalen het advies wat relaxter met het tafeltennis om te gaan. “Zij heeft een klein probleem in het hoofd”, zei Ni Xialian, “altijd die spanning”. Maar, zo voegde zij eraan toe: “Zo'n speelster komt er niet gauw meer. Er zijn niet veel speelsters die zich met haar kunnen vergelijken.” Ook het laatste toernooi van Vriesekoop werd inderdaad niet het toernooi van de lach. Het 'koppie' was net zo gespannen als op haar eerste Top Twaalf, in '78. Maar ze was wel tevreden over haar laatste toernooi. “Ik wilde op een hoog niveau afscheid nemen en dat is gelukt.”
Het zegt veel over de aparte klasse van Vriesekoop dat ze negentien jaar na haar Top Twaalf-debuut in Praag nog met de besten meekan. “In 1978 had ik het in me om eerste te worden en nu nog steeds”, zei ze zaterdag na haar laatste nederlaag op een groot toernooi. “En mijn spel ziet er nog zeker niet genant uit.” Maar hoe zit het eigenlijk met de ontwikkeling van het tafeltennis bij de vrouwen in Europa? Zonder 'peetmoeder' Vriesekoop lag de gemiddelde leeftijd van de vier halve finalisten in het indoor-sportcentrum in Eindhoven maar juist onder de dertig jaar: Ni Xialian (33), Schöpp (29), Olga Nemes (29) en Badescu (26).
Maar kom daar bij Vriesekoop niet mee aan, want zij vindt dat haar sport zich wel degelijk in de goede richting heeft ontwikkeld. “Ik heb videobandjes van de Top Twaalf van 1978”, verdedigde Vriesekoop zich. “Dan zie je speelsters als Bergeret en Silhanova en dan weet je niet wat je ziet. En ik heb ook banden gezien van de Chineze wereldkampioene uit die tijd. Dat leek ook nergens op. De ontwikkeling bij de Chinezen gaat harder bij de Europeanen. In Europa gaat het niveau zeker niet achteruit. Tegen iemand als Badescu gaat het vandaag de dag drie keer zo hard als vijf, zes jaar geleden.”
Haar laatste Top Twaalf leerde Vriesekoop dat zij ook met minder trainingsuren in staat was een hoog niveau te halen. Een opmerkelijke les voor een sportvrouw die bijna haar hele loopbaan 'onmenselijk' veel arbeidsuren maakte achter de trainingstafel. “Ik zou daaruit kunnen concluderen het nog vier jaar zo te doen”, lachte Vriesekoop. “Dan zou ik hier over vier jaar weer zitten en dat heeft toch ook geen zin.” Het zwarte gat, Vriesekoop kon zich er zaterdag nog geen voorstelling van maken. “Ik realiseer het me nog niet echt, maar ik ben blij dat het is afgelopen. Het valt niet mee om altijd maar onder druk te moeten presteren.”
Na haar nederlaag tegen Schöpp wierp Vriesekoop de rubbers van haar batje in het publiek. Het speeltuig zelf verdween weer in de tas. Want in principe blijft ze ook het volgend seizoen actief in Klazienaveen, bij De Treffers'70. Meer niet, dat lijkt als een paal boven water te staan. “Zo'n Top Twaalf is een prachtig toernooi”, meende Vriesekoop. “Daar kan iedereen zich voor opladen. Maar ik heb ook zo vaak in de middle of nowhere in Frankrijk, Engeland of China gespeeld. Dan zit je op een hotelkamer en vraag je je af waar je mee bezig bent. Daar wordt je depressief van. Dat is nu verleden tijd.”
Als het gaat om de Top Twaalf praat ook Mirjam Hooman sinds dit weekeinde over de verleden tijd. Met slechts één overwinning, op Marie Svensson, eindigde zij als laatste in Eindhoven. Ondanks dat magere resultaat toonde zij zich tevreden over haar spel en vooral over het plezier dat ze had gehad. “Mentaal was ik heel sterk en dat is in menig Top Twaalf wel anders geweest', zei Hooman. Vijf minuten na die woorden keerde haar coach Frits Kantebeen terug in de perskamer. “Mirjam is één ding vergeten te zeggen”, aldus Frits-met-de-pet. “Ze speelt geen Top Twaalf meer!” Waarom niet? “Leuker als hier kan het niet worden, maar dat snappen jullie toch niet.” Nee, gek hè.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.