UTRECHT - Langs een lange houten schutting met grote deuren danst een magere Indiaan het toneel op. Hij is moe, bang en de weg kwijt. “Noem mij maar Boom”, zegt hij moedeloos tegen het straatkind Sine in wiens land hij verdwaald is.
'Noem mij maar Boom' is een dansvoorstelling van Sirkel-Zuidpunt, de werkplaats voor jonge theatermakers van Theater Sirkel uit Sittard. Regisseur Moos d'Herripon deed ervaring op bij de Parijse theatermaakster Ariane Mnouchkine en laat zich graag inspireren door oosterse theatervormen als de Chinese Opera, de Indiase Kathakali en Balinese maskers. Ook in de moderne dansvoorstelling 'Noem mij maar Boom' klinkt een echo door van deze voorliefde.
Het straatkind Sine moet aanvankelijk niets van de Indiaan hebben. “Vieze Indiaan, je stinkt!”, roept zij vol walging. De relatie die zich tussen de twee ontspint krijgt vorm in dans, in solo's en duetten. Het blijft een spel van aantrekken en afstoten. Als Boom toenadering zoekt tot Sine, neemt zij dansend de benen. En als Sine ontdooit, kruipt Boom in zijn schulp.
Vooral Jarmke Purwani ontpopt zich hierbij als een virtuoos danseres. Zij beklimt de schutting, balanceert over de rand, springt weer naar beneden en danst energieke, elegante solo's. Boom danst met een slungelige motoriek, die mooi past bij het wat moedeloze, melancholieke karkater van de Indiaan. De personages laten spel en dans mooi in elkaar overvloeien. De bewegingen zijn grappig, speels en acrobatisch en bij momenten lyrisch. Emotioneel blijft de relatie tussen Sine en Boom echter een beetje vlak. Ze zijn wel in elkaar geïnteresseerd, maar de vlam slaat niet echt in de pan. Daardoor zijn sommige fragmenten wat saai, met te veel herhalingen. Zoals wanneer de twee elkaar achtervolgen en steeds weer in en uit de deuren in de schutting stappen. Heel poëtisch is echter de scène waarin Sine beweegt in een bundel licht. Samen met Boom probeert zij het licht aan te raken en te omarmen, en Sine baadt zich erin.
Het toneelbeeld is uitgesproken kaal en strak. Er is alleen een schutting en twee dansende personages. Dit geeft de voorstelling eenvoud en helderheid. De variatie en sfeerverandering wordt vaak ingeluid door de muziek, die een veelheid aan stijlen ten gehore brengt. Naast meer klassieke piano- en vioolmuziek zijn veel mengvormen te horen tussen oosterse muziek en westerse ritmes.
Uiteindelijk kunnen Sine en Boom het goed met elkaar vinden en er ontluikt zelfs een prille liefde. Maar Boom weet niet of hij kan blijven. “Ik heb twee harten: hier waar ik ben en daar waar ik vandaan kom”, zegt hij.
Het is jammer dat die tweestrijd niet meer in het extreme is getrokken. In aanzet is 'Noem mij maar Boom' een mooie heldere dansvoorstelling met een originele choreografie. Met meer pieken en dalen zou de voorstelling echt gaan spetteren.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.