*

 
dossier

Archief

Overmars is rijp voor andere rol in Oranje

MATTY VERKAMMAN − 09/11/96, 00:00

Prachtig toch, die demarrages van Marc Overmars langs de lijn? Wat is er mooier dan een flitsende buitenspeler? Overmars, na bijna een jaar terug bij het door hem zeer geliefde Oranje, kijkt er anders tegen aan. Hij vindt het juist prima dat de nationale ploeg het Ajax-concept (4-3-3) heeft ingewisseld voor de PSV-tactiek (4-4-2). Marc wil voortaan centraler spelen, vaker scoren. “Dus dat nieuwe systeem bij het Nederlands elftal komt mij niet zo slecht uit.”

Bijna op de kop af 83 jaar geleden speelde Bok de Korver zijn 31ste en laatste interland. In de antieke voetbaltijd was hij Neerlands beste voetballer; de aanvallende spil die Sparta en Oranje tussen 1905 en 1914 leidde. “Trainen deed ik nooit, dat was onsportief, want dat deden de andere voetballers ook niet”, zo zei Bok decennia na zijn roemruchte periode. Ook als vijftiger was hij nog zo beroemd, dat uitgerekend in Amsterdam een voetbalclub naar deze oer-Rotterdammer werd genoemd: BDK. Hij is nu bijna veertig jaar dood, de speler met het KNVB-international-nummer 5, die in zijn courant, de NRC, de herinnering aan het Nederlands elftal in één woord samenvatte: “Schitterend !”

Marc Overmars werd 88 jaar en 592 international-nummers verder opgeslagen in het Oranje-archief. Bekend is dat hij het Nederlands elftal net zo schitterend vindt als Bok de Korver. “Mis ik al weer een interland”, zei hij regelmatig in de periode van langdurige revalidatie na dat beroerde knie-ongeval tijdens Ajax - De Graafschap op 13 december 1995; een week na zijn 29ste en tot dusverre laatste interland - de glorieuze partij in Liverpool tegen de Ieren. Oranje-fanaat Marc Overmars kan record-international worden. Nooit eerder speelde een Nederlandse voetballer op de leeftijd van 22 jaar zo veel interlands bij elkaar als hij, 29 stuks maar liefst. Zie de top-10 der internationals. Koploper Ruud Krol (83 caps) was al 25 toen hij aan zijn 29ste wedstrijd voor Oranje toe was. Nummer twee Ronald Koeman (78) was bij nummer 29 eveneens 25, Frank Rijkaard (73) 25, Hans van Breukelen (73) 30, Jan Wouters (70) 29, Ruud Gullit (66) 24, Wim Jansen (65) 27, Puck van Heel (64) 28, Willy van de Kerkhof (63) 27 en Wim Suurbier (60) 29.

Marc Overmars werd geboren op 29 maart 1973. De 29ste maart is een bijzondere dag voor Oranje. Precies 65 jaar voor de geboorte van Marc, op 29 maart 1908, maakte Bok de Korver zijn enige interlanddoelpunt. Nederland won die dag met 4-1 van de Belgen en bleef ook nadien alleen maar winnen op 29 maart: in 1925 met 2-1 van Duitsland, in 1931 met 3-2 van België, in 1936 met 8-0 van België en in 1995 - op Marcs 22ste verjaardag - met 4-0 van Malta.

“Ja, de gewijzigde opstelling bij het Nederlands elftal speelt een beetje mee”, zegt Marc wanneer hij vertelt over zijn enthousiasme voor een andere positie dan die van buitenspeler. Maar snelheid maken, demarreren, een back de hielen laten zien, naar binnen of naar buiten spurten, dát is toch zijn handelsmerk? Daar is hij toch groot door geworden?

“Er zijn drie mogelijkheden. Vanaf de zijkanten of op de positie die Jordi Cruijff tegen Wales innam, naast of achter de spits. Die laatste positie ambieer ik. Ik heb de laatste jaren scorend vermogen opgebouwd. Nou, op die positie kun je scoren, je zit toch vaak dicht bij de goal. Kijk, ik ga er vanuit dat het Nederlands elftal de komende jaren blijft spelen zoals nu wordt gespeeld. Twee jaar geleden was ik nog niet rijp voor dat systeem, nu wel. Ik wil niet nog eens tien jaar spelen, zoals ik bij Ajax speel. In het buitenland wordt ook bijna altijd gespeeld zoals nu het Nederlands elftal speelt.”

Moet men blij of ongelukkig zijn met deze opvatting van Marc Overmars? Louis van Gaal weet het wel: hij is nog altijd gecharmeerd van de klassieke vleugelspelers die het aanvalsvoetbal breed houden en de attractiviteit ten goede komen. Overmars: “Toch zie ik me zelf niet zo zeer als een echte buitenspeler. Bij dat type speler denk ik eerder aan Peter Hoekstra. Bij Ajax heeft de trainer me trouwens ook wel eens op tien gezet.” Het lijkt een spelersbeschouwing in een zekere status-sfeer. De linksback die zegt vrije verdediger te willen worden, de buitenspeler die voortaan achter de spitsen wil - het zijn de baantjes die in spelerskringen voor voller worden aangezien. “Promotie? Zo zou je het kunnen noemen”, vindt Marc. Even later stelt hij vast dat Phillip Cocu 'heel goed' is. Derhalve kan ook enig eigenbelang voor Marc in het spel zijn. Immers: als hangende linksbuiten is het amper voorstelbaar dat Guus Hiddink vandaag Cocu tegen Wales zal laten vallen. De echte linksbuiten doet niet meer mee, dus moet Marc elders op een plaatsje hopen. Toch: “Ik zie het wel zitten, dat nieuwe systeem van het Nederlands elftal.” Maar als het hem na bijna een jaar afwezigheid op een resrverol tegen Wales zou komen te staan? “Daar zou ik mee om kunnen gaan. Als invaller kun je ook van waarde zijn. Ik vind het al leuk dat ik weer bij de selectie zit.” Het zijn opmerkingen die Guus Hiddink als muziek in de oren klinken, net nu hij andermaal heeft afgerekend met Edgar Davids; de dwarsligger die het nationale voetbalbelang alleen nog wil dienen wanneer hem vooraf een basisplaats wordt toegezegd. Marc heeft er van gehoord en zich met alle anderen verbaasd. “Wat Edje zegt, dat kun je niet maken. Maar ach, Edje reageert soms wat anders op de dingen. Misschien kijkt iemand er met veertig interlands achter zijn naam iets anders tegen aan, maar dan nog: kijk eens hoe Frank Rijkaard reageerde toen hij op het WK in Amerika zijn basisplaats verloor. Frank had toen al een grote loopbaan achter de rug, maar hij ging gewoon, zonder problemen te maken, op de bank zitten.”

Nu is dat laatste, in weerwil van de voorbeeld-taal die de bondscoach de laatste dagen heeft gesproken, overigens toch eerder uitzondering dan regel met de toppers. Wie herinnert zich niet hoe boos Marco van Basten was toen eerst Rinus Michels hem in 1988 en later Thijs Libregts hem in 1989 passeerde voor Oranje? Op de visie van Libregts reageerde Van Basten subtiel: hij besloot de bondscoach in het openbaar niet langer 'trainer' of 'de coach' te noemen. Van Basten had het alleen nog maar over 'Thijs', een voornaam-gebruik dat het gebrek aan respect voor de coach moest onderstrepen.

Respect, het is tegenwoordig het toverwoord in het topvoetbal. Davids en zijn geesterwanten misten het op het EK in Engeland, waarna zij zelf een onthutsend gebrek aan respect voor de anderen en voor het belang van het Nederlands elftal etaleerden. Marc Overmars, hij zag als supporter Engeland-Nederland ('en dat was niet de leukste ervaring') heeft zich bovenal verbaasd over de explosies in Engeland. Achteraf hebben Davids, Seedorf en Reiziger in allerlei toonaarden gezegd dat de bron van alle Oranje-ellende bij het Ajax van Arie van Os en Louis van Gaal moest worden gezocht: de gebroeders De Boer met hun miljoenencontracten, Danny Blind, Edwin van der Sar en Marc Overmars als grootverdieners en de donkere jongens altijd en overal weer achtergesteld bij Ajax! Marc Overmars wist amper wat hij hoorde en las. “Ik ben er van geschrokken. Het is iets van die jongens persoonlijk geweest. Onderling heb ik er bij Ajax echt nooit iets van gemerkt. Voor zo ver ik weet speelde het nooit in de groep, daarom heeft alles me ook zo verbaasd. Gelukkig merk ik nu bij het Nederlands elftal dat alles weer een stuk beter is. Er wordt niet meer over gesproken.”

Wat evenmin een onderwerp van gesprek is bij Ajax: de opvolging van Louis van Gaal. Marc: “Je hoort natuurlijk de bekende namen. Cruijff, Spelbos, Rijsbergen, maar als spelers weten wij niks.”

Je hebt zelf wel voorkeur?

“Tuurlijk. Johan Cruijff. Het lijkt me een geweldige ervaring met hem te werken. Maar of hij het ook wordt, betwijfel ik. Ik heb het gevoel dat hij er niet zo'n trek in heeft.”

mailIcon print |