*

 
dossier

Archief

Protestantse kerken op weg naar de ondertrouw van het homohuwelijk

Door: redactie − 09/11/96, 00:00

Van een onzer verslaggeefsters ALPHEN AAN DEN RIJN - Als de kerk, in overeenstemming met de tijdgeest, andere relatievormen dan het huwelijk gaat zegenen, waar blijven we dan. Of, in de woorden van het hervormde synodelid ds. Weegink: “Wat moeten we doen als iemand zijn 'trio' wil laten zegenen. Of wat moet je aan met polygamie?”

B. H. Weegink was een van de negen-en-twintig sprekers bij de behandeling van het rapport over de plaats van levensverbintenissen in de kerkorde, gisteren op de gecombineerde vergadering van de gereformeerde, hervormde en lutherse synode in Avifauna. Weeginks opmerking schoot bij zijn hervormde collega N. J. Pronk (Zwaag) helemaal in het verkeerde keelgat. “Wat is dit voor soort denken?” riep hij geëmotioneerd uit.

De uitbarsting van Pronk kwam aan het slot van een verder opmerkelijk kalme bespreking. De grote protestantse kerken in Nederland zijn, net als vele kerken elders in de wereld, hopeloos verdeeld over de acceptatie van homoseksualiteit. Vanwege die verdeeldheid was aan de synode voorgesteld in de kerkorde - zeg maar het handboek van de toekomstige Verenigde protestantse kerk - niets afzonderlijks te regelen over het huwelijk.

De zegening van het huwelijk (en eventueel andere verbintenissen) zou komen te vallen onder het hoofdstuk van de eredienst en later moeten worden ingevuld. Hoewel de hervormde en gereformeerde kerken officieel alleen het huwelijk erkennen, worden er in de praktijk regelmatig andersoortige relaties kerkelijk ingezegend.

De lutheranen, de kleinste van de drie Samen-op-Wegkerken, besloten een jaar geleden het homohuwelijk te erkennen. Net als de remonstranten waar de zegening van niet-huwelijkse levensverbintenis al langer bestaat.

Vanwege de gevoeligheid van de materie riep de gereformeerde voorzitter ds. R. S. E. Vissinga voorafgaand aan de bespreking op tot 'bescheiden spreken': “Laten we denken aan de mensen die op dit punt beschadigingen hebben opgelopen van dominees en ouderlingen.”

Vissinga vergeleek de acceptatie van homoseksualiteit met de afschaffing van de slavernij. Ook die kwestie heeft onder de christenen voor diepe verdeeldheid gezorgd. “De Geest van God heeft ons nog niet tot eenstemmigheid geleid”, aldus Vissinga.

De bezwaren tegen het voorstel 'agree to disagree' kwamen hoofdzakelijk van hervormde zijde. Ze hadden moeite met de pragmatische opstelling van de Commissie huwelijk en andere relatievormen. Die opstelling is grofweg samengevat als volgt: de maatschappelijke werkelijkheid is dat er allerlei levensverbintenissen bestaan, gebaseerd op liefde en trouw, en de kerk zal daar iets mee moeten doen.

“Gaat het er nu om dat de kerk bij de tijd blijft of dat de kerk bij God blijft,” vroeg ds. H. E. J. van der Laan uit 's Gravenzande zich af.

“Als relatievormen alleen nog maar een kwestie van liturgie zijn dan wordt het wel erg makkelijk,” zei ds. Weegink. “Vroeger gold dat je alles doopte wat in het doophuis kwam. Nu zou je krijgen 'alles zegenen wat in het zegenhuis komt'. Waar blijft dan het eigen spreken van de kerk; is zij zo niet een gewone trendvolgster geworden?”

Prof. dr. E. Schroten, de hervormde ethicus die als voorzitter van de Commissie huwelijk etc. optrad, stelde hiertegenover dat de kerk ook de plicht heeft zich te verantwoorden tegenover bepaalde ontwikkelingen die in de cultuur plaatsvinden. “Je leeft als kerk nu eenmaal niet op een eiland.”

Op de vraag van Weegink waar dan de grenzen liggen, zei hij dat de begrippen 'liefde, trouw en heilig houden' precies aangeven waar het op aankomt. De kerk heeft de zorg voor de kwaliteit van relaties. Het rapport werd uiteindelijk met negenentwintig hervormde stemmen tegen aangenomen.

Van de amendementen kwam een voorstel van ds. N. J. Pronk het verst. Hij wilde alvast uitspreken dat in de uitwerking van de kerkorde (de ordinanties) de zegening van het huwelijk zal worden geregeld en daarnaast de zegening van andere relatievormen. En dat het aan plaatselijke kerkenraden overgelaten wordt of ze van die mogelijkheid gebruik willen maken. Een voorstel dat in de buurt komt van de huidige praktijk. Het haalde met tweeënzestig stemmen voor geen meerderheid.

mailIcon print |