*

 
dossier

Archief

Pretpark

SYLVAIN EPHIMENCO − 04/01/97, 00:00

Aanvankelijk wou ik het er niet over hebben. Ik had me voorgenomen om er geen woord, geen letter, geen komma aan vuil te maken. Niet uit onverschilligheid, meer vanwege een zekere teleurstelling en de constatering dat het zo niet verder kan gaan.

Dat je een gebeurtenis die de Nederlandse eigenheid zo diep raakt niet op deze onbeschaamde manier kunt overbelichten. De trivialiteit van de berichtgeving, de extreme overvloed en de hoeveelheid onbenullige informatie die dezer dagen over ons wordt uitgegoten, hebben dit historische evenement morsdood gemaakt. Voor dat er ook maar één meter is gereden heeft de inflatie aan beelden en woorden het devaluatieproces al voltooid. Wat ik tot voor kort als een monument beschouwde is nu tot op het bot uitgekleed en lijkt op een bibberend skelet. Alles, maar dan ook alles dat er iets mee te maken kan hebben is in kranten, op radio en tv binnen vierentwintig uur al tweeduizend keer besproken.

Gisteren, in het programma MiddagEditie, zag ik zelfs een live gesprek tussen de presentator in de studio en een horecaboer uit een gehucht tweehonderd kilometer verderop. De man stond stomverbaasd op het ijs dat hij het kastje had gehaald. In zijn onmetelijke onnozelheid dacht hij dat een live tv-verbinding alleen met buitenlandse hoofdsteden tot stand gebracht kon worden en niet met zijn dampende kraampje langs het bevroren water. Hoeveel geld ging dat niet kosten?, zag je hem met een gesloten gezicht peinzen.

De vragen, die hem via een oordopje vanuit de grote stad werden gesteld, vond hij ook maar raar. Die bekende presentator wou vooral weten hoeveel gehaktballen hij de volgende dag dacht te kunnen verkopen. En ook of hij genoeg warme chocolademelk en worsten had ingeslagen, en wat de inkoopprijs was. Uit angst voor de meekijkende concurrenten zei hij daarom bijna niets terug.

Maar wat maakte het uit? Het credo is dat je op lokatie moet zijn om desnoods de laatste niet bevroren grassprietjes uit die gekke provincie aan het woord te laten. De gebeurtenis zelf is natuurlijk bijzonder. Het speelt zich voornamelijk af in het donker, zodat je de belangrijkste ontwikkelingen alleen maar kunt raden. Zelfs degenen die meedoen hebben geen idee waarmee ze bezig zijn. Ze zien amper waar ze hun voeten neerzetten. Urenlang sproken ze in de nacht rond met als enige doel 's avonds weer thuis te zijn.

Desalniettemin zend de Nederlandse televisie het verloop van deze nachtelijke dwaling integraal uit. Daarom worden, om de tijd te doden, voornamelijk echtgenoten en kinderen van deelnemers, worstverkopers, politie-agenten, masseurs, soigneurs, voorlichters, dorpsburgemeesters en souvenirhandelaren geïnterviewd. Als de dag aanbreekt en er genoeg licht is voor de camera's kun je tot vervelens toe naar het evenement kijken. Altijd dezelfde bewegingen, altijd hetzelfde geluid van de ijzers op het ijs. Zoef, zoef. Af en toe hoor je iemand vloeken en merk je dat het groepje waar je sinds uren naar staarde weer is uitgedund. Rond een uur of vijf is het weer donker en dus tijd voor de gesprekken met de worstverkopers.

Ik ben er zelf twee keer geweest en hoef niet meer. Er was me heldendom, leed en tragiek beloofd en ik zag iets dat me aan de avondvierdaagse deed denken. Ondanks alle overdrijvingen van de laatste uren in kranten en op tv, alle verhalen over bevriezingen, blessuren en drama's, zal het vandaag in het noorden weer een grote Efteling worden. Daarom wou ik het er niet meer over hebben. Het is me half gelukt, want de naam van dat pretpark vol handelaren en dolgedraaide journalisten heb ik gelukkig niet genoemd.

mailIcon print |