De auteurs zijn afgestudeerd aan de Faculteit der Bewegingswetenschappen (VU) in Amsterdam en werkzaam binnen het onderzoeksprogramma 'Waarden en normen in de sport', waarvan de uitvoering financieel mogelijk wordt gemaakt door het ministerie van VWS en de Stichting Nationale Sporttotalisator.
De overheid kwam in beweging, en met veel aplomb werd onlangs het project 'Jeugd in Beweging' gepresenteerd. De cijfers zouden voor zichzelf spreken: kinderen moeten meer bewust worden gemaakt van hun slechte conditie, ze dienen fitheidstesten te ondergaan en meer in beweging te worden gezet.
Bezorgdheid over de achteruitgang van de jeugd - het op het terrein van moraal, intelligentie of van lichaamsbeweging - is van alle tijden. Ook het verschijnsel fitheidstest is geenszins een noviteit. In 1968 introduceerde Kenneth Cooper een aantal trainingsschema's voor astronauten, ter compensatie van een te lang verblijf in gewichtloze toestand. Vanaf dat moment nam het aantal testen en doelgroepen explosief toe. De nieuwste varianten zijn de verzekeringsmaatschappij die bij u langs komt in een zogeheten fit-test-bus en nu dus de fitheidstest voor de bewegingsafvallige jeugd.
Invloed
Hoe serieus dienen we deze nieuwste vorm van armoede te nemen? Hoeveel rijker worden kinderen op de moderne fitness-club? Wat is de invloed van de toename van dergelijke testen en onderzoek op de leefwereld van het kind? Groeit de, door dit onderzoek ondersteunde, gezondheidsideologie niet uit haar voegen? Is ze zich daadwerkelijk bewust van haar normerende invloeden?
Recent onderzoek, waarin wordt aangetoond dat de jeugd van twaalf tot achttien jaar er minder gezonde leefgewoonten op na gaat houden, valt bij velen in goede aarde. Er is momenteel een vruchtbare voedingsbodem voor het denken over waarden en normen in het onderwijs. De gedachte dat er sprake zou zijn van een toenemend normverval bij de jeugd is de humus die deze bodem voedt.
De keerzijde van de hedendaagse 'burgerplicht van het fit-zijn' heeft ons land nog nauwelijks bereikt. Dat gezondheid een belangrijke waarde is voor het menselijk bestaan, hoeft niet betwijfeld te worden. Evenmin het gegeven dat de kosten van de gezondheidszorg dermate uit de pan zijn gerezen, dat van het individu meer verantwoordelijkheid mag worden verwacht, en minder bereidheid om kostbare medische wegen te bewandelen.
Genoemde keerzijde richt zich echter op de doorgeslagen verwachtingen ten aanzien van de individuele mogelijkheden de eigen gezondheid volledig te controleren (ook kenmerkend voor populistische New Age-ideologieën). Aan het creëren van dergelijke verwachtingen liggen ideeen ten grondslag die institutionele belangen in toenemende mate prioriteit geven boven dat van het individu. Veel structurele problemen worden hiermee ten onrechte voorgesteld als het resultaat van individueel handelen. De privatisering van de ziektewet legt schijnbaar meer verantwoordelijkheid bij werkgevers. In concreto komen echter meer verantwoordelijkheden bij het individu terecht, dat in toenemende mate wordt geselecteerd en gescreend op fitheid en vermeend risicovol gedrag.
Wat betreft de nieuwste doelgroep, de jeugd, komt er een aantal vraagtekens bij. Met een door volwassenen gecreëerd begrip 'zap-jeugd' wordt wellicht iets gezegd over een generatie die meer verschillende prikkels nodig heeft dan generaties daarvoor. Daarbij wordt echter over het hoofd gezien dat een dergelijk etiket meer zegt over de cultuur waarin kinderen opgroeien. Een cultuur die wordt gekenmerkt door de snelheid waarmee veranderingen op het gebied van mode, techniek en informatie zich voltrekken. Het zijn de ouders van dezelfde 'zap-jeugd' die de voorwaarden van dit zap-gedrag in de hand werken.
Kijken we naar de sport, dan is het nog maar kort geleden dat we slechts weet hadden van wedstrijdsport. Vandaag de dag worden we overspoeld met nieuwe, sportachtige activiteiten, die worden aangeduid als avontuursport, gezondheidssport of fitnesssport. Steeds meer mogelijkheden worden voor het kind gecreëerd, om vervolgens vele onderzoekingen uit te voeren naar de redenen van sport- en fitness-uitval van de 'shoppende jeugd'.
Is het toevoegen van fitness-activiteiten aan het toch al enorme aanbod aan mogelijkheden op het gebied van sport en vrije tijd niet juist een uiting van 'zap-cultuur', eerder dan een remedie hiertegen?
Een tweede kanttekening bij het onderzoek naar jeugd en fitheid richt zich op het voorbijgaan aan normaliserende en disciplinerende invloeden op de jeugd. Er kan in Foucaultiaanse zin zelfs worden gesproken van 'zachte dwang', waarbij door de vrijwel onvoorwaardelijke acceptatie van wetenschappelijk gezag beslissingen worden genomen in het 'belang' van de jeugd.
Wetenschappelijk onderzoek op het gebied van bewegingsarmoede is echter niet waardevrij, maar helpt mee aan het stellen van normen op het gebied van tijd- en cultuurgebonden lichaams-idealen. Deze idealen worden door jeugdigen steeds vroeger geïncorporeerd. Amerikaans onderzoek wijst bijvoorbeeld uit dat zesjarigen al hun duidelijke voorkeur uitspreken voor lange, dunne lichamen, en dat 37 procent van de jeugd al pogingen doet om gewicht te verliezen.
Baby-boomers
Maatschappelijke normen en geboden op het gebied van lichaamsuiterlijk en -verzorging worden steeds subtieler opgelegd. Onlangs was bij het VPRO-programma Lopende Zaken te zien hoe kinderen aan steeds meer testen worden blootgesteld, en dat steeds minder 'afwijkingen' door ouders worden geaccepteerd. Veel van deze ouders behoren tot de zogeheten generatie 'baby boomers'. Een generatie die in vergelijking met de huidige generaties gemakkelijk aan banen, welstand en huizen is gekomen. Het is de arrogantie van deze generatie die de huidige jeugd - voor wie bovenstaande verworvenheden lang niet meer zo vanzelfsprekend zijn - neerzet met nietszeggende etiketten als 'patat-generatie' of 'zap-jeugd'.
De gezondheidscultus is in vele opzichten te vergelijken met een dogmatische religie met bijhorende doctrines en geboden. De vraag is of we nu ook kinderen willen opzadelen met het eventueel daarbij behorende schuld- en zondebesef.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.