'Was het maar vast 7 mei, dan was het over'. Die verzuchting stond een paar weken geleden in deze rubriek, toen de weekbladen om en om hun eigen interview met SP-leider Jan Marijnissen afdrukten, het wéér eens ging om de vraag of Bolkestein wel of niet premier zou willen worden, of om de vraag of Borst wel een leidersfiguur was.
Het is vandaag 7 mei. En, het halve landschap aan weekbladen overziend (HN en Elsevier kwamen niet op tijd van de drukker om deze bespreking te halen), er is niets veranderd. Als u deze krant leest zijn de uitslagen van de verkiezingen al bekend, maar dat weerhoudt de Groene Amsterdammer er bijvoorbeeld niet van nogmaals te analyseren waarom het toch fout afliep met Winnie Sorgdrager: 'te veel vrouw voor justitie?', zo is de voorlopige conclusie op de cover van het blad. Jammer, vindt auteur Max Arian: “Toch zullen veel mensen vinden dat met het verdwijnen van een zeer competente minister de Nederlandse politiek er niet echt mooier op is geworden.”
Jan Blokker, de Volkskrant-columnist die in hetzelfde blad staat geïnterviewd, denkt in ieder geval niet dat Winnie alleen is gesneefd aan een teveel aan vrouwelijkheid. Wat dat betreft geeft hij nog altijd de voorkeur aan de meisjesachtigheid van Hanja Maij-Weggen. “Winnie Sorgdrager is naturlijk ook dom, zoals ze zichzelf nu probeert op te blazen, maar ik denk wel dat ze ontzettend gelijk heeft. Natuurlijk is ze in die Augiusstal gestuit op vreselijke ambtenaren die ongegeneerd hebben geprobeerd haar pootje te lichten. Natuurlijk was er bij die procureurs-generaal kinnesinne omdat zij uit dat milieu komt en zo snel carrière heeft gemaakt. En natuurlijk heeft daarbij een rol gespeeld dat ze niet alleen een vrouw was, maar ook nog een hele aantrekkelijke, met wie ze allemaal naar bed hadden gewild.”
De politiek speelt nog steeds een hoofdrol in de bladen, maar omdat geen der redacties kon weten op welke uitslag er zou moeten worden gespeculeerd over de formatie, komen de afgeleide onderwerpen deze week aan bod. De vrouwelijkheid van Winnie Sorgdrager is daar een voorbeeld van, en in HP/de Tijd gaat zulks verder met een artikel over het privé-leven der politici. “Politici hadden natuurlijk altijd al een privéleven, maar voor het dagelijkse werk of voor een hoge functie was dat nooit een belemmering. Nu steeds vaker wel. 'Debat vanmiddag?' 'Nee, m'n dochter is jarig.”
Het is de nieuwe mens, die heden regeert. Kok kijkt net zo lief televisie met zijn gehandicapte zoon. Wijers stelt een vergadering uit omdat zijn dochter jarig is. En Linschoten klaagt tegenover HP/de Tijd over het gebrek aan opvang voor de kinderen, want als alleenstaande ouder heeft hij een moeilijke taak. Hij zegt: “Bij de formatie wordt het een gigantisch probleem. Er zijn een heleboel capabele mensen out of bounds omdat ze kinderen hebben. Ik weet nu al dat een aantal mensen afhaakt om die reden.”
“In het bedrijfsleven is het allemaal veel beter georganiseerd. Daar lachen ze zich rot. Voor ministers wordt alles geregeld. Privé-vliegtuig? geen probleem. Tonnen worden er uitgegeven om het allemaal een beetje te laten lopen. Maar zoiets eenvoudigs als kinderopvang of hulp thuis, dat kan niet. Dat is onbespreekbaar. Politici worden gezien als zakkenvullers, dus er mag niets voor ze worden gedaan dat ook maar riekt naar iets privé's. Absurd natuurlijk.”
Vrij Nederlands Max van Weezel viel net als de concurrent over de openheid van de hedendaagse politiek, zeker wat betreft het privéleven van de politici. 'Kiezen tussen het huwelijksleven van Bolkestein en de kerkgang van De Hoop Scheffer' heet het artikel, waarin de conclusie luidt dat de Nederlandse politiek dit jaar balanceerde op de rand van geslotenheid en de semi-openheid. “Nou ja, toch leuk om te weten dat de dochter van Karin Adelmund van de Spice Girls houdt”, zegt van Weezel.
Over openheid gesproken: datzelfde Vrij Nederland belde de 150 personen lange lijst van genoemde ministers af. Iedereen die wel eens iets gezegd heeft staat op die lijst. En op de vraag of ze minister willen worden geeft iedereen een eerlijk antwoord, wat VN doet verzuchten dat 'ingetogen politici niet meer van deze tijd zijn'.
De antwoorden zijn leuk. “Rob Oudkerk: 'Ik zou een staatssecretariaat of ministerschap een uitermate leuke verantwoordelijkheid vinden. Je zou een lousy politicus zijn als je niet nastreeft dat je invloed groter wordt.' Marjet van Zuijlen: 'Noemen ze mij? Dat meen je niet. Maar ja, toen ik vier jaar gelden hoorde dat ik kandidaat voor de Tweede Kamer was, kreeg ik ook de slappe lach, en het was toch waar. Ik heb niet de ambitie, maar het is een loterij.”
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.