*

 
dossier

Archief

Foto van de week

Pieter van den Blink − 16/01/99, 00:00

Dag meneer, ik ken u niet. U lijkt wel een beetje op die oude acteur die zomers elke dag in ijssalon Tofani zat. Maar u lijkt uit een heel andere wereld te komen dan hij, die graag het gezelschap van de mensen opzocht. U lijkt mij zo verstild. Bent u verdrietig? Nee, u zit gewoon lekker zo. U bent zich er misschien niet eens van bewust dat uw hand uw hoofd ondersteunt, u bent zich er misschien niet eens van bewust, dat Rodin u heeft gebeeldhouwd uit zijn mooiste steen.

Het is onmogelijk uw hoofd niet sympathiek te vinden, en zelfs dat maakt het niet onsympathiek. De beeldhouwer was in eerste instantie geïnteresseerd in de hoek van uw schouders en de scherpe lijnen van de kraag van uw overhemd. Dat uw ogen niet goed te zien zijn, is in zijn metier van minder belang. En dan, wie zou u uit uw concentratie willen wekken met de opdringerige vraag ons iets meer aan te kijken? Opdringerigheid is wat u het meest verafschuwt. Aan die concentratie tilt u minder zwaar. Die is voor u zo'n normale gemoedstoestand, die keert vanzelf wel weer terug.

Als u luistert naar de muziek die u lief is, dan zit u ook zo. Of als u luistert naar een oude bandopname van een stem die er niet meer is. Het is mogelijk dat uw ogen zich dan even sluiten, en wederom bent u zich daar dan misschien niet eens van bewust. Maar op dit moment zijn uw ogen niet gesloten. Er is geen geluid om u heen. U kijkt ergens naar, en u kijkt met alle concentratie die in u is. U kijkt in een kleine spiegel in uw rechterhand.

En u zegt bij uzelf: dag meneer, ik ken u niet.

mailIcon print |