*

 
dossier

Archief

'Ervaring werknemer telt meer dan leeftijd'

TOINE VAN CORVEN − 17/01/96, 00:00

TILBURG - De gedachte dat oudere personeelsleden vanwege hun leeftijd niet aan opleidingen deelnemen, zich daardoor niet verder ontwikkelen en totaal niet flexibel zijn, is een vooroordeel en klopt niet.

Dat stelt onderwijskundige en psycholoog drs J. Thijssen uit Bilthoven die vandaag aan de Katholieke universiteit Brabant promoveert. Op grond van onderzoek stelt Thijssen dat het van weinig belang is of personeelsleden 40 jaar, 50 jaar, of ouder zijn. Veel meer van belang voor deelname aan opleiding en flexibiliteit in de tweede helft van de loopbaan zijn de verwachtingen van de omgeving, en de opgedane ervaring in de afgelopen vijf tot tien jaar. Daarbij is variatie in ervaring van groot belang. Voor wie veel ervaring heeft, maar op slechts een klein deelgebied, gaat de stelling niet op.

De conclusie dat leeftijd van veel minder belang is dan werd verondersteld, haalt volgens Thijssen allerlei oude theorieen onderuit. “Als het leven een boog is met een opkomst en een afgang luidt de theorie tot nu toe dat op de top van de boog - halverwege de loopbaan - de afgang begint en wel onherroepelijk en onomkeerbaar. Uit mijn onderzoek blijkt het tegendeel. Het gezegde dat ouderdom met gebreken komt mag dan wel lichamelijk gelden, maar niet in verstandelijke zin”, aldus Thijssen.

Raar

Bij de Rabo-bankorganisatie, waar de promovendus werkt, bleek Thijssen dat mensen van boven de veertig minder aan verbredingsopleidingen deelnamen dan jongeren. “Dat sluit aan bij de vooroordelen, maar is ook raar. Neem technologie in het bankwezen. Jongeren hebben daar in hun opleiding meer van meegekregen dan ouderen. Toch kwamen meer jongeren dan ouderen op die opleidingen af. Bepalend voor de ouderen die wel deelnamen was, naast andere factoren, vooral het idee dat zijzelf hadden omtrent de verwachtingen van hun omgeving, en de aard van de ervaringen die men achter de rug had.”

Met het stijgen van de leeftijd zijn mensen emotioneel en vaktechnisch geneigd zich op een ervaring te concentreren. Dat geldt zowel voor hogere als lagere beroepen en uit zich in scholingservaring, functie-ervaring (steeds meer van het zelfde) en netwerkervaring. Beter dan ervaringsconcentratie is ervaringsvariatie, stelt Thijssen. Personeelsmanagement zou zich daarvan rekenschap moeten geven. Uit onderzoek bij de Rabo stuitte hij op twee typen personeelsmanagers. Het type dat handelt vanuit de 'actie-rust-hypothese' (volg een tijdje opleidingen en dan weer even niet) en het type dat de 'extrapolatie-hypothese' aanhangt (je moet bijblijven). De laatste groep managers heeft volgens Thijssen gelijk. Wat hem ook opviel is dat management en ouder personeel nauwelijks met elkaar over verbredende ontwikkelingen praat. “Een manager die ik aansprak zei: 'Ze zijn oud en wijs genoeg'. Hij bedoelde: Ze zijn oud en eigenwijs genoeg.”

Fragmentatie

“Begrijp me goed”, zegt Thijssen, “ik houd geen pleidooi voor maximale ervaringsvariatie. Dat heeft namelijk het gevaar in zich van ervaringsfragmentatie, waarbij niemand nog expertise opdoet. Personeelsleden zomaar in the blind ervarings-variatie laten opdoen is dan ook niet de juiste weg. Beter is 'dakpansgewijze' aan achterstallig onderhoud te doen. Opdat mensen de verbanden zien.” Thijssens pleidooi voor ervaringsvariatie staat haaks op in zekere kringen geldende opvattingen dat specialisatie het beste zou zijn voor een carrière. “De maatschappij zegt: doe vooral waar je sterk in bent. Waarbij vaak gedacht wordt dat je maar in één ding sterk bent. Het is beter meerdere potjes op het vuur te hebben.”

Zijn conclusie dat - de juiste - ervaring meer gewicht in de schaal legt dan leeftijd als het om flexibiliteit en 'bijblijven' gaat, brengt Thijssen tot de opmerking dat argumenten voor algemene uitstroomregelingen in feite niet meer houdbaar zijn. “Een dergelijke regeling gaat eerder op voor jonge dan voor oudere personeelsleden. Immers, de verschillen in capaciteit en flexibiliteit zijn groter tussen ouderen dan tussen jongeren. Ik denk dat er, met het oog op de ontwikkelingen in bijvoorbeeld de pensioenen, over de hele linie maatwerk gaat komen.”

mailIcon print |