Wie in het concept-program zoekt naar progressieve standpunten als milieu boven economie, een verhoging van het budget voor ontwikkelingshulp en een algemene verhoging van het minimumloon, met de daaraan gekoppelde uitkeringen, zal lang bladeren. Ze staan er niet meer in.
Als het gaat om de leefomgeving, internationale solidariteit en bestrijding van de armoede,vindt men soms vage teksten, die meer de dilemma's beschrijven dan een heldere keuze laten zien.
Verwonderlijk is het niet. Ook de kandidatenlijst voor de Tweede Kamer wijst er al op: de PvdA is niet meer de partij van vier jaar geleden. Was het voor de sociaal-democraten bij de vorige verkiezingen na de ingrepen in de WAO nog van belang om zich als de hoedster van de zwakkeren op te werpen, dat is nu niet meer aan de orde. De nieuwe mensen die de PvdA binnenhaalt, zijn nu niet direct de vertegenwoordigers van de oude arbeidersbeweging waarin de partij wortelt. Het zijn de goed opgeleide randstedelingen uit het advieswezen en het overheidsapparaat, die vier jaar Kamerlidmaatschap wel een aardige carrièrestap vinden.
De lijst straalt, net als het programma, de ambitie van de PvdA uit om verder te regeren. Haalbaarheid en doeners met kennis van zaken zijn belangrijker dan grootse visies en het niet direct op resultaat gerichte debat. Verder regeren zal een stuk gemakkelijker worden als de partij (opnieuw) de grootste wordt en dus is een wat radicaler, sociaal-democratischer programma uit den boze. Riep politiek leider en premier Wim Kok in december 1995 tijdens de Den Uyl-lezing niet dat de PvdA zijn ideologische veren had afgeworpen?
Het is de vraag of alle afdelingen van de partij het van harte eens zijn met deze koers. Afgaande op het grote aantal wijzigingsvoorstellen (525) dat vandaag en morgen op het verkiezingscongres wordt behandeld, mag daaraan worden getwijfeld. Maar het zijn vaak slechts een of twee afdelingen, die sputteren. En bovendien is het partijbestuur vooralsnog niet van plan iets te veranderen. Dat het minimumloon niet mag worden verlaagd (het stond niet meer expliciet in het programma), wil het nog wel toevoegen, maar verder worden vrijwel alle voorstellen afgewezen.
Met weemoed herinnert de afdeling Delft zich hoe de sociaal-democraten nog maar zes jaar geleden onomwonden voor het milieu kozen. Na het rapport van de Wiardi Beckmann-stichting over de dreigende teloorgang van de leefomgeving nam het partijcongres in 1991 de 'Resolutie inzake milieu' aan, waarin werd vastgelegd dat ingrepen in consumptie en productie nodig zijn om deze eindige voorziening te beschermen. Nu rept het concept-programma slechts van een 'kwaliteitssprong' die nodig is om de groei van de werkgelegenheid niet ten koste te laten gaan van het milieu.
En zo wordt in de congresstukken vaker gerefereerd aan oude PvdA-opvattingen en rapporten. Was de PvdA niet ooit tegen aardgasboringen in de Waddenzee en tegen een verdere uitbreiding van Schiphol? Dat de PvdA zich over dit laatste punt niet uitspreekt, vinden sommige afdelingen een teken aan de wand. Juist nu er bij de formatie van een nieuw kabinet knopen moeten worden doorgehakt over uitbreiding van de luchtvaartcapaciteit in Nederland, moet de PvdA duidelijk maken waar zij staat, menen zij. Maar het partijbestuur wil geen uitspraak doen: te vroeg. Je zou het jezelf daarmee immers tijdens de formatie wel eens moeilijk kunnen maken.
Ook op andere terreinen worden geinspireerde, duidelijke teksten en keuzes gemist.
Neem bijvoorbeeld het onderwijs en de rol die het speelt in de ontwikkeling van jonge kinderen. De afdeling Schouwen Duiveland ziet zich genoodzaakt naar de Britse Labour-leider en premier Tony Blair te grijpen voor een modern socialistisch geluid op dit terrein. Zijn 'onorthodoxe programma' voor het inlopen van achterstanden bij kinderen moet hier ook worden ingevoerd, vindt men.
En wat is er toch geworden van de vroegere afspraak binnen de PvdA, keer op keer vastgelegd door de congressen, dat men streeft naar verhoging van het budget voor ontwikkelingshulp tot één procent van het bruto nationaal product? De Evert Vermeer Stichting en de Jonge Socialisten herinneren er vergeefs aan. Maar ook hier vaart het partijbestuur de middenkoers. Een verhoging van het budget van 0,8 procent naar 1 procent leidt bij een economische groei van 2 procent tot een extra uitgave van zo'n 1,4 miljard. Dat zou toch een brug te ver zijn.
Protesteren doen de afdelingen wel, maar dat er grote veranderingen in het programma zullen worden aangebracht lijkt niet waarschijnlijk. Het partijbestuur toont zich redelijk onverzettelijk. En wie wil aansturen op een confrontatie met de partijtop, juist nu het zo goed gaat met de partij? Als de peilingen kloppen, wordt de PvdA straks zo groot dat zij kan kiezen met wie zij wil regeren.
De kans is daarmee groot dat het congres, zoals wel vaker, de frustratie over het gebrek aan inhoudelijke invloed zal afreageren op de poppetjes. Er dienen zich tal van pogingen aan om te sleutelen aan de kanididatenlijst voor de verkiezingen van 6 mei. Met als meest in het oog springende lobby de poging om het voormalige prominente Kamerlid Frans Leijnse een verkiesbare plaats op de lijst te geven.
De voormalige vice-fractievoorzitter, binnen de PvdA te situeren op de linker, sterk door de vakbeweging beïnvloede, vleugel, stapte in 1994 op uit onvrede met het functioneren van partij en fractie. 'Wat leider Kok er wel van zou vinden' werd Leijnse te veel het uitgangspunt van het handelen van de anderen in de top van de partij.
Leijnse, momenteel hoogleraar sociaal-economisch beleid aan de Erasmus-universiteit in Rotterdam, overleefde de selectie voor de lijst niet. Het geeft aan hoe populair hij nog is bij de partijtop. Midden in de WAO-crisis op 1 mei '93 eiste hij, zonder overleg met de partijtop dat het kabinet-Lubbers de oude gevallen in de WAO zou ontzien. Volgens mensen als Melkert, toen ook lid van het fractiebestuur en nu de belangrijkste kandidaat om Kok na de volgende kabinetsperiode op te volgen als partijleider, betekende de actie van Leijnse een mes in de rug van de gevierde partijleider. Mocht het de afdeling Leiden lukken Leijnse alsnog op de PvdA-lijst te krijgen, dan is dat de belangrijkste klap in het gezicht die de partijtop op dit congres kan krijgen.
De andere, al aangekondigde, acties rond de kandidatenlijst zijn bedoeld om zittende Kamerleden, zoals Apostolou en Van Heemst, een wat hogere plaats op de lijst te geven. Die acties mogen in vergelijking met de lobby-Leijnse, echter geen naam hebben.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.