*

 
dossier

Archief

Piet Vroon 1940-1998

ESTHER HAGEMAN − 15/01/98, 00:00

Vroons meest in het oog lopende verdienste is geweest dat hij als eerste, en tot dusver enige, de academische psychologie naar het grote publiek heeft gebracht.

Eind jaren zeventig begon dat, via boeken als 'Weg met de psychologie' - een boek dat er kwam omdat de dochter van een uitgever bij hem in de collegezaal zat die, als zo velen, van zijn colleges genoot en die haar vader wees op het bestaan van die opmerkelijk boeiende docent.

Het vormde het begin van een stroom boeken, over hersenen, over de reuk, over het bewustzijn, over de stand van zaken van het psychologisch onderzoek ter universiteit.

In de dagbladen bedreef hij enige tijd lang wetenschapsjournalistiek van paginalengte, tot de Volkskrant hem als columnist aantrok. Zijn stukjes in het blad van de Leidse universiteit, waar hij toen nog werkte, waren op die redactie opgevallen als leuk geschreven.

Vroon had een geestige, scherpe pen die zijn zaterdagse Volkskrant-column ('Signalement') een zekere vermaardheid bezorgde. 'Populariseren' betekende bij Vroon niet dat hij zich op de hurken begaf en versimpelde. Het betekende dat hij als een gedreven onderwijzer uitlegde hoe ingewikkelde zaken in elkaar zaten.

Hij had een encyclopedische kennis die niet ophield bij de grenzen van zijn vak, de psychologie. Ook was hij buitengewoon geïnteresseerd en belezen in de geneeskunde. Het onderscheid tussen 'alternatief' en 'regulier' vond hij een farce, omdat het bewijs voor de werking van veel 'reguliere' geneesmiddelen volgens hem rammelde.

Vroon vond het beginsel 'wat werkt is waar' vruchtbaarder dan de autoriteitsgevoelige indeling 'regulier' versus 'alternatief.' Als haaienkraakbeen bleek te werken in de non-toxische behandeling van kanker, dan schreef Piet Vroon dat in zijn column op.

Wanneer de halve wereld de loftrompet stak over het antidepressiemiddel Prozac, dan waarschuwde Vroon tegen de lichamelijke gevolgen op lange termijn.

Vroon was niet alleen hoogleraar, een onafhankelijke geest en een wandelende encyclopedie. Hij was ook altijd een molenaarszoon gebleven, die nooit was vergeten dat hij alleen maar had kunnen studeren omdat een dorpsgenoot met arendsblik opmerkte dat de jonge Piet een scherp verstand had dat verder moest worden ontwikkeld en dat financieel mogelijk maakte.

Vroon was in zijn persoonlijk leven ook een kwetsbare en gekwetste man, die vooral de laatste jaren steeds minder weerstand leek te hebben tegen de gedeprimeerdheid die in hem zat.

Tegen de vulgarisering van de universiteit (die hij jaren eerder al sarcastisch de 'Zulo' doopte, hetgeen stond voor Zeer Uitgebreid Lager Onderwijs) kwam hij begin 1993 in het geweer toen grootgrutter Albert Heijn een eredoctoraat van Nijenrode kreeg. Hij gaf toen uit protest zijn eigen doctorsbul terug.

Details over Vroons doodsoorzaak ontbreken, maar wie hem door de jaren heen meemaakte, heeft zijn oprukkende somberheid gadegeslagen. De televisiekijker kon recent nog observeren dat Vroons weerzin tegen de pseudo-therapie van een zakkenvuller als Emile Ratelband niet Ratelband, maar Vroon aanvrat.

mailIcon print |