ROTTERDAM - Het succes van de Straatkrant, die honderden daklozen maandelijks in een oplage van 150 000 exemplaren aan het publiek verkopen, is zonder overdrijven een 'wereldwonder'.
Zo groot is het succes dat de Straatkant hieraan ten onder dreigt te gaan, waarschuwde gisteren directeur E. Czyzewski van het Boumanhuis in Rotterdam tijdens een symposium over de toekomststrategie van de krant. “Mij verbaast het niet, als de zaak een keer klapt”, aldus de voormalige directeur van de Rotterdamse sociale dienst.
Czyzewski vindt dat de Straatkrant, momenteel in vijf verschillende edities te koop in Utrecht, Den Haag, Amsterdam, Den Haag, Haarlem, Arnhem en Nijmegen, in de huidige vorm moet worden gekoesterd. Van één vast coördinatiepunt of de vorming van een deskundig bestuur, zoals de vereniging Straatmedia Groep Nederland overweegt, wil hij niets weten. “Als ik dat hoor krijg ik rillingen. Houd de krant aan de onderkant, zeg ik. Bouw aan een eigen brug en waak ervoor dat de krant wordt doodgeknuffeld. Natuurlijk kan de diepgang en de kwaliteit worden verbeterd en mogen er 'specials' worden uitgebracht. Maar doe dat dominant op lokaal niveau. Begin niet aan één landelijke krant.”
Volgens de directeur van het Boumanhuis, instelling op het gebied van de verslavingszorg, vaart ook de samenleving wel bij het succes: “Er zijn zelfs mensen die bewust dakloos blijven omdat ze de Straakrant verkopen. De drugsverslaafden, psychiatrische patiënten en 'gewone' thuislozen hoeven minder te stelen om in hun onderhoud te voorzien. De criminaliteit neemt af en de daklozen leiden een beter bestaan.”
De kranten, die twee gulden kosten en waarvan de helft voor de verkoper is, sloegen sinds de introductie enkele jaren geleden meteen bij een groot publiek aan. Inmiddels is de inhoud ervan niet alleen toegesneden op de mensen aan de zelfkant van de maatschappij. Hans Visser, predikant en coördinator van de Pauluskerk in Rotterdam: “Voorheen vormden thuislozen een uitzichtloze groep. Maar door de komst van de Straatkrant is dat beeld bijgesteld. Het publiek koopt de krant, maakt een praatje met de verkoper en denkt na over diens bestaan. Zo heeft van twee kanten een geweldige opleving plaatsgevonden. Een wereldwonder in de drugsscene. En het ongekende enthousiasme is altijd gebleven. Voor de gewone burger is de Straatkrant een bron van inspiratie gebleken om de verslaafde beter te leren kennen.”
Professionalisering
Ook Saskia Warner van het Nederlands Instituut voor zorg en welzijn erkent de 'onvermoede kwaliteiten' van de Straatkrant. Maar vanwege de voortdurend groeiende oplage is volgens haar professionalisering gewenst. “De inkomsten komen volledig ten goede aan dak- en thuislozen, maar door de omvang van de projecten is het goed dat naar bedrijfsrisico's wordt gekeken, medewerkers gerichte ondersteuning krijgen, inzicht in de financiën gewaarborgd is en de acquisitie wordt versterkt. Door alle drukte komen er steeds meer organisatorische problemen.”
Saskia Warner pleit, naar Brits voorbeeld, voor (nog) meer betrokkenheid van het bedrijfsleven. “De Straatkrant moet een gezond commercieel en sociaal evenwicht herbergen. Kern is en blijft de bestrijding van armoede en mensen van zo'n bestaan te ontsluiten. Van de straat en gaan werken in deze organisatie, dat is ons ultieme doel.”
Czyzewski houdt echter vol dat de gewenste professionalisering de voornaamste bedreiging voor de Straatkrant vormt. “In Rotterdam is de krant nog steeds een experiment. De overheid wilde, waar lang niet alle werklozen in een banenpool passen, van het controlegezeur af en zei daarom 'U gaat uw gang maar'. En tegen uitkeringsgerechtigden onder de verkopers: 'Maar u levert wel de helft van uw uitkering in'. Nu de krant zo'n succes is en een beetje verkoper er goed aan verdient, komen de vragen. Want waarom gelden voor de bijstandsmoeder strengere grenzen? De vraag voor de Straatkrant is 'Wie bepaalt wat'? Het antwoord daarop moet niet van de overheid komen, maar van de vereniging Straatmedia Groep.”
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.