*

 
dossier

Archief

Wie rijdt en rookt voelt belastingdruk het meest

Door: redactie − 02/01/97, 00:00

Van onze parlementsredactie DEN HAAG - Hoewel loon- en inkomstenbelastingen wat omlaag gaan per 1 januari 1997, zullen automobilisten, rokers en ook woningbezitters nog het meest concreet de gevolgen voelen van de veranderingen per 1 januari in de belastingen. Door de koppeling van de uitkeringen aan de lonen gaan het minimumloon, de bijstand en de AOW bruto 0,77 procent omhoog.

Per 1 januari gaan de accijnzen op benzine, diesel en LPG omhoog met respectievelijk 15, 7 en 9,5 cent per liter (inclusief BTW). Daar staat een verlaging van de motorrijtuigenbelasting tegenover, want het kabinet beoogt niet het bezit, maar het gebruik van de auto te ontmoedigen. Op 1 februari volgt de verhoging van de accijns op sigaretten, shag en pijptabak met 17,5 cent (inclusief BTW).

Eigen-woningbezitters krijgen per 1 januari te maken met een aanzienlijke wijziging in de inkomstenbelasting, dankzij de invoering van de nieuwe Wet waardering onroerende zaken (WOZ). Het huurwaardeforfait gaat omlaag van 2,8 naar 2,1 procent van de waarde van de woning in bewoonde staat. Dat komt overeen met 1,25 procent van de zogenaamde WOZ-waarde die voor iedere woning wordt vastgesteld. Dat gebeurt door de gemeenten. Veel woningbezitters vrezen dat de waarde van hun woning voortaan veel hoger wordt geraamd, nu zij de raming zelf niet meer mogen doen voor de inkomstenbelasting. Daardoor vrezen zij veel meer bij hun inkomen te moeten optellen. Maar daar staat dan wel een lager forfaitpercentage tegenover.

Het beleid van het kabinet blijft gericht op lastenverlichting voor werknemers en bedrijven. Daarnaast krijgen ouderen met lagere inkomens speciale aandacht. Voor werkgevers zijn er een paar ingrijpende veranderingen. Met het doel de werkgelegenheid 'aan de onderkant' te bevorderen heeft het kabinet besloten om de belastingen voor werknemers op of net boven het minimumloon te verlagen. Voor directeur-grootaandeelhouders met een aanmerkelijk belang in hun onderneming (vijf procent of meer) komt een speciaal belastingtarief van 25 procent over alle voordelen die voortvloeien uit hun aandelenbezit.

De belangrijkste wijzigingen in belastingen en uitkeringen zien er als volgt uit (tussen haakjes bedragen voor 1996):

- Verlaging tarief eerste schijf met 0,2% naar 37,3%

- Verlenging tweede schijf met ¿ 3 350 (¿ 2 125)

- Verhoging arbeidskostenforfait (de vaste aftrek voor werkenden) tot ¿ 2 598 (¿ 2 507)

- 65-jarigen en ouderen met een inkomen minder dan ¿ 53 062 (¿ 52 328) komen in aanmerking voor de ouderenaftrek van ¿ 923 (¿ 910). Wie recht heeft op de ouderenaftrek komt ook in aanmerking voor de aanvullende ouderenaftrek van ¿ 1 040, op voorwaarde dat men een AOW-uitkering voor alleenstaanden of alleenstaande ouders geniet.

- Het tarief vennootschapsbelasting gaat over de eerste ¿ 100 000 winst omlaag van 37 naar 36%.

- de aftrek van rente over persoonlijke leningen wordt beperkt tot 10 000 gulden per persoon (gehuwden het dubbele).

- De tarieven 1997 voor de inkomstenbelasting en de uitkeringen staan op pagina 11

mailIcon print |