*

 
dossier

Archief

Omstreden ploegenspel brengt Borst eerste zege

ARJEN VAN DER ZIEL − 21/10/96, 00:00

AMSTERDAM - Marathonschaatser Ruud Borst heeft zaterdag in Amsterdam de eerste wedstrijd om de KNSB-cup gewonnen. Borst en zijn teamgenoten waren oppermachtig en kwamen er openlijk voor uit dat ze lak hebben aan de nieuwe regel dat een ploeg uit maximaal drie A-rijders mag bestaan. Superknecht Piet Kleine schaatst formeel in een eenmansploeg van een andere sponsor, maar rijdt feitelijk in dienst van Klerk's, de formatie waartoe ook Borst behoort.

Tweedejaars A-rijder Patrick Snijders schaatste de hele wedstrijd opvallend strijdlustig. Met nog twintig rondjes op de klok, ontsnapte hij uit het peloton en nam 150 meter voorsprong. Tweeënhalve minuut lang kwam er geen reactie. Het tempo van de meute ging wel omhoog, maar vijf ronden lang bleef het gat met Snijders heel groot.

Totdat Ruud Borst de aanval inzette. De atletische slungel uit Leiderdorp schaatste met lange slagen weg uit het peloton, met in zijn slipstream Gaasenbeek, Kromkamp, Van Mechelen en Henri Ruitenberg. Het vijftal haalde de moegestreden Snijders in. Die kon de hoge snelheid niet bijbenen en moest al snel afhaken.

Het peloton deed geen moeite om het groepje te achterhalen. Borsts ploeggenoot Lammert Huitema reed aan kop en drukte het tempo. “Ik gokte op een overwinning van Ruud”, zei Huitema na afloop. “In dat groepje zaten bovendien geen concurrenten van mij voor het klassement.”

Ruitenberg trok in de finale de sprint aan, maar Borst passeerde hem bij het ingaan van de laatste bocht. Borst stond zijn koppositie daarna niet meer af en ging met gebalde vuisten als eerste over de finish. Kromkamp en Gaasenbeek eindigden respectievelijk als tweede en derde.

Borst zei na afloop dat het tactische overwicht van zijn ploeg een belangrijke rol heeft gespeeld. “Ik wist dat ik de sprint zou winnen als het groepje bij elkaar zou blijven. Dus toen ik wegreed met dat viertal, hielden de andere drie van onze ploeg de benen stil. Zo werkt dat.”

Om de rol van het zogenoemde ploegenspel te verkleinen en de schaatsers meer strijd te laten leveren, heeft de schaatsbond bepaald dat een ploeg dit seizoen slechts drie A-rijders mag tellen. Vorig seizoen mochten het er vier zijn.

Niet iedereen houdt zich aan de nieuwe regel. De Klerk's-ploeg is een van de overtreders. “Ze hebben die maatregel alleen genomen, omdat wij vorig seizoen te sterk waren”, zegt ploegleider Frans Overdevest. Hij vindt de regel onzin. “Ze laten Feyenoord en PSV toch ook niet met zeven tegen zeven spelen?”

Officieel bestaat zijn team dit seizoen uit drie rijders: kopman Lammert Huitema en helpers Ruud Borst en Yep Kramer. Piet Kleine rijdt als eenmansploeg voor een andere sponsor. Maar in werkelijkheid rijdt Kleine gewoon voor Overdevest, net als vorig seizoen. De ploegleider met een grijns: “Je mag maximaal drie schaatsers in een ploeg hebben, maar ze hebben er niet bij gezegd hoeveel ploegen je mag hebben.”

Lammert Huitema heeft een opvallende ommezwaai gemaakt. Twee seizoen geleden was hij de lieveling van het publiek omdat hij in zijn eentje de strijd aanbond met de ploegen. Huitema is een eenling, schreven de sportverslaggevers vol bewondering, al die ploegentactiek zint hem niet. “Ik was een soort Don Quichot”, zegt Huitema. “Maar geestelijk houd je dat niet lang vol.”

If you can't beat them, join them. Huitema trad vorig seizoen als kopman in dienst van Klerk's, ook toen al de machtigste ploeg van het peloton. Het was het begin van een lange reeks successen. Huitema won de openingsrit in Assen, veel andere wedstrijden op kunstijs, de KNSB-cup, het Nederlands Kampioenschap en enkele ritten op natuurijs.

De schaatsbond is ongelukkig met de gang van zaken. “Wij hebben liever open wedstrijden, met niet te veel ploegentactiek”, zegt Hans Brandt, voorzitter van de sectie marathonschaatsen.

“Helaas hebben ze toch een maas in de wet gevonden.” Volgens hem is er dit seizoen niets meer aan te doen. “Het is lullig, maar zo is het nu eenmaal. We kunnen de regels niet tijdens het seizoen veranderen.”

Brandt denkt dat de verkleining van de ploegen al wel een positief effect heeft gehad. “Het aantal ploegen is gestegen van vier naar dertien en we hebben meer sponsors.”

Volgens Brandt is de dominatie van Huitema en zijn helpers een van de redenen voor het beperken van het aantal A-rijders per team. “Die ploeg was vorig seizoen te machtig, dat heeft veel kwaad bloed gezet.” De organisatoren van de klassiekers op natuurijs zien de ploegen zelfs het liefst helemaal verdwijnen, zegt hij.

Piet Kleine dronk zaterdagavond na de wedstrijd een biertje met de andere schaatsers van de Klerk's-ploeg. “Wij hebben vandaag tactisch sterk gereden”, zei de 45-jarige postbode uit Drenthe. “In principe was Ruud de snelste sprinter van dat groepje, dus wij konden de boel achterin dichtgooien.” Het ploegenspel hoort volgens hem bij het moderne marathonschaatsen.

Kleine vindt dat de rol van de ploegentactiek niet moet worden teruggedrongen. “Dat is terug naar het jaar nul.” Veel organisatoren van wedstrijden op kunstijs denken “amateuristisch”, vermoedt hij.

“Ze verlangen terug naar de tijden van Jan Roelof Kruithof. Dat is onzin. We rijden toch ook niet meer in wollen truitjes?”

mailIcon print |