In de jaren vijftig stond op een zijspoor van station Utrecht de 'Spoorbio'. In een uitgerangeerde treinwagon werd doorlopend het Polygoonnieuws van die maand (!) vertoond, een paar maal per dag onderbroken door een 'film voor het hele gezin'. Misschien is mijn zwak voor wat bloeit en groeit wel in die donkere pijpenla ontwaakt, want daar zag ik voor het eerst 'Bevervallei' en 'Robbeneiland' van Walt Disney.
De film die de meeste indruk op mij maakte was 'De woestijn leeft'. Nooit zal ik het dappere muisje vergeten dat zich zand-schoppend met zijn lange poten een hoornadder van het lijf hield, en evenmin het eekhoorntje dat, ogenschijnlijk zonder een vin te verroeren, over de grond bewoog. Totdat de camera liet zien dat het op de rug van een schildpad meereisde.
De diepere bedoeling van Walt Disney was natuurlijk om de toeschouwer te laten zien dat de doodse verlatenheid van de Sahara bij nader inzien vol leven zat. De versnelde opnamen van het opschieten van een plantje uit het stof, na een korte regenbui, konden iemand in 1955 nog ontzag voor Gods grote schepping inboezemen. Nu dankzij filmers als David Attenborough en Hugo von Lawick mensenhaaien, apenbroodbomen en Namibische kustwoestijnen tot de dagelijkse stoffering van onze kamer behoren, moeten de wonderen van steeds verder worden gehaald.
De woestijn is voor de volken die zich in het Midden-Oosten aan rivieren en bronnen gevestigd hadden altijd een plaats van huiver en aanbidding geweest. Veel van die volken hadden zelf een nomadische geschiedenis, ze hadden lang door de woestijn gezworven (veertig jaar bijvoorbeeld), voor zij erin slaagden anderen bij het water te verdringen. De zogenaamde 'Aramese volksverhuizing' was een wedloop naar de vruchtbare halve maan in het tweede millennium voor Christus, waaraan de Israëlitische stammen gretig deelnamen. Want toen en nu betekent water het verschil tussen leven en dood in die contreien.
Eeuwenlang moesten de kolonisten zich verdedigen tegen laatkomers uit de Syrische woestijn of uit de Sinaï, die het op hun land van melk en honing voorzien hadden. Tenten werden voor huizen verruild, en veeteelt voor landbouw. En toch, al die volkeren aanbaden goden die herinnerden aan de cowboyjaren en de nomadische woestheid van Baül en Marduk, grote goden van het tweestromenland, moet een vertrouwde indruk hebben gemaakt in de nieuwbakken Assyrische en Babylonische culturen.
De berggod Jahweh, die zijn wet op de Sinaï had gesteld, was niet minder jaloers. Voor de minste vergrijpen tegen de clangeest eisten deze 'djin' een offer van bokkenpoten of schapenschenkels. Grote overtredingen werden met mensenlevens betaald. De woestijn is een harde leerschool.
Wie zich in Palestina wilde afzonderen van het gewoel, van de heersende opinie en de gevestigde machten, kon terecht in de woestijn. Johannes de Doper noemde zich 'de stem van een die roept in de woestijn', en Jezus onderging in de woestijn een voorbereiding op zijn openbare optreden. Een van de vele demonen in het gebied bezocht en beproefde de nieuwe rabbi.
De schrijvers van de Dode Zee-rollen, die we voor het gemak de Essenen noemen, zochten rond de jaartelling ook hun toevlucht in de woestijn. Antonius abt (van 'abbas', vader), de kluizenaar die in 356 na Christus op 17 januari zou zijn gestorven, trad dus in het voetspoor van een oude woestijncultus, maar hij gaf wel de stoot aan een systematischer ontginning van de verlatenheid. Zijn kluis in de buurt van het Egyptische Memphis trok eerst nieuwsgierigen, en later ook veel volgelingen. Het werd druk in de woestijn. De oude kerk kent een hele rits woestijnheiligen - met Simon de pilaarzitter als de bekendste - die vastend en biddend hun leven in eenzaamheid sleten. In de vijfde eeuw werd hun moedig voorbeeld vastgelegd in een collectie 'apothegmata', stichtelijke anecdotes. Die vertellen van de verleidelijke en verschrikkelijke verschijningen waaraan de kluizenaars bloot stonden. Prachtige meiden en baarlijke duivels probeerden de heremieten van het werk te houden.
Dat is geen wonder. Uit de psychologie is bekend dat als je iemand langdurig zintuiglijke prikkels onthoudt, sensory deprivation in het vakjargon, hij vanzelf begint te 'malen', om aan geestelijke kost te komen. De monotonie en ascese van het kluizenaarsbestaan bewerken zo'n toestand van 'sensory deprivation'. En uit weer een ander deel van de psychologie is bekend dat de onwillekeurige verbeelding vaak geiligheid en angstigheid voortovert. De middeleeuwse kunstenaars sponnen garen bij die sterke verhalen. Toch is het varken waarmee Antonius abt vaak is afgebeeld geen creatuur uit de fantasie van een Jeroen Bosch. Het was de Antoniusbroeders, een elfde-eeuwse organisatie voor de opvang van zieken en vreemdelingen, toegestaan om hun varkens in de straten 'te weiden', en dat privilege wilde de broeders graag vereeuwigd zien.
De woestijnvaders, de 'abba's' van wie Antonius de oudste en de wijste was, kenden één glorieuze eeuw, en hun voorbeeld vond navolging ver van de Egyptische woestijn. De Griekse en Russische kerken vereren nog steeds de heilige kluizenaar. Maar rond 500 schreef de Regel van Benedictus de monniken een ordelijke gemeenschap voor: het klooster. Het christelijk leven werd georganiseerd, het onderhoud van de monniken kreeg een degelijke basis, en de goddelijke aanbidding werd gereguleerd in getijden.
Mystieken en dwepers zochten nog steeds de rand van de bewoonde wereld op, waar zij van al dat toezicht verschoond waren, maar stonden voortaan onder verdenking van ketterij. Het heimwee naar de stilte en ascese bleef, zozeer dat kloosterordes zoals de cisterciënzers en karthuizers ook de woestijn probeerden te 'regelen'. Het resultaat is de kwadratuur van de cirkel.
Thomas Merton (1915-1968), een katholieke Amerikaanse bekeerling, en ook nog de schrijver van een van de mooiste autobiografieën van deze eeuw, 'Louteringsberg' (1949), heeft altijd geworsteld met de verschillende aantrekkingskrachten van eenzaamheid en gemeenschap. In 1941 trad hij in bij de cisterciënzers. Zijn verdere leven heeft hij zich van cel naar kluis bewogen over het kloosterterrein, steeds verder weg van de discipline. Tot hij, bijna over de kloostermuur, weer onder de invloed van de grote wereld kwam. Een bevriende psychoanalyticus had hem lang daarvoor al gezegd: 'Jij wil een kluis op Times Square in New York met een groot bord KLUIZENAAR erop'.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.