De auteur is publicist en ex-ziekenhuisdirecteur.
Op vele terreinen proberen economische fundamentalisten (de marktfanaten) het verkeer in de samenleving eerst te dereguleren, om dit daarna zo te herreguleren dat de onzichtbare hand van de markt vrij baan krijgt. Mocht er eens wat onverwachte chaos ontstaan, dan houden deze fundamentalisten de overheid nog als aap in de mouw achter de hand. Maar verder: vrijheid, blijheid. Want, verkondigen zij van de daken, de Grote Wet van Vraag en Aanbod bevoordeelt misschien eerst alleen de groten, als je maar lang genoeg wacht drupt het vanzelf wel door op de kleinen . . . Winst gaat, beweren deze egoprofeten, toch altijd aan werkgelegenheid vooraf?!
Het gevaar van fundamentalisten is dat ze in feite oer-conservatief zijn en een zeer beperkt inlevingsvermogen in de positie van anderen aan de dag leggen. Ik wil dit illustreren aan de hand van de ontwikkelingen rond de ziektewet en de regelingen voor het beheer van de sociale werkvoorziening.
De nieuwe ziektewet ziet er zo fraai en zo simpel uit. De ondernemer zorgt bij ziekte van zijn trouwe werknemers gedurende één jaar voor doorbetaling van 70 procent van het loon. Daarvoor kan hij zich natuurlijk verzekeren als hem dat voordeliger lijkt. Mooi toch? Maar hebben de politici in de Tweede Kamer - waar de wet er al 'door' is - dan niet bedacht dat iedere ondernemer door deze wet wordt uitgedaagd om te gaan selecteren? Iedere sollicitant met een (beginnende) chronische kwaal is met deze ziektewet voorgoed van de voor gezonden gereserveerde arbeidsmarkt uitgesloten.
Tijdens de WAO-discussie werd er (terecht) schande geroepen dat werkgevers de kosten voor afgekeurde werknemers konden afschuiven op de gemeenschap. De nieuwe ziektewet opent die mogelijkheid al bij het sollicitatiegesprek!
En als tweede voorbeeld de sociale werkplaatsen, waar getracht wordt aan ca. 80 000 medeburgers met eenvoudig werk toch een zinvol bestaan te bieden. Zo zijn ze althans opgezet, en terecht. Welk beschaafd mens zou zijn minder begaafde buurman geen plaatsje onder de zon gunnen? De harde praktijk is anders. Sociale werkplaatsen in ons rijke Nederland hebben een wachtlijst van 18 000 mensen. Oorzaak: geldgebrek! Dat zijn dus 18 000 mensen die jaren wachten op zo'n klein plaatsje in de zon: eenvoudig werk dat hun een zinvol bestaan en zelfrespect geven kan. Maar dit werk wordt 'economischer' gedaan door machines of verdwijnt over de grens. Het wordt oneconomisch om sociaal te zijn . . .
Ik ontmoette Marcel. Hij werkt al jaren bij de sociale werkvoorziening. Hij moet om half negen beginnen, maar komt altijd met een bus die een uur te vroeg aankomt. Hij vindt dat je op tijd op je werk moet zijn als je mag werken . . . Marcel kreeg drie jaar geleden een brief mee: zijn vaste aanstelling. “Moeder, nu ben ik ook een echt mens.” Hij zwaaide ermee alsof hij zijn doctoraal gehaald had. Kortgeleden bracht hij weer een brief mee: een waarschuwing, dat zijn produktiebijdrage lag onder het gewenste economische niveau en dat daarom zijn sociale (!) werkplek niet meer zeker was. Hij wil nu geen verlofkaart meer invullen, omdat hij geen vrije dagen durft op te nemen.
Begrijpt u nu hoe fataal de markt uitwerkt voor de zwaksten, als de meerderheid van ook hun volksvertegenwoordigers blijk geeft hun grondwettelijke plicht - het behartigen van het algemeen belang (artikel 50) - op te offeren op het altaar van de economie? Artikel 20 van onze Grondwet staat er toch niet voor de vaak:
1. De bestaanszekerheid der bevolking en spreiding van welvaart zijn voorwerp van zorg der overheid.
2. De wet stelt regels omtrent aanspraken op sociale zekerheid.
3. Nederlanders hier te lande die niet in het bestaan kunnen voorzien hebben een bij de wet te regelen recht op bijstand van overheidswege.
Daar is geen woord Frans bij: de overheid heeft de plicht tot zorg en het maken van wetten. En die wetten horen niet alleen de sterken te bedienen. Ze moeten de economie aan banden leggen om de beschaving op niveau te houden.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.