*

 
dossier

Archief

Tempo blijkt voor veel beursstudenten te hoog

Door: redactie − 29/01/97, 00:00

Van onze onderwijsredactie AMSTERDAM - Ruim 33 000 studenten aan de Nederlandse universiteiten en hogescholen moeten hun beurs over het afgelopen studiejaar terugbetalen, omdat ze niet de nieuwe, verzwaarde temponorm hebben gehaald. Dat is bijna twee keer zo veel als de jaren daarvoor.

In totaal gaat het ministerie van onderwijs 153 miljoen aan beurzen terugvorderen. Dat heeft de Informatie beheer groep, verantwoordelijk voor de studiebeurs, gisteren bekendgemaakt. Afgelopen studiejaar lag de temponorm voor het eerst op de helft van de tentamens. Wie dat niet haalde, zag zijn beurs achteraf omgezet in een lening. Dat kost een student al snel 5 000 gulden. De jaren daarvoor lag de norm op een kwart van de tentamens.

Afgelopen studiejaar hebben 33 400 studenten niet aan de norm voldaan. Deze 'bezemstudenten' maken tien procent uit van alle studerenden in het hoger onderwijs met een studiebeurs. Dat is bijna een verdubbeling ten opzichte van vorig jaar, toen de temponorm nog lager lag.

Studenten aan universiteiten misten vaker de norm dan hun collega's op de hogescholen: respectievelijk twaalf en acht procent. In totaal moeten studenten 153 miljoen gulden terugbetalen. Vijfduizend eerstejaarsstudenten hebben hun studie binnen een half jaar gestaakt en hoeven daarom geen beurs terug te betalen.

Van de universitaire studenten die tussen 1993 en 1995 de temponorm niet hebben gehaald, studeert ongeveer twee derde toch door en in het hoger beroepsonderwijs de helft. De bezemstudent die doorstudeert, blijft meestal bij dezelfde studie. Dat blijkt uit onderzoek door het Instituut voor onderwijskundige dienstverlening (IOWO), in opdracht van onderwijsminister Ritzen.

Academische studenten met rijke ouders studeren volgens het onderzoek vaker door dan hun armere collega's. Van de bezemstudenten van wie de ouders meer dan een ton verdienen, stopte tussen de 15 en 20 procent de studie. Van de bezemstudenten met een lager ouderlijk inkomen stopte tussen de dertig en veertig procent. Op de hogescholen is er geen verschil. Studentenbonden hebben altijd geprotesteerd tegen de prestatienormen, omdat deze nadelig zouden uitpakken voor studenten uit de lagere inkomensklassen.

Universiteiten werken op dit moment aan verbetering van hun opleidingen. Maar een gebrek aan 'studeerbaarheid' is niet de reden dat studenten onvoldoende studiepunten halen. Ze gingen weinig naar college en twijfelden over hun studiekeuze en kansen op werk. Ze hebben vaak klachten over de organisatie van het onderwijs. Ze ontdekken vaak laat dat ze een extra studieschuld oplopen.

Vanaf dit studiejaar krijgen studenten hun volledige beurs eerst als een lening: pas als ze de helft van hun tentamens halen wordt deze 'prestatiebeurs' omgezet in een gift.

mailIcon print |