*

 
dossier

Archief

De lol staat bij Kardelen op de eerste plaats

ELSKE KOOPMAN − 05/01/98, 00:00

De baklava en koffie staan al op tafel. Drie vriendinnen wisselen nog even het nieuws van de dag uit. De twee Turkse zusjes, Nurgül (24) en Tijen (31) Çelik vertellen de Nederlandse Rian Mennen (29) wat ze hebben beleefd. Samen spelen ze nu vier jaar in de multiculturele meidenband Kardelen.

Tijen is de ster van Kardelen. Ze zit als een een diva, opgemaakt en met een petje op haar, naar eigen zeggen, 'dikke kop.' Onder het gesprek speelt ze met haar lange nagels. Maar het is haar jongere zus Nurgül die het hoogste woord voert, ondanks de vermoeidheid van een dag werken. “Ons motto: muziek brengt mensen bij elkaar”, zegt Nurgül. Rian, computerprogrammeur, is de stilste.

De vrouwen ontmoetten elkaar vier jaar geleden bij een workshop van het buitenlandse vrouwencentrum in Helmond. “Waar anderen gaan zwemmen, wilden wij een bandje beginnen”, zegt Nurgül, receptioniste bij Brabants Steunpunt Jeugdwelzijn. Ervaring hadden ze niet, muzikale pretenties nog minder. Het was vooral de bedoeling dat het bandje zou leiden tot zoiets moois als 'integratie' of 'emancipatie.' Dat ze ooit voor volle zalen zouden spelen, zoals onlangs in de Brabanthallen in Den Bosch, konden ze toen niet vermoeden. Voor de meiden zelf heeft altijd de lol voorop gestaan.

Nurgül pakte dus haar moeders saz, een Turks snaarinstrument dat op een luit lijkt. Haar moeder mocht deze vroeger nooit bespelen. Zij is blij dat haar dochter nu interesse voor de muziek heeft en stimuleert haar, waar ze kan. Nurgül heeft wel les moeten nemen om de saz te kunnen bespelen. Rian had al een jaar drumles en Tijen wilde wel bassen. Meryem Soysüren (20) speelt keyboard en haar zusje Meral doet percussie. Zij is met haar 16 jaar de jongste. Gitariste is Kris Pels. Bij de start is de groep geholpen door subsidies van onder meer Helmond.

De eerste zangeres haakte al snel af. Toen vond de rest dat Tijen maar moest zingen. “Ik pakte de microfoon en het klonk best goed”, aldus Tijen, die toen stopte met bassen. Alleen het vinden van een geschikte bassiste is sindsdien een probleem. “Het klikte niet, of de kandidate vond de muziek niet mooi.” Nu valt een man, Coen Pots, in. Ze blijven een vrouw zoeken. “Het maakt niet uit of ze zwart, bruin, geel, of paars is, als ze maar een vrouw is en niet voor het geld speelt.” Kardelen is namelijk een stichting en sinds drie jaar financieel onafhankelijk.

De band brengt muziek uit twee culturen. De klanken van het typische Turkse snaarinstrument saz, naast die van een rockgitaar. De drums zijn neutraal, zegt drumster Rian, die zich eigenlijk nooit heeft afgevraagd hoe je 'typisch Nederlands' of 'typisch Turks' zou moeten drummen. “Ik doe maar wat, of het nou Turks of Nederlands is.” Nurgül schrijft de teksten in haar moedertaal: het Turks. Meestal gaan de nummers over haar eigen gevoelens of die van één van de andere bandleden.

Aan de compositie dragen alle bandleden bij. “Dan is het: 'Stop, ik weet het!' En dan is er weer een nummer klaar”, beschrijft Nurgül. Ze zwaait met haar armen om het te illustreren.

Kardelen is Turks voor Edelweiss. “Het plantje moet knokken om boven de sneeuw uit te komen. Wij zijn ook vechtsters”, legt Tijen uit. Zij werkt in het buitenlandse vrouwencentrum in Helmond.

Vooral voor de Turkse leden was het meedoen aan dit integratieproject een hele stap. Nurgül: “In Turkije zie je nooit een vrouw een instrument bespelen. Vanuit de cultuur kunnen ze dat niet.” Nu staan de meiden bijna elke week op een podium ergens in Nederland. Vaak staan hun trotse ouders in het publiek om ze aan te moedigen.

De meidengroep is het stadium van optreden in kleine zaaltjes voorbij. Kardelen staat nu op de grotere podia, als het Amsterdamse Paradiso, Tivoli in Utrecht en het Rotterdamse Nighttown. Vorig jaar wonnen de dames de talentenjacht voor wereldmuziek 'Kleurrijk Talent.' Op 17 januari zal een hele dag in het Utrechtse kunstcentrum Rasa aan de band gewijd zijn. Verder staat Kardelen door één van de sponsoren ook op het Internet: http://www.paste.nl/kardelen.html.

Het motto van de band, mensen bij elkaar krijgen door muziek, dragen ze ook uit bij het optreden: “We lachen en geinen wat af en ik loop, ren en dans over het podium. Contact met het publiek is voor mij erg belangrijk, maar als wij het leuk vinden, doet het publiek dat meestal ook”, zegt Tijen.

Een optreden begint steevast met mysterieuze, vage klanken die de opkomst van Tijen begeleiden. Plotseling houdt de muziek op, klinkt een indianenroep en barsten de gitaren los. Op de eerste cd, 'Kardelen live', staan ook enkele covers van Tarkan, de Turkse Marco Borsato.

Voor hem hebben de bandleden geen goed woord over. Ze stonden bij hem in het voorprogramma tijdens een concert in ten bate van de familie Gümüs. “Tarkan behandelde ons alsof we niets waren”, briest Tijen. “Zo willen wij nooit worden, wij blijven onszelf”, voegt haar zusje toe.

De recensenten bespraken uiteindelijk het optreden van Kardelen positiever dan dat van hun beroemde landgenoot. Maar dat ze op het podium belandden, dankten ze aan hun brutale aanpak. “Het bleef steeds maar onduidelijk of we wel mocht optreden. Toen zijn we zelf maar het podium opgelopen. Het geluid werd wel opzettelijk laag gezet. Het klonk nergens naar”, aldus Tijen. Sinds deze ervaring speelt Kardelen de covers van Tarkan niet meer.

De bandleden zijn goede vriendinnen geworden. “We bellen elke dag”, zegt Nurgül. “We lachen en huilen ook samen.” Ook met opgestapte musici hebben ze nog contact. Rian is overigens de enige Nederlandse die uiteindelijk is blijven hangen: “Omdat ik zo dol ben op baklava”, zegt de drumster. Zij gaat binnenkort Turks leren. Andersom hebben de Turkse muzikanten Nederlandse gewoontes overgenomen. Zo had Tijen dit jaar een kerstboom in huis. In de Turkse cultuur is het niet gewoon om een boom opgetuigd in de kamer te zetten.

“Je moet van alle culturen het beste nemen”, meent Tijen, die het lastig vindt om een verklaring te vinden voor het feit dat de band in drie jaar tijd wat eenzijdiger is geworden van samenstelling. Ze zou het jammer vinden als Kardelen alleen als een Turkse band wordt gezien. De zangeres windt zich nog steeds op over de nare bijsmaak die het woord 'Turk' heeft gekregen. De band probeert daar met muziek een eind aan te maken: “Het gaat ons om de boodschap.” Tijen zingt over het zoeken naar een identiteit door jonge Turken die hier zijn geboren.

Een tweede cd staat voor februari op het programma en zal, in tegenstelling tot het debuut, alleen eigen nummers bevatten. Het stadium van covers zijn ze nu wel voorbij. Tijen: “Misschien noemen we die wel 'Inatçi'. Dat is de titel van ons nieuwe nummer en betekent eigenwijs.” Rian grinnikt: “Dat zijn we wel.”

mailIcon print |