*

 
dossier

Archief

De voorspellingen zijn heel precies

Door: redactie − 27/01/95, 00:00

Van onze wetenschapsredactie AMSTERDAM - Twaalf uur vooruit durft het Riza in Lelystad de waterhoogte bij Borgharen te voorspellen. Met behulp van het computermodel FLOFOM combineert het de meldingen van waterhoogten in de bovenloop van Maas en zijrivieren met de voorspelde regenval in de Ardennen.

Het Rijksinstituut voor integraal zoetwaterbeheer en afvalwaterbehandeling, zoals het voluit heet, maakte van de hoge waterstanden van december 1993 en januari 1994 gebruik om het computermodel Flow forecasting Meuse, zoals het voluit heet, nog wat bij te stellen. “Voor de meest getroffen gebieden werkte het perfect”, zei het hoofd van de afdeling Rivieren, Sjors van de Kamer, vorige maand in Trouw. Maar hoe verder je voorbij Borgharen kwam, hoe groter de afwijkingen werden. Zo bleek de Maas voorbij Lith zijn bedding dieper te hebben uitgesleten en het water dus gemakkelijker af te voeren, dan was aangenomen.

Tijdens deze nieuwe hoogwaterperiode heeft het Riza nog niet te klagen klachten over het model. Zes uur vooruit kan het tot vijf centimeter nauwkeurig voorspellen hoe hoog de vanuit de Ardennen voortrollende golf regenwater zal zijn. Het verschil tussen de twaalf-uursverwachting en de werkelijk gemeten waterstand bleef volgens verwachting binnen de tien centimeter.

Nog langer vooruit geeft het instituut geen precieze cijfers meer: bij een twaalfuurs verwachting gaat het al over regen die nog moet vallen, voorspellingen voor daarna zouden helemaal sterk op de kunsten van de weerkundigen leunen. En die kunnen juist voor een berggebied als de Ardennen de neerslag pas kort van te voren zien aankomen.

Het model vertaalt de afvoer van water door de Maas ter hoogte van Borgharen in een bepaalde waterstand. 45,10 meter, de kritische grens waarbij in Limburg de eerste huizen met wateroverlast te maken krijgen, komt overeen met 2100 kubieke meter per seconde, zegt ir. A. W. Dollee, hoofd van de afdeling hydrodynamica en veiligheid van het Riza. Dat is géén zeldzame gebeurtenis: gemiddeld kan Limburg dat eens in de negen jaar verwachten.

Gisteravond voorspelde het Riza voor middernacht een afvoer van 2500 kubieke meter. Dollee: “En er hangt nog regen in de lucht, dus het zou naar 2700 kubieke meter kunnen gaan. Dat is een afvoer die je eens in de 40 tot 50 jaar krijgt.”

Ter vergelijking: de piekafvoer van 1993 bedroeg 3120 kubieke meter en die zeldzaamheid is dit jaar dus nog niet aan de orde. Niet dat het niet kàn, statistieken kunnen niets verbieden, maar in principe verwacht je zo'n gebeurtenis niet vaker dan eens in de anderhalve eeuw; de laatste vergelijkbare waterstand was in 1926.

Officieel kreeg de Maas toen nog net iets minder water te verwerken, ruim 3000 kuub, dan in december '93. Maar daar hoort volgens Dollee een kanttekening bij: sinds 1926 zijn er flinke veranderingen geweest in het grondgebruik aan de bovenloop van de Maas. Stedenbouw en andere veranderingen zorgden voor een snellere waterafvoer. Achter de piek van 1926 verschuilt zich dan ook een partij neerslag die, als ze nu zou vallen, de waterafvoer naar een record van 3200 zou brengen.

mailIcon print |