*

 
dossier

Archief

Twijfel en scepsis over breed-religieuze raad

Door: redactie − 29/07/97, 00:00

Van onze kerkredactie AMSTERDAM - “Het enige lichtpuntje aan een eventuele samenwerking tussen de liberale joden en andere kerken is dat de liberalen óns, orthodoxen, dan misschien eindelijk met rust laten.”

Prof. mr. H. Loonstein, prominent lid van de streng orthodoxe joodse gemeenschap in Nederland, ziet geen enkel heil in het idee van een permanent overleg tussen de verschillende godsdiensten over de aanpak van armoede en andere maatschappelijke problemen. De Raad van kerken deed een suggestie voor een dergelijk overleg in reactie op uitspraken van de liberale joodse rabbijn A. Soetendorp.

Er wordt, in kerkelijk Nederland, niet 'automatisch pluriform gedacht', kerken treden 'solistisch' op in de aanpak van maatschappelijke problemen. Rabbijn Soetendorp zei het nog maar eens duidelijk: het gebrek aan samenwerking stelde hem teleur. Hij uitte zijn klacht niet alleen in het Nieuw Israëlietisch Weekblad, maar ook voor Radio 1, zodat heel kerkelijk Nederland ervan hoorde.

Pluriformiteit, overleg (liefst integraal, in ieder geval breed) en coördinatie, wie daarvoor pleit lijkt het gelijk tegenwoordig bij voorbaat aan zijn kant te hebben. Hoe zou in deze multiculturele samenleving een multireligieuze raad nog kunnen ontbreken? De Raad van kerken, die zich de klacht van Soetendorp aantrok, reageerde dan ook prompt. Secretaris drs. I. Bakker bepleitte de oprichting van een 'natuurlijk platform', zeg maar een multifunctioneel overlegorgaan. Soetendorp is enthousiast over dit idee, en daarmee ligt de bal weer keurig in het midden. Want de kwestie is al zo oud als de wereld en het blijft onduidelijk hoe en door wie het platform zal worden opgericht.

Gaat de religie in Nederland nu toch de kant uit die componist Peter Schat zich begin dit jaar fantaseerde op de Podiumpagina? Hij bepleitte de samenstelling van een nieuwe Superbijbel, met daarin één westers Testament voor joden, christenen en islamieten tezamen. Schats voorstel bleef tot op heden zonder vervolg maar het 'natuurlijk platform' van Bakker en Soetendorp zou een eerste stap in die richting zijn. Of blijft alles bij het oude, wat wil zeggen dat de gelovigen ad hoc samenwerken wanneer zij dat nodig achten en verder ieder z'n eigen gang gaan?

Tegenstanders van een gemeenschappelijke aanpak zijn in elk geval makkelijk te vinden. Prof. Loonstein distantieert zich van Soetendorps toenadering met een beroep op de joodse traditie, die leert dat men zich op religieus gebied van de buitenwereld moet afsluiten om het eigene van het geloof te bewaren. “Ook een samenwerking in maatschappelijke aangelegenheden valt niet los te zien van de religieuze traditie.”

Secretaris H. Sanders van het (orthodoxe) Nederlands-Israëlitisch kerkgenootschap acht een dergelijk initiatief weinig zinvol. “De vraag hoe armoede bestreden moet worden is geen godsdienstige maar een economische vraag. Christelijke kerken kunnen daarvoor misschien een beroep doen op de staf van aan hen gelieerde universiteiten, maar de joodse gemeenschap is daarvoor te klein.”

De Nederlandse Moslimraad, bij monde van secretaris mevrouw S. Abdus Sattar, prijst ieder initiatief dat de solidariteit met de minderbedeelden ten goede komt, zoals de oprichting van de Overleggroep Joden Christenen Moslims (OJCM). Zij heeft echter de indruk dat de hulpverlening in Nederland zo lang door de christelijke kerken is gedomineerd dat het voor de andere godsdiensten een kwestie is van 'trachten in een rijdende trein te klimmen' wanneer zij hun steentje willen bijdragen.

“Het lijkt nu bijvoorbeeld,” zegt Abdus Sattar, “alsof bisschop Muskens de armoedebestrijding heeft uitgevonden. Zolang er geen gelijkwaardigheid is van uitgangspunten is het platform gedoemd te mislukken.”

Twijfel dus aan wenselijkheid en haalbaarheid van een permanente samenwerking. Bij de Raad van kerken zelf is de 'trein' trouwens nog niet op gang. Secretaris Bakker is afwezig, maar mevrouw H. Becks laat weten dat het 'niet op de weg van de Raad ligt om de invulling van dit plan op ons te nemen. Wie het wel moet doen is een moeilijke vraag.''

mailIcon print |