*

 
dossier

Archief

Nederlandse dominees preken graag over het 'hiernumaals'

Door: redactie − 18/01/96, 00:00

Van onze kerkredactie AMSTERDAM - De Samen-op-Wegkerken in Nederland zijn vooralsnog niet van plan publiekelijk de traditionele voorstelling van de hel en de hemel uit de geloofsleer te schrappen.

Voorzitter van de gereformeerde synode ds. R. S. E. Vissinga zou het 'onwijs' vinden. “Alsof je het bestaan van het hiernamaals zou kunnen objectiveren en dus ook kunt zeggen: het bestaat niet.” Hij blijft op een begrafenis graag spreken over 'thuiskomen' en 'God die je door het duister tilt'. Wel zijn er jaren geleden in de hervormde kerk en de gereformeerde kerken de rapporten 'klare wijn' en 'God met ons' uitgekomen over het schriftgezag. Daarin werd de opvatting herroepen dat wat in de bijbel staat objectieve waarheden zijn. Ook teksten over het hiernamaals kunnen daardoor vrijer geïnterpreteerd worden. Volgens de voorlichter van de protestantse kerken zullen de kerken het anglicaanse voorbeeld niet volgen. “Iedere zondag proberen dominees dit onderwerp zo gewoon mogelijk neer te zetten, preken ze over het 'hiernumaals'.” Vissinga vindt het interessanter om te discussiëren over homoseksualiteit in de bijbel. En dat je dat niet uit het cultureel historisch verband moet trekken.

Ook de r.-k. kerk houdt vast aan de hel en haar eeuwige duur. De officiële catechismus zegt: “de zielen van hen die sterven in staat van doodzonde, dalen onmiddellijk na de dood af in de hel, waar zij de straffen van de hel, 'het eeuwige vuur', ondergaan.” De grootste straf is volgens de leer “het eeuwig van God gescheiden zijn”. De hel en de uitspraken van de kerk daarover moeten vooral worden opgevat “als een dringende oproep tot bekering”.

Bovendien spreekt de r.-k. catechismus van het vagevuur. Dat is de laatste loutering die de doden ontvangen “teneinde de noodzakelijke heiligheid te verwerven om in de vreugde van de hemel te kunnen delen”.

De huidige paus, Johannes Paulus II, heeft de gelovigen gewaarschuwd niet luchtig te denken over het hellevuur. Toen aan een van zijn voorgangers, Johannes XXIII, de vraag werd voorgelegd of de hel bestaat, zou deze volgens de overlevering hebben gezegd. “Jazeker, de hel bestaat. Maar er zit niemand in.”

Volgens een rapport van het Sociaal en cultureel planbureau over de secularisering in Nederland, 1966-1991, dat begin 1994 gepresenteerd werd, gelooft zo'n vijftien procent van de Nederlanders nog in het bestaan van de hel en acht procent nog in het vagevuur. De duivel deed het beter. Die haalde nog twintig procent. Maar onder gereformeerden was dat zeventig.

mailIcon print |