*

 
dossier

Archief

Westdijk: 'ZUSJE redt het wel'

HANS KROON − 11/01/96, 00:00

Tijdens Het Nederlandse Filmfestival in Utrecht, september vorig jaar, ontstond er een enorme opwinding rond een film waarvan niemand wist dat hij in de maak was en niemand de regisseur en producente kende. Toch won 'ZUSJE' van regisseur Robert Jan Westdijk en producente Clea de Koning, moeiteloos de harten van de critici en het publiek.

Zo ontving Westdijk al op de openingsavond de prijs van de stad Utrecht (bedoeld voor een debuterend regisseur), terwijl de film zelf het Gouden Kalf voor de beste film.

Sinds Utrecht 1995 gaan 'ZUSJE' en zijn schepper door al deze heisa door het leven als de potentiële redders van de al tijden in crisis verkerende vaderlandse speelfilm.

Westdijk: “Het was overdonderend. Ik ben in 1987 afgestudeerd aan de Filmakademie en heb sindsdien in de totale anonimiteit aan 'ZUSJE' gewerkt. In die tijd heb ik enkele media-hypes aan me voorbij zien trekken. De jonge Söderberg die in Cannes met 'Sex, lies and videotapes' een Gouden Palm won. Tarantino die met een paar B-films uitgroeide tot dè regisseur van de jaren negentig. Dat soort media-events verwacht je toch niet in Nederland?”

“Met 'ZUSJE' is mij, op kleinere schaal, nu ook zoiets overkomen. Vermoedelijk doordat ik jaren als een kluizenaar aan 'ZUSJE' had geploeterd, stond ik perplex. Eerst dacht ik dat de hype in Utrecht iets te maken had met de malaise in de Nederlandse speelfilm. In navolging van enkele critici ging ook ik geloven dat 'ZUSJE' aansloeg, omdat mijn film het zicht opende op een weer succesvolle, Nederlandse speelfilm. Maar daar ben ik op teruggekomen.”

“'ZUSJE' is ondertussen ook vertoond op festivals in Thessaloniki en Turijn. Ook daar werd hij uitstekend ontvangen. Nu denk ik dat 'ZUSJE' gewoon een goede film is en daarom in de smaak valt. Toch blijft Utrecht een fantastische ervaring. De dag dat het festival begon stond ik s'ochtends onder de douche en werd ik, al douchend, vier of vijf keer over 'ZUSJE' gebeld. Toen besefte ik het al: 'ZUSJE' en ik zijn een nieuw leven begonnen, we zijn uit de anonimiteit getreden.”

“De mensen stonden in de rij om een kaartje te bemachtigen. Ze hadden er iets voor over om 'ZUSJE' te zien. Tijdens de vertoningen reageerden ze enthousiast. Ik was in de zevende hemel. Je kon vorig jaar immers geen krant open slaan zonder te lezen dat het publiek niet meer naar Nederlandse speelfilms kwam? Wat heeft het dan voor 'n zin jaren aan een film te werken? Door die toestanden in Utrecht ging ik er op vertrouwen dat 'ZUSJE', het wel zou redden.”

In Utrecht werd Westdijk (31) uitgeroepen tot dè heraut van een nieuwe generatie filmmakers. De meeste gevestigde regisseurs zijn al een dagje ouder, verfilmen (literaire) bestsellers, imiteren de Hollywood-cinema, fabriceren Euro-pudding en zouden geen feeling meer hebben met het jonge bioscooppubliek. 'ZUSJE' daarentegen is uit hun dagelijkse leven gegrepen.

Westdijk: “Ik vind het zinloos om met (te) weinig geld grote actie-films of artistieke hoogstandjes te maken. Je kunt uit simpele en herkenbare situaties ook heel krachtige films maken. Dat hebben we met 'ZUSJE' geprobeerd. Na mijn Academie-tijd sleepte ik overal een camcorder mee naar toe. Alles wat er voor mijn ogen kwam, nam ik op. Mijn zusje suggereerde toen dat ik maar eens een film over haar moest maken. Zo ontstond het idee van een film over een jongen die zijn zusje met een video-camera volgt.”

“Mijn tweede film heeft ook zo'n simpel uitgangspunt. Ook die speelt zich gewoon hier af. Hij gaat over jongens die net wat jonger zijn als ik. Binnen mijn beperkingen moet ik in die film actie zien te brengen. Grote en spectaculaire achtervolgingen zijn uit de boze. Maar met rennen en fietsen kun je toch ook dynamiek in je film brengen?”

“Ik heb geen boodschap aan het nadoen van dingen die uiteindelijk in de gemiddelde Amerikaanse tv-serie beter worden gedaan. Mij gaat het erom: wat leeft hier? En meer nog: wat houdt mij bezig? Ik maak de films die ik wil maken. Dat die contrasteren met de gangbare Nederlandse speelfilms is niet mijn opzet. Ik zet me nergens tegen af, wil niemand terechtwijzen en voel me geen vertegenwoordiger van een nieuwe generatie.”

“Wel vind ik het belangrijk dat mijn bedoelingen goed overkomen. Ik denk erg publieksgericht. De kijkers moeten oppikken wat ik er van vind. Daarom heb ik eindeloos aan het scenario van 'ZUSJE' gesleuteld en de film, toen hij eenmaal opgenomen was, getest voor proefpublieken van vrienden en kennissen, of van mensen waarvan ik dacht dat zijn in de film geïnteresseerd zouden zijn.”

“Ik observeerde de reacties: hier gaan ze verzitten, hier zakt de aandacht weg. Ik zette de film dan even stop om over die reacties te praten. Vaak merkte ik dan dat ik iets moest veranderen, de kijker bijvoorbeeld van te voren net even iets meer informatie moest geven om een scène goed te kunnen plaatsen.”

“Dan verschoof ik wat in de film. Dat is we weleens verweten. Een kunstenaar, zeiden sommigen, dient door zijn vakmanschap te weten hoe het publiek reageert. Hallo, dacht ik dan, 'ZUSJE' is pas mijn eerste speelfilm. Ik weet wel wat ik wil vertellen, maar hoe ik mijn bedoelingen moet overbrengen, is nog even de vraag. Dat moet ik nu nog proefondervindelijk uitvissen.”

Jarenlang en tot op het laatste moment heeft Westdijk aan het scenario en de opbouw van 'ZUSJE' zitten sleutelen. Ook bij bijvoorbeeld de keuze van de acteurs ging de debuterende regisseur niet over één nacht ijs.

Toch is het net of 'ZUSJE' uit de losse pols gemaakt is en oogt alles in deze film heel gewoon, heel echt, heel natuurlijk. 'ZUSJE' doet hierdoor denken aan de films van Eric Rohmer. Ook dat is een Pietje Precies die authenticiteit en luchtigheid weet te construeren. Ook thematisch lijken Rohmer en Westdijk verwante zielen. Het kijken en (al of niet goed) interpreteren van het waargenomene speelt bij beiden een grote rol.

Westdijk: “Rohmer heeft een film gemaakt die mij erg aansprak: 'Quatre aventures de Reinette et Mirabelle'. Daar komt een scène in voor waarin een meisje naar de supermarkt gaat. Ze ziet daar een geheimzinnige vrouw met een hoed die wat steelt. Ze achtervolgt die vrouw. Later, wanneer ze weer thuis is, vertelt ze haar vriendin wat ze allemaal gezien heeft.”

“Het was, hoe doodnormaal ook, vreselijk spannend. Voortdurend denkt je: ze gaat de waarheid verdraaien, ze gaat zitten liegen dat ze barst. Maar nee hoor, ze vertelt precies wat zíí gezien heeft en wat wíj als kijker ook gezien hebben. Het was een fantastische 'real time'- ervaring.”

“In die scène van Rohmer zit de werkelijkheid die ik in 'ZUSJE' ook nastreef. De kijker moet voortdurend het gevoel hebben dat het echt kan gebeuren, zich steeds afvragen wat hem nu weer te wachten staat. Dat deze scène zo goed werkte, komt ook doordat die Reinette en Mirabelle hele leuke en levensechte meisje waren die je meteen in je hart sloot.Ook daar heb ik veel van geleerd.”

Voor 'ZUSJE' heb ik eindeloos gezocht naar een actrice die de twintigjarige Daantje geloofwaardig kon spelen. Die was niet te vinden. Actrices van die leeftijd zitten al een paar jaar op de toneelschool en stikken daardoor nog van de maniertjes. Oudere actrices, die die maniertjes weer afgeleerd hebben, zijn stomweg te oud om een twintigjarige nog authentiek neer te kunnen zetten.''

“Uiteindelijk ben ik in zee gegaan met Kim van Kooten. Ze is geen actrice, maar kan gelukkig wel acteren. Dat zij volstrekt authentiek een meisje van twintig is geen kwestie van naturel. Kim heeft natuurlijk wel de juiste uistraling, maar ze speelt dat meisje ook. We hebben er hard aangewerkt om Daantje zo authentiek mogelijk te laten zijn. Ook Daantje is, zoals alles in ZUSJE', gekonstrueerde echtheid.”

mailIcon print |