Van onze wetenschapsredactie AMSTERDAM - Hiv-1, het eerste en meest belangrijke menselijke aids-virus dat in 1983 werd ontdekt, waarde toch al rond in 1959. Amerikaanse onderzoekers beschrijven deze week in het vaktijdschrift Nature hoe zij delen van het virus uit bewaard gebleven bloedplasma uit dat jaar hebben geïsoleerd.
Het bloedplasma was afkomstig van een man, een Bantoe, die leefde in Leopoldsville, tegenwoordig Kinshasa in de Democratische Republiek Congo.
Lange tijd gold een Britse zeeman die in 1959 overleed, als het eerste bewezen geval van een besmetting met hiv-1, en 'zijn' virus daarmee als het oudst bekende. Twee jaar geleden echter kwam vast te staan dat het daar om een buisje bloed ging dat met modern virus was verontreinigd. Sinds die tijd was het oudste bekende aids-virus dat van een Noorse zeeman die vóór 1966 besmet moet zijn geraakt en evenals zijn vrouw en hun negenjarige dochter in 1976 overleed.
Het nu geanalyseerde bloedplasma maakte deel uit van een set van 1 213 buisjes plasma die tussen 1959 en 1982 van patiënten werden verkregen. Uit één van de oudste buisjes isoleerden de Amerikanen met veel moeite kleine stukjes genetisch materiaal van hiv-1.
Het belang van hun ontdekking gaat verder dan het traceren van een aids-virus uit het jaar 1959. Vergelijking van het gevonden genetische materiaal met dat van de baaierd virusstammen die we nu kennen, maakt duidelijk dat het om een voorloper van mogelijks zelfs alle tien stammen van hiv-1 gaat. Volgens de onderzoekers ondersteunt hun analyse de theorie dat dit virus al lang onder mensen circuleerde voor het rond de Tweede Wereldoorlog aan een opmars vanuit Afrika begon.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.