AMSTERDAM - Jesse Jackson heeft er zijn zegje over gedaan, net als de schrijfster Maya Angelou en Kweisi Mfume, de voorzitter van de burgerrechtenorganisatie NAACP. En dat zijn dan nog maar de zwarte kopstukken. Ook het Witte Huis heeft er een mening over, net als de blanke voormalige minister van onderwijs William Bennett. Ze vinden allemaal dat wat dat schoolbestuur in Californië doet maar niets is.
De wetenschappelijke steun voor het schoolbestuur van de regio Oakland in het zuiden van die Amerikaanse staat kwam eind vorige week van het Amerikaanse Taalkundig genootschap. Dat zei tijdens zijn jaarvergadering dat het bestuur gelijk heeft als ze het zogeheten 'zwart Engels' laat gebruiken tijdens de lessen. Want, menen de taalkundigen, de intenties zijn goed: 'zwart Engels' gebruiken als een brug naar het standaard-Engels dat over het algemeen in de Amerikaanse samenleving wordt gehanteerd.
'Zwart Engels' - ook wel ebonics genoemd, een samentrekking van ebony (zwart) en phonics (klanken) - is het dialect dat veel zwarte Amerikanen thuis of onder elkaar spreken. Er zijn tal van afwijkingen in het taalgebruik van het standaard-Engels, met als meest opvallende het gebruik van de dubbele of drievoudige ontkenning (I'm not going back there no more), het volledige werkwoord in plaats van de vervoeging (I be going en niet I am going) of soms helemaal geen werkwoord. Ook wordt vaak het woord Me gebruikt voor I'm (Me so happy, of zoals in het gelijktitelige rapnummer van enkele jaren geleden: Me so horny). En natuurlijk omvat 'zwart Engels' tal van slang-uitdrukkingen, die dikwijls in songs opduiken zoals Uptight (Stevie Wonder) of Groovy.
Vlak voor de kerstdagen besloot Oaklands schoolbestuur 'zwart Engels' officieel als taal te erkennen, daarbij stellend dat zij behoort tot de Afrikaanse taalgroep. Het spreken ervan, aldus het bestuur, is genetisch (lees: historisch en cultureel, niet biologisch) bepaald. Bestuurslid Toni Cook legde er meteen de nadruk op dat het bestuur er niet op uit was 'zwart Engels' op te waarderen, laat staan het als vak te introduceren. Cook: “Ons doel is en blijft de kinderen Engels te leren.”
De praktische uitwerking van de maatregel is dat onderwijskrachten er in worden getraind te herkennen wanneer een van de jongeren zich bedient van ebonics. Is dat het geval dan mag niet meer, zoals in het verleden, de leerling worden gecorrigeerd. De docent moet er notie van nemen en aangeven hoe dezelfde zin of zinsnede in het (correcte) standaard-Engels luidt.
Het schoolbestuur heeft zich bij zijn beslissing vooral laten leiden door de wens de prestaties van zwarte studenten te verbeteren. Van de 52 000 schoolgaande en studerende jongeren in de regio Oakland is 53 procent zwart en van hen moet 71 procent speciaal aanvullend onderwijs volgen. Desondanks blijven hun prestaties aanmerkelijk achter bij de gemiddelde niet-zwarte leerling. Nogal wat zwarte jongeren haken daarom af. Met de acceptatie van ebonics zouden die jongeren meer aan school worden gebonden en zouden ze het gevoel moeten krijgen in een vertrouwde en herkenbare omgeving te zijn.
Schrijfster Maya Angelou zei meteen van het plan te griezelen. “Het idee alleen al dat Afrikaans-Amerikaans een aparte taal is kan jonge mannen en vrouwen aanmoedigen om zich maar geen standaard Engels meer aan te leren.” De felste kritiek kwam van dé zwarte voorman, dominee Jesse Jackson. “Ik begrijp de zorg voor de jongeren, maar dit is een onaanvaardbare overgave die grenst aan minachting. Het is neerbuigend”, zei Jackson voor de Amerikaanse televisie. Volgens hem is het een misplaatste poging van het schoolbestuur om extra subsidie binnen te slepen.
Zwarte jongeren in Oakland, aldus Jackson, moeten net als elders in het land, worden uitgedaagd correct Engels te leren spreken. Want anders worden ze niet toegelaten tot de universiteit. Jackson: “Ze krijgen geen baan bij een van de televisiestations als ze het standaard Engels niet beheersen. En ik verzeker je, dat kunnen ze voor elkaar krijgen.”
De discussie over ebonics mag dan fel zijn, nieuw is het onderwerp niet. In de jaren zeventig probeerden leerkrachten in de stad New York, die werkten met een groep zwarte drop-outs van de middelbare school al uit te vinden wat hun speciale taalgebruik was en in de universiteitsstad Ann Arbor bij Detroit dwongen zwarte ouders de schoolbestuurders gelijksoortige taalprogramma's als nu in Oakland te beginnen.
Yvonne Ewell uit Dallas, Texas was tien jaar geleden als schoolbestuurder betrokken bij zo'n programma in haar stad. “Als zoiets wordt aangekaart, is er altijd weer een hoop verzet en verwarring. Sommige zwarten zijn er verlegen mee, sommige blanken zijn er boos over. Maar hoe je het ook noemt, zeker is dat de spreek- en schrijfvaardigheid van zwarte kinderen allerbelabberdst is en daar boeten ze verschrikkelijk voor op school. We moeten veel meer doen om ze te helpen”, zegt Ewell.
Volgens William Raspberry, een zwarte columnist van de Washington Post, gaat het bij alle heisa over 'Oakland' om het achterliggende probleem: de kwaliteit van het onderwijs aan zwarte kinderen in probleemgebieden. Zwarte kinderen, aldus Raspberry, doen het slecht op school en volgens de laatste rapporten wordt die achterstand op andere scholieren alleen maar groter.
Raspberry: “We moeten alles wat nodig is doen om die trend te wijzigen. Als dat betekent: kleinere klassen, speciaal opgeleide leerkrachten en geld om ze te kunnen betalen, laten we dat dan eisen. En laten we de federale regering vragen daaraan een redelijke bijdrage te leveren. Hoe oprecht ze ook zijn, die schoolbestuurders in Oakland denken de toverformule te hebben gevonden. Ik ben oud en ervaren genoeg om te weten dat dat niet het geval is.”
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.