Op een mooie winterdag je eigen aardperen uit de tuin opspitten, dat geeft een dicht-bij-de-natuur-gevoel. Voor aardperen moet de tuin niet al te klein zijn, zoek er een apart hoekje voor, want ze kunnen flink gaan woekeren. De smaak is een beetje nootachtig. Soms zijn ze op de markt of bij de natuurvoedingswinkel te koop. Maar vers uit eigen tuin is het beste omdat ze vrij snel verschrompelen. Ze worden dus gewoon in de grond bewaard!
1/2 kilo aardperen (topinambours) 3 zeer fijngehakte teentjes knoflook 2 eieren 4 eetlepels gehakte peterselie zout en peper
De aardperen goed schoon boenen, niet schillen. Met water (net zoveel als u voor aardappels zou gebruiken) en wat zout aan de kook brengen, op laag vuur 10 à 15 minuten doorkoken totdat ze gaar zijn maar nog niet tot pap gekookt. Afgieten en overspoelen met koud water zodat ze hanteerbaar worden, pellen. De knollen in de keukenmachine of door een roerzeef pureren.
Aan de puree de eidooiers, knoflook uit de knijper en gehakte peterselie en als laatste het zeer stijf geslagen eiwit toevoegen. In een royale, ingevette ovenschaal gedurende 20 minuten in een warme oven (170 à 180 graden) gratineren en licht souffleren.
Deze schotel kan zeer goed als hoofdgerecht worden opgediend. Voor 4 personen zou ik dan de hoeveelheid aardperen met de helft vermeerderen of er een mengsel van aardappels en aardperen van maken. Een mooie combinatie met een wildgerecht (haas) of gestoofd rundvlees en roodkokende stoofperen.
Vegetarische suggestie: De papetou bestrooien met een lepel droog geroosterde amandelsnippers of zonnebloempitten. Erbij rauwkost van prei, rode paprika en zwarte olijven, gemarineerd in olijfolie, citroensap, knoflook, zout en peper en een schaal gekookte linzen.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.