*

 
dossier

Archief

Facelift van Europa

ANDREA BOSMAN − 30/01/97, 00:00

In Amsterdam vindt tot en met 2 februari het multiculturele project 'De facelift van Europa' plaats. Naast Amsterdam staan vier Europese steden centraal. Vandaag de introductie van Amsterdam.

Die twee gezichten waren aanleiding voor het Goethe-Institut Amsterdam om Frankfurt uit te kiezen als een van de vijf Europese steden die centraal staan in het multiculturele project 'De Facelift van Europa'. Wat is positie van migrantenkunstenaars in een stad waar veel is geïnvesteerd in mooie façades, maar die nu simpelweg moet overleven?

Frankfurt doet Gerda Mentink van het Goethe-Institut in eerste instantie denken aan Rotterdam. De sfeer ligt er niet direct op straat. “Het is echt een handels- en werkstad, die de laatste jaren te maken heeft gekregen met een enorme toestroom van migranten uit voormalig Joegoslavië en het Oostblok”, zegt Mentink, die tevens voorzitter is van de stichting Facelift van Europa. “Voor mij was het een blanco stad. Het Goethe-Institut heeft van oudsher de meeste contacten met Berlijn, die stad lag natuurlijk erg voor de hand. Frankfurt was een nieuwe uitdaging.”

Om zich te oriënteren legde Mentink vele bezoeken af, niet alleen bij ministeries, het hoofd van de afdeling cultuur en andere beleidsmakers, maar ook bij kunstenaars zelf. “De gevolgen van de val van de Muur zijn in Frankfurt te licht ingeschat. De kloof wordt groter. Ik ben op bezoek geweest bij een complex van ateliers in de buurt van een station. Daar hadden zich een aantal Hongaarse, Bulgaarse en ex-Joegoslavische kunstenaars gebundeld. Misschien was mijn indruk extra somber omdat het regende, maar echt vrolijk waren ze niet. Ze hadden dan wel een atelier om te werken, maar hadden geen idee hoe ze hun kunst aan de man moesten brengen, of wat de mogelijkheden waren om te exposeren.”

In Frankfurt, dat bijna 190 000 buitenlanders telt op een bevolking van 650 000 inwoners, komen de initiatieven om de positie van migrantenkunstenaars te verbeteren vooral vanuit de kunstenaars zelf. Vanuit de stad overheerst volgens Mentink de opvatting dat op kunstgebied migranten niet apart behandeld moeten worden. De kunstenaars denken daar zelf kennelijk anders over. Zo was de 'nestor' van de Duitse migrantenliteratuur, Franco Biondi, in 1980 medeoprichter van PoliKunst, de eerste vereniging in Duitsland voor kunstenaars zonder Duitse pas, die probeerde de integratie met het gastland te bespoedigen. PoliKunst is inmiddels opgeheven. Biondi zelf vindt de tijd rijp om het begrip 'migrantenschrijvers' los te laten. Een ander initiatief, het bureau Interart, fungeert als databank voor migrantenkunstenaars. Gerda Mentink: “Dat bureau is ontstaan uit een serie ontmoetingen. Bij Interart kunnen kunstenaars met vragen terecht zoals: hoe benader je het best een uitgeverij?”

Op het gebied van kunsteducatie gebeurt veel positiefs in Frankfurt, vindt Mentink. “De 'Jugend Kulturwerkstatt Falkenheim-Gallus' opereert in een wijk waar het hoogste percentage migranten woont. Scholieren worden uitgenodigd een week lang op een atelier te komen werken met dans, video, beeldende kunst. Voor het zelfbewustzijn van de kinderen is dit heel belangrijk. Over de knelpunten bij dit soort thema's wordt tijdens de 'Facelift' ook gesproken, bijvoorbeeld over de vraag wie laat je het doen, een docent of een kunstenaar, en uit welke pot het betaald moet worden.”

mailIcon print |