*

 
dossier

Archief

Bij Kavafis hangen genot en ontgoocheling vaak sterk samen

PETER DE BOER − 23/01/98, 00:00

Uitgeverij Bert Bakker gaat onverdroten voort met de uitgave van kleine bloemlezingen met vertaalde liefdeslyriek. Ditmaal is de Grieks-Alexandrijnse dichter K. P. Kavafis (1863-1933) aan de beurt, van wie in 'Als ik over mijn liefde niet kan spreken' vijftien gedichten zijn opgenomen. Bij Kavafis hangen genot en ontgoocheling, (homoseksuele) liefde en eenzaamheid, vaak sterk samen. Wat de liefde betreft: er zijn momenten van vervulling, maar die zijn van beperkte duur.

Er wordt dan ook veelvuldig een beroep op de verbeelding en herinnering gedaan om het gemis te compenseren. 'Laat ik mezelf tenminste nu bedriegen met illusies, / dan merk ik de leegte van mijn leven niet', schrijft Kavafis op die voor hem kenmerkende parlando-achtige toon. Het fascinerende is dat hij het erotische tekort zo suggestief zichtbaar maakt dat de kracht van de liefde zelf er telkens onontkoombaar in doorklinkt:

En als ik over mijn liefde niet kan spreken - als ik 't niet heb over je haar, je lippen, je ogen, geven toch jouw gezicht dat ik bewaar in mijn ziel, de klank van je stem die ik bewaar in mijn geest, de dagen van september die opdoemen in mijn dromen, vorm en kleur aan mijn woorden en mijn zinnen, op welk onderwerp ik ook inga, over welk denkbeeld ik ook praat.

Dit korte gedicht illustreert in één moeite door Kavafis' vermogen om in alle nuchterheid te offeren aan de totale passie.

mailIcon print |