MOSKOU, OEFA (DPA, ANP) - De olieramp in de Russische deelrepubliek Basjkortostan, waar twee weken geleden een pijpleiding nabij de rivier de Belaja brak, is ernstiger dan werd aangenomen. De oliemaatschappij zou onjuiste informatie hebben verschaft over de hoeveelheid weggelekte olie.
“Dit is een ongeluk zonder weerga in Rusland”, zegt een woordvoerder van een onafhankelijk milieu-instituut in Sint Petersburg. Het lek ontstond in de pijpleiding bij de plaats Novoaleksandrovka, een buitenwijk van Oefa, de hoofdstad van de republiek. In de 32 jaar oude leiding was door roest een gat onstaan. Het lek bevindt zich op slechts enkele meters van de rivier de Belaja. De Oeral-Siberië pijplijnmaatschappij, die de leiding beheert, meldde dat er honderd ton was weggelekt. Maar volgens de Basjkierse minister van milieu, Roestem Chamitov, gaat het om mogelijk duizenden tonnen. Hij beschuldigde de maatschappij ervan bewust valse informatie te hebben verspreid. Tot gisteren is in totaal 412 ton olie geruimd. De ijslaag op de rivier houdt de verspreiding van de olie tegen, maar bemoeilijkt ook het opruimen ervan. Er zijn grote gaten in het ijs gemaakt, die worden verwarmd om ze open te houden. Door die gaten wordt de olie weggebaggerd en met emmers weggehaald. IJs dat met olie is vervuild, wordt losgebroken, in stukken gesneden en verbrand. Volgens Chamitov moet de olievlek binnen 50 tot 70 dagen zijn opgeruimd, anders bestaat het gevaar dat de olie via de rivier de Kama in de Volga en vandaar in de Kaspische Zee terecht komt. De olie in de Belaja vormt een smerige laag van drie kilometer lang en honderd meter breed. De grootste olieramp tot dusver was in het najaar van 1994 in de noordelijke deelrepubliek Komi, toen een pijpleiding op verscheidene plaatsen brak.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.